Claw's Background.

Een intern bericht sturen
Aan:
CC:
Onderwerp
Bericht
vet - cursief - onderlijnd - titel - link tekst - alinea - voorbeeld

Dit item bevindt zich in:

Meer ... > Eigen schrijverij > Daanio0's D&D Story's.

Reageren op dit item
Titel
Reactie
vet - cursief - onderlijnd - titel - link tekst - alinea - voorbeeld
  Gebruik mijn ondertekening

Reacties

door daanio0
draak, 3080 / 3161
gepost: 24-7-2011
om 16u02
Claw's Background.
En hier is mijn laatst geschreven background, naar mijn mening mijn beste. Trouwens, Shorebound (belangrijk voor de background) is een soort gevangeniseiland, waar een grote verborgen stad is, Deep Rock genaamd, waar Mjöllnir een, zoals mijn DM beschrijft, "een soort über machtige leider" is. (Dit is trouwens een sentinel, een soort Shaman met een wolf Companion).



Claw werd geboren als de zoon van Flesh. De vader was onbekend, maar dat was normaal in hun stam. De vader kon een van de vele mannen zijn in het dorp, maar wie het nou echt was was niet duidelijk. En dat is het ook niet voor ongeveer 95% van hun stam. De stam zelf bestond uit ongeveer 150 shifters, en allemaal hadden ze hun eigen taak. Je had de verzamelaars, die op zoek gingen naar water, bessen, en stukken vlees die door andere dieren waren blijven liggen. Dan heb je nog de jagers, die eigenlijk wel voor zich spreken: Hun taak was het jagen van dieren, zodat er genoeg vers vlees zou zijn, en eventueel nog een indringer vermoorden. Als er een oorlog was met een andere stam, of een groep mensen die op zoek waren naar goud, geld, of iets anders, dan had je de derde groep: De Guardians. Deze groep was klein, rond de 25, maar stonden wel zeer hoog aangeschreven. Ze waren voor het verdedigen van het kamp, en natuurlijk voor het aanvallen van vijandige stammen.

Flesh was één van de verzamelaars, die het laagst van allen stonden aangeschreven: Zij waren altijd de voorhoede van het gevecht, zij die als eerste ten val kwamen aan de pijlen en vallen van de tegenstanders, zij die het meestal niet overleefden. Zo gebeurde het ook met Flesh: Ze stierf oneervol door 3 pijlen in haar borst, en viel ter plekke dood neer. Claw was toen pas 11 jaar oud, maar treurde niet om zijn moeder. Hij had het immers overleeft, en wat was er nou belangrijker dan je eigen leven?

Claw was dus al grotendeels op zichzelf aangewezen door de dood van zijn moeder. Hij mocht dan wel wat vlees krijgen van zijn stamleden, maar veel was het niet: Hij bracht immers zeer weinig binnen, dus waarom zou hij dan veel krijgen? Hij kon wel bij de verzamelaarsgroep gaan, maar hij wou niet zo eindigen als zijn moeder: een oneervolle dood, zonder actie. Hij was alleen te jong, en al zeker niet sterk genoeg, om bij de jagersgroep te gaan, en de wachters kon hij wel vergeten: Die waren zeer corrupt, en de enige kans om daar bij te komen was in ruil voor voedsel: veel voedsel.

Het enigste waar Claw ook maar een beetje voordeel mee had, waren zijn hersens. Jammer genoeg ging het bij de shifters niet om hersens, maar om kracht. Claw had echter een manier bedacht om die hersens om te zetten in eten: "Tovenarij". Of tenminste, hij noemde het tovenarij, in onze wereld zouden we het anders noemen: "Oplichterij". Hij bedacht de meest ingenieuze ideeën om voedsel te winnen. Hij gebruikte dobbelstenen die hij aan 1 kant wat verzwaarde, waardoor de kans op de andere kans een klein beetje groter was. Vogels die uit het niets kwamen, door de aandacht kort ergens anders op te richten, waardoor het publiek hun aandacht even niet op zijn handen vestigde waardoor hij snel een vogel uit zijn broekzak pakte. Zo had hij zeer veel trucjes, en doordat de rest van de stam nog wel op kracht gebaseerd was, had niemand van hen zijn trucjes door.

