Clubs

Een intern bericht sturen
Aan:
CC:
Onderwerp
Bericht
vet - cursief - onderlijnd - titel - link tekst - alinea - voorbeeld
Reageren op dit item
Titel
Reactie
vet - cursief - onderlijnd - titel - link tekst - alinea - voorbeeld
  Gebruik mijn ondertekening
29-12-2003, 23u44, door DeHeld

Het clubleven was het mannenbastion waarin het sociale, en vaak ook politieke en economische leven zich afwikkelde aan het eind van de eeuw. Net voor de eeuwwisseling wordt zelfs beschouwd als dé bloeiperiode, maar de clubs waren natuurlijk zelf al ouder. Reeds gedurende de hele eeuw waren er mannenclubs ontstaan die zich rond een gemeenschappelijke interesse of afkomst of beroep vormden. Het werd het typische bourgeois mannenwereldje. De clubs zelf waren lang niet allemaal stereotiep, oorspronkelijk waren het privévertrekken in een taverne of pub, of een restaurant. Ze leverden naast goed gezelschap en gelijkaardige interesses ook krediet en een bewijs van stand. Taverneclubs bleven bestaan, maar de hogere en middele klassen verhuisden naar een club met lidgelden in een eigen pand (meer geinstitutionaliseerd dus). Een voorbeeld is de Traveller's Club die in 1814 werd opgericht - de leden moesten een bepaalde afstand van het moederland geweest zijn om voor toegang in aanmerking te komen. Clubs verspreidden zich in Londen en in de grote steden. Exclusiviteit werd vaak gekoesterd enerzijds door hoge lidgelden en anderszijds door verkiezing (soms heel rigoureus, nieuwe leden moesten ter stemming voorliggen en soms was een enkele zwarte bal (een nee-stem) al fataal). De clubs werden natuurlijk ook uitgebreider: men kon er dineren, gokken, biljarten, had er leeszalen en zitkamers. Sommigen hadden zelfs kamers ter beschikking. In tegenstelling tot het beeld dat werd opgehangen van de belangrijkste en meest elitaire clus, was vooral de middenklasse er dol op. De mannen dan toch, want het was een exclusief mannelijk wereldje. Tientallen clubs zagen het levenslicht, doorgaans gestratifieerd naar inkomen en status. Stijf, pompeus en deftig zijn meestal de beschrijvende kenmerken, want clubs werden bijzonder au serieux genomen. Naast de eerder statische, intellectuele clubs steeg aan het eind van de eeuw de populariteit van sportclubs.




De leden waren vaak jonge vrijgezellen. Industrialisering trok de gezinnen naar de suburbs, en vrijgezellen bleven vaker in de stad wonen, temidden van het sociale leven. Ze konden dan hun club gebruiken voor hun gasten te ontvangen (op uitnodiging kunnen die bepaalde vertrekken van de club bezoeken); ze kregen vaak zelfs briefpapier met hoofd van de club om te corresponderen via de club. Er waren daar ook bedienden, en alles wat een gentleman nodig zou hebben. Een kleine flat voldeed dan aan de behoeftes, omdat daar geen gasten moesten onderhouden worden. Net daarom was de sfeer er zo goed voor getrouwde mannen, die er konden genieten van cuisine, rust, bediening en haardvuurgesprekken zonder dat er vrouwen of huishouden aan te pas kwamen. Bovendien was de club nuttig omdat men er contacten legde met mensen van dezelfde sociale groep, afkomst of beroep. Drinken, roken, biljarten, gesprekken van mannen onder elkaar: het kon er allemaal (vergeet niet dat de Victorianen de theoretici waren van veel sekseverschillen!). Op die manier werkte men een gevoel van broederlijkheid in de hand. Afzondering was dan ook belangrijk: de club was een deel van de privésfeer, weg van de openbaarheid. Dat betekende ook dat de dingen er openlijker besproken konden worden dan bijvoorbeeld in het parlement of de pers. Alle clubs waren voor mannen, en er was een aanbod voor alle interesses en budgetten. Men kon dan ook lid zijn van meer dan één club. Clubcultuur werd door zijn invloed op jonge vrijgezellen die wars waren van een opdringerige huiselijke cultuur een alternatief voor getrouwd leven, wat kon leiden tot mysoginie, en homosociale omgang die soms opmerkelijk amoureuze proporties aanhing. In die sfeer kwamen getrouwde mannen kwamen er hun gezin vergeten.Platonische liefde tussen mannen als het sterke geslacht was een gangbaar idee (uranianisme geloof ik) maar dat hielp de verdrukte positie van homofielen er niet op vooruit: Victoriaanse cultuur was nu eenmaal niet zo permissief.




Dit maar als een klein beetje achtergrond over wat die clubs nu precies waren. Ik adviseer verder de lectuur van volgende sites. Er staan ook heel wat historische voorbeelden tussen.




Als bron ook even het werk vermelden:TOSH JOHN, A man's place: masculinity and middle-class home in Victorian England, London, 1999. Waarvan ik ooit nog wel meer uitgebreid de ideeen ga samenvatten.

Reacties

door Ulfgar
pluijmvee, 392 / 2151
gepost: 28-9-2004
om 8u43
Re: Clubs
G*****, had ik dit eerder geweten, dan had ik tenminste meer kunnen weten in de toko waar ik werk binnen MotRD....




Had ik nou toch maar beter naar DeHeld geluisterd...
Remko


"Ältere Freundschaften haben vor neuen hauptsächlich das voraus, dass man sich schon viel verziehen hat."

-Johann Wolfgang von Goethe

naar boven