Hoofstuk 7. Een waterig graf

Een intern bericht sturen
Aan:
CC:
Onderwerp
Bericht
vet - cursief - onderlijnd - titel - link tekst - alinea - voorbeeld
Reageren op dit item
Titel
Reactie
vet - cursief - onderlijnd - titel - link tekst - alinea - voorbeeld
  Gebruik mijn ondertekening
2-9-2006, 12u56, door Zorbalt
20 Phex, 26 Hal ( Nog 3 dagen tot volle maan )


Het is harder gaan waaien en de twee schepen liggen gevaarlijk dicht langszij. De gevangenen, Nadschenka en Ake-Iya, zitten vastgebonden tegen elkaar aan op het bovendek. Het licht van de maan geeft de mist een mysterieuze gloed en weldra zal het middernacht zijn.

De ongure bemanning, vele tientallen schurken, blijven aan boord van het piratenfregat, maar de piratenkapitein en diens eerste stuurman overleggen met Orm Hazel aan boord van het kleine smokkelschip. Dan wenkt de piratenkapitein naar zijn mannen aan boord van het andere schip, waarna het plotseling akelig stil wordt.


Als een fantoomverschijning daalt er een gedrongen gestalte van de brede loopplank af. Als ze voet zet aan boord van de Kogge doen alle bootsmannen uit angst een stap achteruit.
De oude vrouw is gedrongen en heeft lang pluizend wit haar. Haar huid lijkt te zijn gemaakt van rottend perkament en ze is gekleed in vuile lompen. De toverkol leunt op een dikke wandelstaf van zwart hout.

Orm Hazel begroet het schepsel met eerbied en wijst naar zijn gevangenen. Aangezien zijn bootsmannen nog niet terug zijn gekomen uit het benedenruim geeft hij twee van zijn andere mannen met een enkel teken van zijn hand de opdracht om benedendeks te gaan kijken. Shafir blijft bij de gevangenen. Ze mogen immers niet ontsnappen.

Iedereen ziet de afschuwelijke ogen van de heks. Het ene klein, zwart en doods als dat van een haai en het andere, blind, melkwit en ontstoken.

Terwijl de situatie op het bovendek steeds dreigender lijkt te worden, horen Owan en Ayransk voetstappen naderen in het benedenruim.

De Thorwaler heeft net hun belagers gekneveld, maar de deur naar de kleine gang is door Owan op een kleine kier gelaten. Rahna lijkt maar niet te ontwaken en haar koorts lijkt toe te nemen. Dairan heeft haar op schoot genomen en zit in een hoek van het slaapvertrek. De magister staat in de kapiteinskamer van Orm Hazel tegenover een doodsbang meisje.



pagina's: 1, 2, laatste

Reacties

door Zorbalt
Moorderator, 3792 / 5435
gepost: 18-7-2006
om 23u06
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Het gedrongen schepsel kijkt met haar monsterlijke ogen in de richting van de twee avonturiers en schuifelt dan moeizaam naar voren. De twee piraten en Orm Hazel lopen achter haar aan.

Als ze bij de verhoging aankomt gromt ze een keer naar één van de piraten die haar het trapje op helpt. Al snel kijkt ze neer op Nadschenka en Ake-Iya.
door pem
Wickerman, 1582 / 1806
gepost: 19-7-2006
om 9u24
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk knevelt gelijk de bootsman en legt hem bij zijn gewonde maat in de hoek. Die heeft Ayransk voor de zekerheid ook maar gekneveld, je weet maar nooit. Ayransk stopt tevens een prop in hun mond zodat ze geen geluid kunnen maken. Doe voorzichtig Owan. Ik zal hier blijven en op je wachten. Mocht je problemen krijgen dan zal ik je bijstaan. De kajuiten liggen gelukkig vlak bij elkaar zodat ik de jouwe in de gaten kan houden.