Echter, na de zoveelste voorstelling, en nadat hij door weddenschappen weer voor een week eten had gewonnen, gebeurde er iets vreemds. Hij was in de tussentijd 14 jaar oud, en hij speelde even met de fret die hij voor zijn show had gebruikt (het ging om de truc om een mannetjesfret in een vrouwtjesfret te veranderen, terwijl hij hem gewoon "castreerde), en hij zei wat woorden tegen hem. Hoewel de fret nog steeds verging van de pijn, hij was immers iets belangrijks kwijtgeraakt, reageerde hij toch een beetje op de woorden die Claw zei. Als Claw "op" zei, dan zag je de fret een klein beetje met zijn hoofd omhoog gaan, en als hij "neer" zei zag je de fret met zijn kop wat omlaag gaan. In het begin had Claw dit nog niet door, maar als snel viel het hem op, en hij besloot de fret kunstjes te leren.

Na enkele dagen kon de fret al springen, op commando gaan liggen, dood rollen en zelfs een koprol. Het was nog niet heel erg verbazingwekkend, maar het zag er al wel vrij goed uit. Jammer genoeg stierf de fret de dag daarop, waarschijnlijk aan ontsteking waar zijn castratie plaats had gevonden. Maar Claw gaf niet op, en hij bleef doorgaan met het trainen van dieren. Zo leerde hij kleine vogeltjes vliegen in een bepaalde vorm vliegen, en dat soort dingen. Ook hiermee lukte het hem om geld te verdienen: Hij liet elke toeschouwer een stuk vlees betalen, en degene die als eerste de vorm kon zeggen die het vogeltje vloog, kreeg al het vlees. Gelukkig voor Claw waren ze niet goed in rekenen, dus ze geloofden gelijk als Claw zei dat 10 toeschouwers maal 1 stuk vlees 5 stukken vlees waren, zodat Claw er 5 voor zichzelf hield. Zo had hij vele trucjes, en weer kon hij voor enkele jaren vlees verdienen. Sterker nog, hij had meer vlees dan ooit, en hij hoefde de dieren maar kleine trucjes te leren (een andere vorm vliegen), en dan konden weer alle leden van de stam raden naar de vorm, en had hij weer vele stukken vlees.

De oorlogen gingen echter door, meestal tegen mensen die de shifters als afschuwelijk zagen. Ze zagen ze als het begin van weerwolven, en de verhalen gingen dat als je shifters niet snel genoeg doodmaakt, ze gek worden, meer haar krijgen, en steeds meer trekjes van weerwolven krijgen, totdat ze zelf weerwolven werden. Dit was natuurlijk niet waar, maar het was voor vele mensen een goede rede om de shifters aan te vallen: Zo konden ze weer veel wapens, goud, zilver, en slaven ronselen voor hun slechte doeleinden. Iedereen was wel ergens handig voor, maar Claw was nog steeds alleen nuttig als levend schild. Tot zo ver had hij het altijd overleeft, al had hij wel een enkele wond opgelopen, maar nog steeds voelde hij zich niet veilig. Hij moest iets anders bedenken, en al snel had hij een goed idee. Wat nou als hij verschillende vogels zou trainen, die hem konden helpen. Hij begon er gelijk mee, en het was moeilijk om zijn concentratie zo te krijgen dat er meer dan één vogel kon luisteren. Na weken van oefenen had hij het eindelijk onder de knie om 2 vogels te besturen, en na 2 maanden lukte het hem zelfs om er 3 te besturen. Hij had 3 verschillende vogels, 1 rode, die bovenop iemand hoofd kon gaan zitten. Als hij daarop zat lette hij goed op de hersenactiviteit van de drager, en wist hij precies op welk moment hij moest aanvallen.

Hij had ook nog twee blauwe vogels, die een vreemde, lange tong hadden. Als iemand een wond had, likte de vogel eroverheen, en langzaamaan begon de wond zich te helen. Toen hij dit aan zijn stamleden liet zien, besloten ze dat hij niet meer als levend schild zou werken, maar achter bij de jagers bleef staan, en ze vanaf daar zou helpen. De eerstvolgende oorlog ging al stukken beter, en de shifters die door Claw waren geholpen waren hem zeer dankbaar, en gaven hem uit respect stukken vlees. Een was hem zelfs zo dankbaar, dat hij hem een klein wolfje aanbood. Claw vroeg waar de wolf vandaan kwam, en de andere Shifter, Nail genaamd, begon met het vertellen van een verhaal.

