"Liefste kristel, het gaat goed met me", begon de heer Westerlook zijn brief. Een belangrijke brief, want voor het eerst sinds de feitelijke scheiding, nu ruim anderhalve maand gelegen, zou hij het woord richten tot zijn ex-vrouw. Want hij was er volledig klaar voor, hij had zich, met de hulp van het fijnzinnige boekje "de band gebroken, het hart te hard", volledig over de breuk heen gezet. Ze kon hem niets meer maken, hij was nog steeds de succesvolle administratief deskundige bij RMV logistics. Hij was nog steeds de liefdevolle en trotse vader van Anneliesje, het lief klein dochtertje van 10 (net geworden) en nog steeds de stoere baas van Ludo, de veertienjarige golden retriever (die naast de TV ligt).
De eerste en belangrijkste zin stond er, en daar was Wilfried toch wel trots op, want om die zin draaide het eigenlijk allemaal. Dat was het laatste hoofdstuk uit dat meesterlijke boekje, het schrijven van de het-gaat-goed-brief. Met enkele welgemikte pennentrekken maakte hij er nog "het gaat heel goed met me" van.
'Eigenlijk kan die brief zo de post op', dacht Wilfried nog, maar zijn gedachten waren nog niet koud of zijn meesterlijke grijze-mapjes-brein had al weer enkele geniale invallen om het Kristel betaald te zetten. Want het was hààr schuld, dat stond vast, Ludo dacht er ook zo over, en na dat ijsje sprak Anneliesje hem ook niet meer tegen. Zíj was het immers afgestapt op die tumultueuze vrijdagavond, toen hij zoals elke week nog eens naar een interessante video over het Canadese merengebied keek. Nét toen Wilfrieds sympathieke collega, een uitgeweken Deen die van vissen hield, op bezoek was. Zomaar, zonder enige aankondiging had ze de afstandbediening naar de hond gegooid en was boven haar koffers gaan pakken. En die van Annelies.
Wilfried werd er weer helemaal opgewonden van. Maar daar had hij nu een trucje voor, ook uit het geweldige boekje: een fris glas melk met het sap van een halve citroen, in een keer uit te drinken. Wég met de opwinding, weer rust. En omdat Wilfried had voelen aankomen dat het een zware taak ging worden (en omdat het in het boekje werd aangeraden), had hij die middag een hele thermos gevuld. Want er stond ook dat het belangrijk was niet te opgewonden te worden bij het schrijven van de het-gaat-goed-brief.
"Ook met Liesje en Ludo gaat het goed". Dat was makkelijk: met Ludo ging het altijd goed en dat over Annelies had zelfs geen leugentje om bestwil moeten zijn. Want het wàs leuk geweest toen ze dit weekend was langsgekomen, Wilfried had immers allerlei leuke spelletjes klaargezet. Maar dat bleek niet eens nodig, want Annelies had afgesproken met een vriendinnetje dat ze daar ging logeren tot zondagmiddag. Toen ze terugkwam was hij met haar nog een paar lekkere ijsjes gaan eten (jaja, met Liesjes eetlust is niets mis). "Zie je wel!" [weer een slok uit de thermos]
Volgens het boekje moest hij nu vertellen dat het op het werk ook goed ging, maar omdat Wilfried altijd eerlijk was, sloeg hij dat maar over. Het is immers niet makkelijk om je overste ervan te overtuigen dat het goed gaat op je werk als dat eigenlijk niet helemaal waar is. Kristel had immers zijn aanvraag om vroeger door te mogen op vrijdag (om Liesje op te halen) samen met zijn applicatie voor een bedrijfswagen de prullenmand in gekieperd.
"Ook het huishouden verloopt vlekkeloos…", zo moest de volgende alinea beginnen volgens hart te hard. Maar dat was weer gelogen, want zonet nog had hij de pot abrikozenconfituur over de keukentafel omgestoten, toen hij tegelijk een omelet spécial wilde bakken en de video programmeren, en waspoeder moest hij nog gaan halen (morgen). Daar maakte hij maar gauw "Ook het huishouden verloop op wieltjes." van. Dat was wél waar, want zowel de video als de stofzuiger stonden op wieltjes, en dat waren twee huishoudelijke dingen die hij vandaag gebruikt had. 'Een stevig statement, daar zal ze niet van terughebben', mompelde Wilfried bij zichzelf. 'Nu vlug de vaat laten staan en dan naar die documentaire over de secretarisvogel op national geographic kijken, een dier dat me altijd gefascineerd heeft'.
Een dik uur en veel schitterende natuurprenten later keerde Wilfried terug naar de keukentafel, waar zijn brief nog steeds lag te pronken tussen zijn avondeten. 'Kort maar krachtig' gromde hij nog bij zichzelf, waarop hij zich verslikte in een laat stukje omelet... [confituurvlek]