Als Owan in de kajuit van de kapitein verdwijnt went Ayransk zich tot Darian. Alles goed met je en met Rahna? We zijn blijkbaar mooi in t ooitje genomen door Orm. Hij zal hiervoor boeten. Jullie zal niets overkomen geloof me. Als Owan terug is dan kijken we welke stappen we gaan ondernemen.

Ayransk hoort ineens zware voetstappen op de gang. De deur staat op een kleine kier. Ayransk gebied Darian om in de hoek zich te verschuilen en zich stil te houden. Doe net alsof jullie gekneveld zijn!

Ayransk gaat achter de deur en ziet door de kleine kier dat de kajuit van Orm nog steeds dicht is. Owan is niet degene die in de gang loopt. Ayransk ziet twee bootsmannen de gang inkomen. Verdomd denkt hij dit gaat niet goed. Hij houdt zijn bijl boven zijn hoofd klaar om degene die door de deur komt een flinke dreun te geven. Boron zij genadig met hem. Deze klap zal die niet overleven.
door Cheroon
mandraak, 765 / 973
gepost: 19-7-2006
om 11u35
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Nadschenka kijkt uitdagend de oude vrouw aan. Dus dit was hun tegenstander...dit oud lelijk wijf probeerde vrouwe Sandford te doden en Rahna te ontvoeren. Ostentatief richt Nadschenka haar op en spuwt richting de heks. Haar stoer gedrag probeert de angst te verbergen die ze voelt bij deze schrikwekkende gedaante, en de gedachte dat ze de groep gefaald heeft. Ze had de kapitein moeten gijzelen, zijn keel afsnijden, ... iets dat hun voordeel zou opleveren.
door Zorbalt
Moorderator, 3801 / 5435
gepost: 20-7-2006
om 12u06
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
De gruwelijke ogen van de heks keken verbaasd in de richting van de acrobate aan haar voeten. Met een bevende hand wreef ze de speekselsliert van haar wang. Orm, Shafir en de twee piraten leken in spanning te wachten op hoe de toverkol op deze provocatie zou reageren. Op die reactie hoefden ze niet lang te wachten.

Met de dodelijke snelheid waarop een doodskopadder zijn prooi bijt greep de knokige oude heksenhand Nadschenka bij de nek. Haar lange bruine nagels krasten in haar vlees en lieten bloederige sporen na.

Plotseling klonk er een zacht sissend geluid, alsof er een stuk rauw vlees in gloeiend hete bakboter werd gelegd. Meteen trok de feeks al krijsend haar hand terug. In het midden van de gerimpelde palm stonden grote blaren op de huid. Woedend keek ze naar de gehavende keel van de gevangene en zag de bron van haar pijn.

”Ik weet niet hoe je aan die hanger komt, kleine sloerie, maar het zal je niet helpen. Ik zal je leren om mij te bespotten.”

Haar stem was hees en doordrongen met ingehouden woede. ”Waar is mijn zilveren doosje?”
door malkav
achterban(k), 4463 / 7020
gepost: 20-7-2006
om 18u35
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Owan stapte het vertrek binnen en deed de deur een stukje toe zodat hij nog steeds kon horen of er iemand naar beneden kwam. Hij stapte op het meisje af en knielde voor haar neer.
"Je papa is boven, er is niets om bang voor te zijn kleine meid. Hij is enkel bezig met wat zaken met een ander schip."
Owan stond op en keek achter zich, zijn oren gespitst.. Nu hoorde hij wel degelijk iemand van de trap afkomen. Hij draaide zijn gezicht weer naar het meisje en legde zijn wijsvinger op zijn lippen en trachtte te glimlachen.
door Edorian
draak, 463 / 533
gepost: 21-7-2006
om 13u24
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ake zit op het bovendek en kijkt alles met een gelaten blik aan. Hij heeft al een hekel aan boten, maar nu weet hij het zeker hij gaat nooit meer met een boot. Boten brengen ongeluk!