Enkele weken geleden liep ik alleen door het bos, omdat ik eten aan het zoeken was. Ik hoorde achter me wat geluid, en ik draaide me langzaam om, bang voor wat er achter me zou staan. Ik zag echter niks, alleen wat gras en een struik, en ik liep weer verder. Ik hoorde na enkele minuten weer een zacht geritsel en het breken van een twijgje. Ik keek om, en zag een zwarte gedaante plotseling van het ene naar het andere bosje rennen. Ik draaide me om naar het andere bosje, en net op dat moment sprong er een grote wolf uit het bosje, recht op mij af. Ik bedacht me geen moment en ik stak mijn speer naar voren. Wonder boven wonder wist het wolf-achtige wezen hem niet te ontwijken, en hij sprong recht in de speer: Zijn keel werd volledig doorboort door de speer. Dewolf was op slag dood, maar toen viel me iets op: zijn buik was wel erg dik. Terwijl ik mijn mes pakte en langzaam de huid bij zijn buik opensneed, kwam er dit kleine wolfje uit. De wolf was een vrouwelijke... De kleine wolf was bijna klaar om geboren te worden. Ik besloot de wolf te houden en hem op te voeden als mijn eigen kind, maar nu geef ik het aan jou: Mijn redder in nood.

Claw was Nail heel erg dankbaar, en hij besloot de Wolf zo goed mogelijk op te voeden, en hem Filtiarn te noemen, genoemd naar de eerste weerwolf. Hij leerde de wolf vele trucjes, zoals op commando lopen, aanvallen, en nog veel meer. Het kostte hem jaren om zo'n groot beest bevelen te geven, maar uiteindelijk lukte het hem. Na enkele maanden lukte het hem zelfs om zowel de vogels als Filtiarn te commanderen, en in het gevecht bewees hij zijn kunsten: Zijn wolf hielp met het aanvallen, en zijn vogels hielpen zijn stamleden. Nu hij echter een belangrijke rol had, besloot hij zijn hulp te verkopen: Degene die het meeste boden voor zijn vogels kregen hen: Hij hield ze het gehele gevecht apart, totdat degene die het meest had betaald het nodig had. Zo verdiende hij nu zijn vlees, en hij had een hoog aanzien in de stam zelf. Ondertussen raakte hij steeds beter bevriend met Nail, en ze vochten altijd zij aan zij in het gevecht.

Het ging zeer goed, en Claw's prestige oversteef zijn stam. Hij werd bekend, al was het meer gevreesd, in zijn gehele regio, en hij voelde zich hier niet meer thuis. Het steeg hem allemaal naar zijn hoofd, en hij voelde zich king of the world. Hij had zich opgevochten van een meatshield in de strijd, naar een belangrijk en gerespecteerd lid van de clan. Officieel waren er nog ruim 20 mensen boven hem: Het stamhoofd en enkele Guardians, maar zelfs de Guardians keken tegen hem op, en het stamhoofd had ook respect voor hem, en hij was meestal 1 van de 3 mensen die de vogels kochten. Echter, Claw voelde zich alsof hij ver boven het stamhoofd stond, en zo handelde hij ook: Hij deelde taken uit aan de andere stamleden, en langzaam maar zeker kreeg het stamhoofd haat aan hem: Hij was degene die de taken hoorde uit te delen, en dit pikte hij natuurlijk niet.

Na enkele maanden, op Claw's 17e verjaardag, was het stamhoofd het zat: Hij daagde Claw uit voor een Duel, tot de dood erop zou volgen. Claw zag dat niet zo zitten, want hij wist dat bij een eerlijk duel hij alleen moest vechten, en dus Filtiarn niet mee zou mogen doen, en ook niet de vogels... Claw besloot het anders te doen: Hij zei tegen Filtiarn in zijn hoofd dat hij het stamhoofd aan moest vallen, bijgestaan door de rode vogel, en met 2 felle beten lag het stamhoofd al op de grond, kermend van de pijn. Waarom, vroeg het stamhoofd, waarom hebt u mijn duel niet aanvaard, en gevochten als een echte man, zodat echt duidelijk zou zijn, wie er nou sterker is. Hierop antwoorde Claw: Een echte man vecht wanneer hem dat uitkomt, en dit leek mij het goede moment. En na dit gezegd te hebben, stak hij zijn speer in de keel van het stamhoofd, terwijl Filtiarn nog wat aan zijn arm begon te trekken.

