
Casper en Hobbes: een onverslaanbaar duo. Met prachtige en toch simpele tekeningen van Bill Watterson. De strip is oorspronkelijk Amerikaans en heet daar ook Calvin en Hobbes.
Waarom zo goed?
Bill Watterson snijdt op een humoristische manier serieuze onderwerpen aan zoals de oorlog, politiek, milieu, de zin van het leven, enz… en moet je het niet beschouwen als een satire of hekel, dat zou immers te serieus zijn.
Casper is een zesjarig jongetje met een op hol geslagen fantasie. Met zijn (speelgoed?)tijger Hobbes doet hij de leukste dingen, een daarvan is het onvergetelijke spel “Casperbal”. Het spel zelf ga ik niet uitleggen. Daarvoor moet je de strips maar lezen
Algemeen
Het zijn gags van een strook lang en af en toe een volledige bladzijde. Je ontdekt er de gekste excuses, de beste levenswijsheden en de prachtigste ideeën.
Hobbes en zijn gefilosofeer of sneeuwmanimpressies van Casper zijn onnavolgbaar. Je herkent jezelf continu in het kleine jongetje en beseft dat het voor je ouders ook wel eens moeilijk moet geweest zijn om je op te voeden.
Zoals iemand eens wist te zeggen: als je er niet zo hard om moest lachen, zou je er stil van worden.
Een stripalbum bestaan elke keer uit ongeveer 120 pagina's, behalve de eerste. Als je echter alles wilt lezen moet je de Engelse versie te pakken krijgen. In de Nederlandse vertaling hebben ze de neiging om gags weg te laten en soms vreemd te vertalen.
Verschenen delen:
1. Casper en Hobbes
2. D'r ligt iets onder het Bed te kwijlen
3. Hopsakee en nu de Wereld
4. Buitenaardse Griezels
5. De Wraak van de Oppas
6. Wetenschappelijke Vooruitgang klinkt als Boink
7. De gestoorde bloeddorstige monsterlijke Sneeuwzombies vallen aan
8. Het zijn zware Dagen
9. Maniakale Moordzuchtige Junglekat
10. Er zijn Schatten in Overvloed
11. Het is een wonderlijke Wereld
12. Beter dan nu wordt het nooit
Meer moet er niet over gezegd worden.

Scenarist/tekenaar: Bill Watterson
Uitgeverij: Big Balloon
hier de meest volledige site over het duo
en hier een kleine Nederlandstalige site
Juf, mijn vader zegt dat toen hij op school zat, hij rekenen heeft geleerd op een rekenliniaal! Hij zegt dat hij nooit meer zo'n ding heeft aangeraakt sinds hij een rekenmachine bezit met meer functies op dan hij in zijn hele verdere leven nodig heeft.
Gelet op de stand van de techniek, stel ik voor om het rekenwerk aan machines over te laten en buiten te gaan spelen.