Zo zit hij in zich zelf te praten als hij opeens stil wordt, daar over de loopplank komt een monsterlijke verschijning. De oude feeks, steeds heeft hij er overgepraat en zelfs een tekening gezien, maar de werkelijkheid is nog veel erger. Nu heeft hij namelijk ook de wetenschap dat deze heks hem in iets onnatuurlijks kan veranderen, een tekening kan dat niet.

Ake begint te beven als een rietstengel en schakelt onbewust over op mohisch gemompel. Hij spreek allerlij bescherm woorden uit roept Kamaluq aan om hem uit deze situatie te redden, maar het mag niet baten de heks komt steeds dichtebij en staat nu voor hen.

Nadschenka schijnt niet bang te zijn en spuwt de heks in het gezicht. Ake kan niet goed zien wat er dan gebeurt, maar merkt dat Nadschenka achter hem wordt beet gepakt. Dan hoort hij de heks vloeken en ruikt hij verbrand vlees. Blijkbaar heeft Nadschenka haar weten te verwonden en dat geeft Ake-Iya wat meer moed. Hij stopt met uitbundig prevelen (in zich zelf gaat hij nog wel verder) en probeert zijn rillen onder controle te krijgen....
door Zorbalt
Moorderator, 3804 / 5435
gepost: 21-7-2006
om 20u06
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Het gangetje dat toegang gaf tot de kapiteinsvertrekken en de slaapkooi was donker en smal. De kleine olielamp aan het krakende plafond toonde twee deuren die allebei gesloten leken te zijn. Het was stil benedendeks en de enige geluiden die tot de twee schichtige bootslieden doordrongen waren het plotselinge krijs van de toverkol boven op het dek en het klotsen van het zeewater tegen de buitenboeg.

De voorste bootsman, een doorgewinterde scheepsarbeider, trok een entermes en deed een stap naar de deur van het slaaphok van de bemanning. Hij zag dat de deur op een smalle kier stond. Hij wachtte een kort ogenblik, waarna hij de deur voorzichtig open duwde en enkele stappen de kamer in deed. Zijn metgezel, een jonge knaap, liep achter hem aan de kamer in. Op het moment dat de bootsmannen de geknevelde mannen zagen liggen hoorden zij achter zich de deur dicht slaan.
door pem
Wickerman, 1587 / 1806
gepost: 21-7-2006
om 21u16
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk zag 2 bootsmannen de trap afkomen. Zij liepen voorzichtig en oplettend de gang in op weg naar de kamer waar Ayransk zich bevond. Als Owan nu maar geen geluid maakt denkt hij. Ayransk gaat voorzichtig achter de deur staan. Hij gebied Darian om stil te zijn. Ayransk heft zjin bijl om de eerste dei binnenkomt een enkele reis naar Boron te bezorgen. Efferd sta ons bij denkt hij als de twee bootsmannen zich voor de deur bevinden en aanstalten maken om binnen te komen.

Ayransk hoort de voorste van de 2 een wapen trekken. Hij houdt zijn bijl goed omhoog zodat hij zometeen vol uit kan halen. En dan gaat de deur open. De voorste van de 2 bootsmannen komt voorzichtig naar binnen met zijn wapen getrokken. Vlak achter hem komt de tweede binnen. Zonder na te denken slaat Ayransk toe. De voorste bootsman krijgt de volle klap op zijn hoofd te verwerken. Ayransk ziet dat de schedel gespeten wordt door de kracht van de klap. De bootsman valt voorover. Boron heeft een nieuwe gast vandaag.

Ayransk schopt instinctief vlak na de klap de deur dicht. De tweede bootsman schrikt zich een hoedje. Hij ziet zijn compaan met 1 klap geveld worden en de deur achter zich gesloten worden. Vluchten kan niet meer. Hevig geschrokken laat hij zin wapen vallen en smeekt om genade. Ayransk wilde nog uithalen maar wist zich in te houden. Ik zou me maar stil houden als ik jou was anders ga je je maat bij Boron vergezellen. Ayransk loopt naar de schijnbaar erg jonge bootman toe en knevelt hem goed. Ayransk gebied hem om bij zijn companen te gaan zitten. De jongen ziet dat de situatie er voor hen slecht uitziet. 2 companen geveld en 1 goed gekeveld. Ayransk doet een prop in zijn mond zodat hij geen alarm kan slaan.