Hoewel niet alle stamleden vonden dat Claw nu de echte leider was, gedroeg hij zich toch zo, en de stam ging een tijd van welvaart en geluk tegemoet. Het idee van de stam veranderde volledig. In plaats van dat overleven nu hun top prioriteit was, besloten ze het over een andere boeg te gooien: Ze gingen andere stammen aanvallen, maar op een hele sluwe manier. In hun directe omgeving waren er 5 stammen, maar Claw wist dat hun ze niet allemaal aankonden. Hij sloot dus met 3 van de 5 stammen vrede, en met z'n vieren, vielen ze de andere 2 stammen aan. Die 2 stammen werden volledig verwoest, en de gevangenen gingen in de strijd als levende schilden dienen. Daarna zei Claw tegen 2 van de 3 stammen dat zij beter waren dan die andere stam, en dat die 2 stammen daarom het recht hadden om de andere stam te overheersen. Met z'n drieën vielen ze dus die stam aan, en ook die stam werd overwonnen. Zo deden ze het ook met de andere 2 stammen, en langzaam maar zeker werden ze steeds sterker.

Aan het einde van de oorlog van de 6 stammen, zoals die oorlog in de mond van het volk van Claw werd genoemd, had de stam van Claw maar liefst 350 shifters, met aan het hoofd Claw, gesteund door zijn vogels en Filtiarn. Het verging hem heel voorspoedig, en zijn land was groot, en hij werd door de andere shifters gevreesd. Het grootste probleem was echter toch wel dat hoewel ze met velen waren, er toch niet veel te doen was. Het eten was goed geregeld, onder leiding van Nail, de Guardians ook, nu onder de leiding van Claw zelf, en er werden zelfs ontdekkingreizen georganiseerd, in de hoop dat er misschien een schat zou worden gevonden, of iets goeds om plunderen.

Hoewel Claw nog vrij jong was, nu 22 jaar, was hij toch een goede leider, en dat werd wel bewezen toen ze ongeveer 200 kilometer verderop een dorpje hadden gevonden. Het was een dorpje met ongeveer 500 inwoners, zonder een muur, maar wel met veel rijkdommen. Van ongeveer 10 kilometer verderop zagen ze al een grote toren, met daarbovenop het teken van Pelor, de zonnegod. En iedereen weet dat er in een tempel van Pelor veel waardevolle spullen zijn.

Toen dit bericht Claw bereikte, twijfelde hij geen moment, en hij verzamelde gelijk alle troepen. Claw had de leiding over de Guardians, en Nail over de voedselzoekers en de meatshields. Terwijl Nail de frontale aanval aanvoerde, en het dorp hevig verdedigt werd, kwam Claw met zijn 50 Guardians aan, en raakte ze in de achterkant. Hun boogschutters, die achteraan stonden, konden zich amper verdedigen, en al snel gaf het dorp zich over, want de mannen stierven met bosjes tegelijk. Claw sloeg nog 2 koppen af, hij kon immers niemand sparen, dat zou niet leuk zijn, en daarna rende hij als een dolle naar de tempel. Gevolgd door een groep van 40 Guardians (er waren er 10 overleden) en Nail (Die zijn vriend natuurlijk niet alleen kon laten genieten) beukten ze de deur in, en ze zagen ruim 60 oude vrouwen, en nog eens 40 baby's. Een echte veroveraar zou die bejaarden en baby's niet sparen, en zou ze gewoon de kop afhakken. En zo deed ook Claw: Hij trok zijn speer, en doorboorde met 1 stoot een bejaarde, waarna de baby op de grond viel en zijn nek brak. Filtiarn beet nog in de arm van een baby's die op de grond zat, en slingerde de baby de halve tempel door, waarna hij op de grond belande met een zachte klap. Dood. Ook de andere Guardians slachtten de bejaarden en baby's zonder enig schaamtegevoel af, en daarna bestolen ze de hele tempel van al hun rijkdommen.

