Daar waar de toren staat,
waar menig man de dood vond
Daar waar de tovenaar leeft.
Ik zag hem één enkele keer
Met zijn lange, witte baard
En sinds die tijd kom ik daar niet meer
Ik was helemaal van de kaart
Daar in die toren
Die zwarte toren
Daar huist het kwaad
Dat menig man versaagd
Daar in die toren
Die zwarte toren
Daar heerst er angst
Wie wordt zijn volgende vangst
Als in de stille avondstond
De zon ten onder ging
En ik me bij de toren vond
Een kille wind, een zucht
Een hese stem fluistert in men oor
“Heldendom is toch een klucht”
De toren lokte me bijna naar binnen
Zodat ik eeuwig duisternis zou beminnen.
Daar in die toren
Die zwarte toren
Daar huist het kwaad
Dat menig man versaagd
Daar in die toren
Die zwarte toren
Daar heerst er angst
Wie wordt zijn volgende vangst
De stenen waren met bloed versierd
Waarschijnlijk van een jonge maagd
Een gevangen ziel dat roept en tiert
haar botten afgekookt in de open haard
En zie ik ooit de toren terug staan
Dan maak ik me er vlug vandaan
Nooit ga ik nog naar die toren
Zijn lokroep zal me nooit bekoren.
Daar in die toren
Die zwarte toren
Daar huist het kwaad
Dat menig man versaagd
Daar in die toren
Die zwarte toren
Daar heerst er angst
Wie wordt zijn volgende vangst
Edit: dit is ook één van de balades van de barde Iona uit mijn AD&D groep. Deze keer werd de inspiratie gehaald uit de meezinger "Daar bij die molen"