Ayransk sleept de dode man in de hoek bij de anderen. Kop houden jullie. Degene die een geluid maakt gaat hem vergezellen! Ayransk wijst op de dode man als hij dit zegt. De bootsmannen kijken hem angstig aan en kruipen ineen.

Voorzichtig loopt ayransk naar de deur en opent m. Hij zet m op een kier en kijkt de gang in. Niemand. Gelukkig denkt hij de kust is tot nu toe veilig. De deur waar Owan zich bevind is tevens gesloten. Darian. Kun jij Rahna wakker krijgen? Ik denk dat we haar zo nog nodig hebben. Ik hoop dat Owan vlot terugkomt want we moeten bespreken wat we gaan doen.

Ayransk houd de gang goed in de gaten.
door Cheroon
mandraak, 768 / 973
gepost: 22-7-2006
om 0u18
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Nadschenka lacht als de heks haar een vraag stelt. Zo te zien tast de heks evenzeer in het duister. Haar moed is volledig terug nu ze heeft gemerkt dat de heks gewond kan worden.
Een zilveren doosje? Ja, daar vraag je ons toch iets hoor. Ik vrees dat je dan terug moet gaan naar dat eiland. Onze goede vriend, de cycloop, was zo vriendelijk dat doosje voor ons te openen. maar aangezien er niets van waarde voor ons inzat...hebben we het daar achter gelaten. Ik weet echter niet of hij dit keer zo vriendelijk zal zijn als de laatste keer dat je hem zag.

Nadschenak stopt even, dan wordt haar grijns groter: De reus was echter best wel geschikt voor jou, lelijk en dom. En samen konden jullie doorgaan voor een heel geschikt koppel. Hij heeft echter WEL zijn zicht terug...dus ik vrees dat zelfs een monster niet zou geïnteresseerd zijn in een lelijke feeks als jij. Je zou beter de kapitein van dit schip aan de haak slaan. Die is toch al gewend met ratten om te gaan. Nadschenka denkt aan de laatste raad van haar vader: als je geen troeven meer in je hand heb, is het enige wat je kunt doen je lot recht in de ogen kijken, niet met de ogen knipperen -bluffen zoals je nog nooit gebluft hebt.
door Edorian
draak, 464 / 533
gepost: 22-7-2006
om 10u55
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ake-Iya krijgt weer moed door de woorden die Nadschenka naar de heks smijt. Ze is nog niet uitgeraast of Ake roept: "Lelijk heksvrouw hoe kan maken vloek op onschuldig vrouw en kind. Als Ake-Iya loskomen dan zal geven pak slaag aan heksvrouw." En hij probeert zijn handen los te krijgen.

"Nooit meer zal krijgen zalf voor oog, of zelf moeten halen bij ziekloop. Dat niet kunnen hè, daarom ons moet halen. Zijn bangen lafkop!!"
door Zorbalt
Moorderator, 3805 / 5435
gepost: 22-7-2006
om 16u42
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
De heks doet furieus een stap langs de acrobate en kijkt de kleine zwarte man aan met haar troebele ogen. Kwijl druipt langs haar mondhoeken en enkele zeldzame bruine tanden laten zich zien.

"Dus jij vind mij laf? Eens kijken hoe dapper jij bent ventje...

De feeks tilt haar arm op en tekent met haar knokige hand enkele vreemde tekens in het luchtledige. Ake-Iya ziet haar lange nagels en hoort dat het creatuur iets onverstaanbaars mompelt.

Daarna kijkt ze om naar de vier mannen die haar vanaf een afstandje aanstaren en een onaardse glimlach vervormd haar liploze mond tot een grimas.

”Hebben jullie hun zakken onderzocht?”