Na de slag keerden ze langzaamaan terug naar huis, met alle rijkdommen die ze hadden, zowel uit de tempel, als enkele hoofden die als versiering konden dienen, en natuurlijk ook een heleboel wapens, schilden en malienkolders, en nog meer, want het was bijna allemaal van betere kwaliteit dan de wapens die de BellyBiters, zoals de stam werd genoemd, hadden, en volgepakt en in een goede stemming keerden ze terug naar hun kamp. Een reis van 200 kilometer, ongeveer 5 dagen lopen.

Op de 4e nacht, de op één na laatste voordat ze terugkwamen in hun kamp, werd Claw bezocht door een Shifter, volledig gehuld in het zwart. Hij was moeilijk te zien in het donker, en hij sprak met een diepe, vloeiende stem: Claw, jij denkt dat je groot bent. Je voelt je machtig, je denkt dat je alles kan maken. Jij denkt dat je sterk bent, maar jij verschuilt je maar in dat bos, niks echt bedreigends aanvallend. Je bent zwak, zeg ik u, je kan niks doen, dat je ook maar een beetje groot maakt. Claw was verbaasd, en had ergens wel respect voor deze man. Iets wat hij voelde voor het eerst in zijn 22 jaar. Hij zei: Oh, dus wat zou mij ervoor behouden om mijn macht te laten blijken, en jou nu gelijk je strot door te snijden? Hierop antwoordde de zwart-geklede shifter: Probeer maar. Claw liet Filtiarn de shifter in de rug aanvallen en zelf stak hij zijn speer vooruit. De Shifter sprong echter in de lucht, ontweek daardoor Filtiarn, en Claw kon nog net zijn speer aan de kant doen, anders was Filtiarn er misschien ingelopen. Claw keek ongelovig naar wat er zojuist gebeurde, de snelheid van de shifter was niet voor mogelijk te houden, maar voor hij het goed en wel besefte, voelde hij ineens een mes tegen zijn keel. Het was de shifter, die stilletjes achter hem terecht was gekomen. De shifter fluisterde: Je probeerde het, en je faalde. Ik geef je nu een keuze. Of je gaat mijn heer en meester, Mjöllnir, gehoorzamen en doen wat hij zegt, en ik zorg dat je eindelijk de echte wereld kan zien, hoe andere mensen leven. Ik zal er persoonlijk voor zorgen dat je daar terecht komt. Mjöllnir weet al over je grootse daden bij het dorp van 4 dagen geleden, en je zal daar goed ontvangen worden ontvangen, en je zal een baan aangeboden krijgen. Je kan daar een grote militaire loopbaan krijgen, je kan dan pas echt groots worden. Of, en hier komt de andere keus: Je krijgt nu dit mes ongeveer 15 centimeter dieper je keel in geduwd, en je kan er niks aan doen. Natuurlijk was de keuze voor Claw nu niet heel erg moeilijk meer, en hij besloot de eerste keus te nemen. De shifter zei: Okee, zorg dan dat over 4 weken aankomt bij het schip dat naar de First Gate op Shorebound gaat, er zal daar iemand staan die je wel zal herkennen, en die legt alles verder uit. En hoewel Claw de shifter goed nakeek, was hij door de omhullende duisternis al na 2 meter verdwenen, en Claw wist hem wat hem te doen stond. Hij kon wel vluchten, maar als binnen 4 dagen ze al iemand hadden kunnen laten komen vanuit shorebound, konden ze hem vast ook wel binnen enkele weken opsporen, en dan wel zijn strot doorsnijden.

En zo ging Claw dus, alleen samen met Filtiarn op weg, naar het verre en onbekende shorebound. Hoewel de weg zwaar was, hij moest immers door veel vijandelijke landen, ging hij toch vrij vlot. Na een week was hij al over één derde, dus hij was goed op schema. Onderweg at hij van wat Filtiarn voor hem ving, en van enkele bessen die hij onderweg tegenkwam. Hij doodde de tijd met kleine vogeltjes via zijn brein proberen over te nemen, en zodra dat was gelukt, liet hij ze met volle kracht tegen een boom of rots vliegen, waardoor je een vermakelijke kraak hoorde, en het vogeltje zijn nek had gebroken, een gebroken schedel of iets dergelijks had, en de veertjes in het rond vlogen. Vermakelijk, vond Claw, en hij bleef er mee doorgaan. Of hij liet Filtiarn met een wezel of een wezen van dergelijke grootte vechten, en dan liet hij Filtiarn op de meest gruwelijk manier winnen. Genieten.

Toen hij ongeveer op de helft van de reis was, en hij zojuist een vogel tegen een boom had laten vliegen, hoorde hij in de verte een geschreeuw. Het enigste dat er door Claw heen ging, was "vlees", en hij liep behoedzaam op het geschreeuw af. Daar zag hij een grote Goliath een paar kleine Goblins af slachtten, met al het bloed en gebroken botten erbij. Claw kwam niet te dichtbij, hij was immers te laf om zo'n groot beest aan te vallen en net zo te eindigen als de goblins. Na een tijdje raakte hij verveeld, en hij besloot maar weer verder te lopen. Er was immers niks boeiends meer hier, hij had een taak die op hem stond te wachten.

Terwijl hij zijn reis vervolgde zag hij steeds in het bos dorpjes, waar hij zijn ogen uitkeek. De dorpjes die hij en zijn stamgenoten hadden aangevallen waren niks in vergelijking met de dorpen hier, dit was ongekend. De dorpen waren rijker, wat Claw natuurlijk geweldig vond, maar ze waren ook veel beter beschermd. Sommigen hadden een houten palissade of zelfs een enkeling een stenen muur, en de wachters die de wacht hielden hadden mooie, glimmende maliënkolders aan, van het soort die Claw nog nooit had gezien. Iedereen uit zijn stam zou een jaar lang vlees opgeven om ook maar 1 zo'n maliënkolder in bezit te krijgen, dit was ongekend voor hem.

Terwijl hij van de ene verbazing in de andere viel, maakte hij toch snel voort, en al snel kwam hij aan bij de haven, en terwijl hij zich daar verborgen hield in 1 van de magazijnen, wachtte hij tot de laatste paar dagen voorbij zouden gaan. Na 2 dagen daar verborgen te hebben gezeten, zag hij plotseling in een hoekje iets bewegen. Claw stond langzaam op, en keek behoedzaam naar het wezen dat daar stond. Echter, van het ene op het andere moment stond het wezen er niet meer, en terwijl Claw om zich heen keek waar het dan kon zijn, zag hij plotseling iets rechts van hem staan. Hij draaide zich snel om, maar het was al weer verdwenen. Ineens hoorde hij een stem achter hem die fluisterde: Jij bent niet goed in verbergen, hé? Claw schrok zich wezenloos, en draaide zich om. Daar stond een vriendelijk uitziende man, gehuld in donkerpaarse kleding, en hij ging verder: Jij bent vast Claw, ik heb wat verhalen over jou gehoord. En dan moet dit Filtiarn zijn, je trouwe wolf. Fijn, jullie zijn precies op tijd. Luister goed naar wat ik je nu zeg! Jij gaat op het schip bij dock 4, en zegt daar dat je bent gestuurd door Growald, en dat je een lading bent voor Mjöllnir. Ze zullen daar alles verder uitleggen. Ga naar het schip als de zon is onder gegaan, en zeg je oude leventje vaarwel...

Claw had aandachtig geluisterd, en ging dus zodra de zon onder was aan boord van het schip, de Santa Maria geheten, maar het schip leek uitgestorven. Hij klopte zachtjes op de deur naar de kapiteinshut, maar er kwam geen antwoord. Toen zag hij dat er een klein beetje licht kwam uit het benedendek, en hij liep behoedzaam naar beneden. Achter hem werd de het luik met een harde knal gesloten, en plotseling kwam er uit een deur links van hem een klein, schriel mannetje lopen. Hij zei: Volg mij, ik breng je naar je onderkomen voor de komende week. Claw wist niet goed wat hij moest doen, maar hij volgde het kleine mannetje maar, en liep naar zijn kamer. Hij werd de kamer binnengeleid, en hij keek langzaam om zich heen. Alles wat hij zag was een kleine patrijspoort die op slot zat, een bed van wat stro, een tafel met kruk, en nog wat kleine andere dingen. Plotseling werd de deur dichtgeslagen en hij viel in het slot, en toen pas merkte hij dat hij zijn speer niet meer vasthad, en dat Filtiarn niet meer naast hem liep. Je hond en speer worden ergens anders opgeslagen, maar voor je eigen veiligheid zit jij, net als de anderen hier, voor de komende week alleen opgesloten. Je zal elke dag drie keer te eten krijgen, voor jou een goed groot stuk rauw vlees met wat besjes, en voor je hond alleen een stuk rauw vlees. We weten dat dit is wat jij eet, en je zal niks anders krijgen. Je bent voor de komende week onze gevangene, maar daarna zullen we uitleggen waarom we het zo geheim hebben gehouden, en zal alles duidelijk worden. Maak je in de tussentijd geen zorgen over Filtiarn, daar zal goed voor gezorgd worden.