Kapitein Hazel wijst naar de grote dekenkist aan de voet van de mast.

”Jawel vrouwe. Zij hadden niets bij zich. Er zijn echter nog twee anderen, een magister en een Thorwaler. Aangezien zij gedronken hadden van het gif was ik in de veronderstelling dat zij weerloos waren, maar vier van mijn mannen zijn niet meer naar boven gekomen. Ik ben er vrij zeker van dat één van hen uw doosje bij zich heeft.”

De heks doet enkele stappen in de richting van Nadschenka als de zwarte krijger angstig begint te gillen, terwijl hij kokhalzend een glanzende roodbruine duizendpoot uitbraakt. Hier zou het echter niet bij blijven.


” Aan haar hebben we niets meer. de heks schreeuwt bijna om boven het gegil van Ake-Iya uit te komen, ”Gooi dit wicht in zee! Dan kan ze de haaien beledigen met haar leugenachtige tong!”

Een van de piraten stapt in de richting van de gevangenen en kijkt met grote ogen naar de zwarte man. Over zijn lichaam krioelen een groot aantal ondieren. Spinnen met dikke achterlijven, spartelende maden en dikke torren lijken overal vandaan te komen en kruipen vanuit broekspijpen, kraag en mouwen over de zwarte huid.
door Edorian
draak, 465 / 533
gepost: 24-7-2006
om 9u56
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ake-Iya kijkt toe hoe de heks iets in de lucht tekend. Hij denkt er het zijne van, maar haar bedrijging maakt hem toch een beetje bang.

Dan begint er in zijn binnenste iets te kriebelen, dat langzaam omhoog komt zijn mond in. Hij voelt dat het een beest is of zo iets en begint hevig te kokhalzen. Daar komt een duizendpoot vol met speeksel uit zijn mond. Overal over zijn lichaam komen insecten en beestjes te voorschijn Ake begint hevig te gillen en probeert woorden uit te kramen, maar doordat er telkens weer beesten uit zijn mond en neus te voorschijn komen kan hij niks anders ten gehoren brengen dan harde onverstaanbare kreten van angst.

Ake-Iya heeft het niet meer hij wordt helemaal wild . Hij begint te schoppen en te draaien terwijl hij blijft spugen en schreeuwen. Het is werkelijk een vreselijk gezicht zijn lichaam is bedekt met alles dat kruipt en smerig is. Een insect is voor Ake niet erg, in de jungel zijn er velen, maar om ze uit je eigen lichaam te voorschijn te zien komen maakt hem gek van angst.

Als je in zijn ogen zou kunnen kijken dan zou je zijn doodsangst kunnen zien in zijn ogen. Maar nu blijft hij wild met zijn hoofdbewegen. Hij probeert over het dek weg te rollen van de bron van deze vreselijke beesten vandaan. Hij blijft maar wilt bewegen en schoppen, maar met gebonden handen is dat zeker niet gemakkelijk. Dan begint zijn lichaam hevig te schokken en ligt hij volledig stil....
door Cheroon
mandraak, 769 / 973
gepost: 24-7-2006
om 10u35
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Nadschenka geraakt door de woorden van de heks in lichte paniek. Ze moet meer tijd winnen. haar handen waren bijna los. Als Ake begint te schreeuwen raakt ze helemaal het spoor bijster.
Stop er mee, stop er mee, alsjeblieft. Martel hem niet langer. Ik zal je zeggen waar het kistje is. ik sprak deels de waarheid. De inhoud van het kistje hebben we aan de cycloop teruggegeven, maar het kistje zelf hebben we nog. Het kistje ligt beneden. Ik kan het wel gaan halen voor u. We hebben het verstopt op een geheim plekje.
door Zorbalt
Moorderator, 3808 / 5435
gepost: 24-7-2006
om 20u12
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
”Laat haar los!