De week was verschrikkelijk, waarin Claw veel verdriet had om Filtiarn, en telkens als hij Filtiarn in de verte hoorde janken, werd zijn verdriet groter. Na 6 dagen, werd de deur opengemaakt, en er stonden 3 mannen met zwaarden, zodat Claw niks kon doen. Het spijt ons voor de afgelopen week, maar het is belangrijk dat jij de andere reizigers niet kent. Je zou ze zo alleen maar kunnen veraden, en dat is iets dat we niet willen. Nu volgt hier de rest van de uitleg. Je hond is goed verzorgt en ziet er zeer netjes uit, en is nu net een huis- tuin- en keukenhond, die dus overal geaccepteerd zal worden. Jij gaat zometeen in bad, om al je viezigheid van je af te spoelen, en trek dan deze kleren aan, zei één van de mannen terwijl hij hem een stapeltje nette kleding gaf, jij moet je namelijk voor doen als een rijke man van het vaste land, die naar Deep Rock, de stad van Mjöllnir, gaat om daar te wedden op één van de arenagevechten. Je komt zometeen aan bij de First Gate, waar een luchtschip je naar de second gate zal brengen, waarvandaan iemand je de geheime weg naar Deep Rock zal leiden, waar je Mjöllnir zal ontmoeten. Hij zal je een goedbetaalde baan geven, en je zal groots worden. Ga nu in bad en trek de kleren aan, we arriveren over 4 uur. Claw was geschokt door wat hij hoorde, want hij had nog nooit een bad genomen, hij was hooguit een beetje schoon geworden door een keertje door een rivier te baden of zoiets. Hij wist dus niet goed wat hij moest doen, en nam uiteindelijk toch maar een bad, wat heel vreemd voelde. Het moest 3 keer ververst worden, omdat hij te vies was, maar uiteindelijk zag hij er vrij schoon uit. Hij stapte er nog maar net uit, toen er 3 mannen binnen kwamen lopen die hem op een stoel duwden, en zijn haren knipten en hem zo een beetje fatsoeneerden. Daarna werd hem gezegd de nette kleren aan te doen, en dan op het dek te gaan staan. Claw deed wat hem opgedragen was, en na een uur stond hij op het dek. Hij vond zelf dat hij er belachelijk uitzag in deze kleren, veel te netjes, veel te strak, niks voor hem, maarja, het moest.

Hij keek wat rond hem heen en hij kon niet geloven wat hij zag. Hij vaarde op een stad af, die op een muur was gebouwd die wel meer dan 10 Kilometer dik was. Hij kon zijn ogen niet geloven, en al snel legden ze aan bij de haven van de stad, en op dat moment kwam Filtiarn naar buiten lopen aan de halsband, en Claw kreeg tranen in zijn ogen en omhelsde zijn hond. God, wat had hij dat beest gemist. Ze hadden echter weinig tijd om elkaar te omhelzen, want ze moesten al snel van het schip af. Daar aangekomen kwam er een wachter op hem af, en die vroeg wat ze hier te zoeken hadden. Één van de mannen zei dat ze een pakketje voor Grozag de wachter hadden, en ze werden doorverwezen naar een huisje een zo'n 500 meter verderop. Ze liepen er naartoe, en toen ze daar aankwamen zagen ze een Dragonborn in vol ornaat zitten, met een glimmend harnas: Duidelijk een belangrijk man. Grozag vroeg wat ze hier te zoeken hadden, en één van de mannen zei dat dit een arenatoeschouwer voor Mjöllnir was, en Grozag wist wat er werd bedoeld. Okee, zei hij, pak het schip op dock 2, dat gaat naar gate 3, maar loop het schip nog niet op. Blijf geduldig wachten voor het schip tot ik er ben, en ik zal je persoonlijk naar Mjöllnir brengen. Daar kan je dan gaan wedden op de arenagevechten.

Claw liep zodra hij het huis uit was naar dock 2, en hoefde maar een kwartiertje op Grozag te wachten, en Grozag liep zonder hem aan te kijken het schip op. Hij sprak wat met de kapitein, en wenkte toen Claw om ook het schip op te komen. De kapitein begroette hem, en wenste hem alvast veel geluk bij de arenagevechten, en toen vertrok het schip naar gate 3. Daar aangekomen, na een vrij korte reis, wachtte Grozag nog even op de tussenpersoon die Claw naar Deep Rock zou brengen, die er binnen een paar uur was, en toen verdween het schip weer terug naar The First Gate.

De reis zal enkele dagen duren, en ik ben zolang je bediende, zei de tussenpersoon. Ik heet Johan, en ik zal je naar Deep Rock leidden. Onderweg zal je niks overkomen, en ik zal in je dienst staan, en je mag me alles vragen. Claw vond het maar vreemd om zo behandelt te worden, maar hij zei er niks over, hij moest immers in zijn rol blijven. De reis duurde 4 dagen, en Claw kwam bloemen, planten en dieren tegen die hij nog nooit had gezien, en ze namen allemaal kleine, geheime weggetjes die niemand anders ooit had gevonden, verscholen achter bosjes en stuikjes. Ondertussen vroeg hij zijn "dienaar" alles over Shorebound en over Deep Rock, want van Shorebound wist hij zeer weinig af, en van Deep Rock had hij zelfs nog nooit gehoord. Toen ze na de 4 dagen in een berg gingen, een kleine ingang verstopt achter een grote steen, liepen ze enkele uren naar beneden, en Claw kon niet geloven wat hij toen zag. In de berg was een hele stad gehouwen, die er groot uitzag, en toen ze verder liepen en dieper de stad in gingen, zag Claw waar hij terecht was gekomen. Het was een stad van dieven, rovers, vechters, hoeren, en hier en daar een wachter. Terwijl ze naar een groot gebouw liepen, waar waarschijnlijk Mjöllnir woonde, zag hij al een van de arena's waarin krijgers zich dood vochten, ter vermaak van het publiek, en om een goed besmeerde boterham te verdienen. Mjöllnir werd door de dienaar het grote huis binnengeleid, en de dienaar bleef buiten staan terwijl een wachter het over nam, en hem verder het huis in voerde. Uiteindelijk kwamen ze bij een grote deur, en de wachter zei dat hij hier naar binnen moest.

Claw liep een beetje twijfelend naar binnen, en zijn mond viel onmiddelijk open: Zo'n grote zaal had hij nog nooit gezien, hier en daar verlicht met fakkels, met ongeveer 20 wachters, en in het midden een grote, mooi versierde troon waar een dwerg opzat, gehuld in een zwart harnas. Zo, zei de dwerg, daar ben je dan eindelijk. Het heeft dan misschien 6 weken geduurd, maar het was het waard. Trek nu maar eerst die belachelijke kleding uit, en trek je oude kloffie maar weer aan. Claw deed wat hem werd opgedragen, en voelde zich al weer gelijk een stuk beter in zijn oude vertrouwde kleding. Ik ga je nu vertellen waarom ik jou hierheen heb laten komen. We hebben bijna iedereen laten denken dat jij een arenatoeschouwer zou zijn, die veel geld had en dat graag wou besteden in mijn bescheiden stadje een het zien van wezens die andere wezens doden, en aan de hoeren. Dit heb ik gedaan omdat niemand dit mag weten, maar voor jou heb ik een speciale taak. Jij hebt lange tijd bij jou stam als een soort huurling bekend gestaan die vogels verhuurde aan hem die het meeste bood, en nu wordt je ook een huurling van mij. Ik zal je goed betalen, en je zal Shorebound verlaten als een rijk man, en groter worden op het vasteland dan je ooit bent geweest. Jij zult speciale opdrachten krijgen, maar niemand mag weten wie je bent, en daarom heb ik je in dat nette pakkie gehesen: Niemand zal je nog herkennen in je oude kloffie. Je eerste speciale opdracht zal zijn: .....



Hier begint dus de campaign...

Dit item bevindt zich in:

Meer ... > Eigen schrijverij > Daanio0's D&D Story's.

naar boven