Het bevel klinkt dwingend uit de rimpelige oude mond en de gebruinde zeeschurk laat de acrobate zitten waar ze zit. Hij doet uit walging een stap achteruit als een grote kakkerlak over de neus van zijn schoen kruipt en door een spleet tussen de houten vloerdelen verdwijnt.

De heks knielt neer voor Nadschenka. Haar adem ruikt naar gistende zure melk. Haar stem klinkt bijna als een fluistering.

”Ik wil hebben wat mij toekomt. Ik hoop voor jouw ziel en dat van je vrienden dat er niets van de inhoud verloren is gegaan. Als ik het nu niet krijg laat ik dit schip met jullie ten onder gaan.”

Shafir doet een ietwat onzekere stap in de richting van de gevangenen. Hij kucht voordat hij spreekt.

”Vrouwe, u beloofde hen en ons geen verder kwaad te berokkenen als wij deden wat u ons opdroeg. Ik ga er vanuit dat u uw woord houdt.”

De heks kijkt om naar de grote zwarte man. ”Ik ben de kwaadste niet. Kijk, mijn kleine vrienden zijn verdwenen. De laatste insecten zoeken een veilig onderkomen en laten een bewusteloze Ake-Iya achter.

Dan richt ze zich op Orm Hazel. Kapitein, zeg tegen de anderen twee dat ze bovendeks moeten komen. Zeg tegen ze…dat als ze zich niet snel laten zien hun vrienden zullen sterven.

Terwijl de kapitein van de Zeenaald met lood in zijn schoenen in de richting van het luik loopt knielt Shafir naast Ake-Iya en geeft hem enkele slokken uit zijn waterzak.

De heks ijsbeert ondertussen ongeduldig over de verhoging en kijkt af en toe in de richting van het benedenluik.
door Zorbalt
Moorderator, 3809 / 5435
gepost: 24-7-2006
om 20u31
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Terwijl de situatie op het bovendek steeds uitzichtlozer wordt en de insecten over het lichaam van de zwarte krijger beginnen te krioelen, staan Owan Glimmerfeld en Ayransk Crussyarex in twee aparte vertrekken in de buik van de Kogge. Ver weg horen ze het gegil van hun reisgenoot en het harde gebonk van trappende voeten op hout.

In de slaaphut merken Dairan en Ayransk dat de kleine heks wakker begint te worden. Ze doet af en toe haar ogen open, maar lijkt nog steeds te dromen. De oude man aait haar lange zilveren haren met de palm van zijn hand en bidt tot de Twaalf voor genezing en redding. De drie geknevelde bootsmannen houden zich stil, net als het verse lijk van hun gedode collega. De deur van Orm’s kamer is nog steeds gesloten.

Op dat zelfde moment staat de magister in de kapiteinshut en legt zijn oor tegen de dikke deur. Hij voelt hoe een kleine koude hand de zijne stevig vastpakt op zoek naar troost. Frenja, de kapiteinsdochter, kijkt met grote bange ogen voor zich uit…

”Wat is papa aan het doen? Die enge oude mevrouw is weer aan boord. Ik moet me verstoppen, dan kan ze mij niet vinden.”
door pem
Wickerman, 1591 / 1806
gepost: 25-7-2006
om 10u33
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk kijkt om de hoek en ziet dat het stil is in de gang. De deur van Orms kamer is nog steeds stil en t duurt Ayransk te lang dat Owan terugkomt. De groep is al gesplitst in 2 kampen en het is niet verstandig om het 2e kamp ook nog eens te splitsen. Ayransk besluit om Owan te gaan halen.

Ayransk loopt naar Darian en geeft hem een sabel. Darian ik ga Owan halen. Als een van die gasten moeilijk doet rijg je hem aan dit sabel. Toon geen genade want dat doen ze ook niet bij ons.

Ayransk loopt naar de deur en opent hem. Voorzichtig loopt hij naar de kamer van Orm en klopt zachtjes op de deur. Owan, Ayransk hier. Ik kom binnen. fluistert hij tegen de deur. Met zijn bijl in de hand opent Ayransk de deur. Hij ziet Owan staan met een klein meisje aan zijn hand die schrikt van de gestalte die in de deuropening staat.

Ayransk spreekt met gedempte stem. Kom Owan we moeten ons beraden wat we gaan doen. Rahna wordt langzaam wakker. Ik heb net 2 bootsmannen uitgeschakeld en nu liggen er 4 gekneveld in onze kamer. Het zal niet lang meer duren voordat ze boven merken dat hier iets fout gegaan is en ze een onderzoek instellen. Laten we teruggaan naar onze kamer. Neem het meisje mee maar zorg er wel voor dat ze stil blijft.

Ayransk wenkt naar ze om mee te gaan naar de kamer. Hij loopt voorzichtig terug. Bij de kamer aangekomen kijkt hij goed naar het luik of hij iets kan horen wat zich bovendeks afspeelt. Maar Ayransk hoort wel wat maar kan niet onderscheiden wat t is. Hij loopt terug in de kamer waar de bootsmannen nog gekneveld liggen en Darian Rahna probeert wakker te maken.
door malkav
achterban(k), 4466 / 7020
gepost: 25-7-2006
om 15u35
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Owan knikte naar Ayransk terwijl deze de ruimte uitliep. Hij knielde naast het meisje.
"Jezelf verstoppen zal geen zin hebben.. De enge oude vrouw zal je vinden.. Je vader heeft zichzelf in grote problemen gebracht. Ik beloof dat jou niets zal overkomen kleine. Het zal aan jou zijn om je vader te redden,. en ik en mijn vrienden zullen je bijstaan.. Frenja was het toch?"
Het meisje knikte bescheiden...
"Ik heet nog steeds Owan,.. zoals ik je enkele dagen geleden al vertelde." Hij knipoogde met een zachte glimlach op zijn gelaat.
"Kom Frenja,.. en wees stil.. Ik zal zorgen dat jou en je vader niets zal overkomen. Ik heb een zusje wat niet veel ouder kan zijn dan jij.. Ze heet Liana .. Ik heb haar nog nooit iets laten overkomen,.. en ik zal hetzelfde doen voor jou..

Kom,.. pak Mera stevig vast,.. en zeg haar dat ze niet bang hoeft te zijn.. We gaan naar mijn vrienden hiernaast."


Orm Hazel was een idioot. Hoe kon hij het gore lef in zijn lijf halen om zijn dochter in zulks gevaren te brengen. Wat was dit voor een vader?? Hij moest zich schamen! Toen Owan het vertrek binnenkwam had hij gedachten gehad om Hazel's dochter te gijzelen en wat meer,.. maar nu? Nu voelde hij enkel medelijden met het meisje en diens waardeloze vader..
Hij was een zwakkeling,.. dit hadden zijn vrienden hem al vaker verteld.. Was mededogen wel zo'n zwakheid? Het meisje gijzelen was inderdaad de meest tactische beslissing geweest,.. maar zeker niet de juiste. Hij zou zien wat zijn mededogen teweeg zou brengen. De vrouw in zijn dromen had hem immers verteld dat hij een goed hart had.. Misschien was dit de tijd om dat voor eens en altijd aan de buitenwereld te laten zien... te lang had hij zijn hart verborgen achter een muur van arrogantie en gespeelde zelfzuchtigheid...

Owan hield zijn armen open om de kapiteinsdochter op te tillen. Hij liet haar die keuze. Als ze zelf niet met hem meeging zou hij alsnog moeite moeten doen om haar niet alleen te laten in deze bedompte situatie.. wat er ook zou gebeuren, het zou voor haar eigen bestwil zijn.
door Zorbalt
Moorderator, 3812 / 5435
gepost: 25-7-2006
om 16u09
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Het meisje liet zich gewillig meevoeren naar het slaapvertrek. Haar ogen werden even groot toen ze de vier geknevelde schippers zag liggen, maar ze voelde zich ietwat veiliger in de buurt van de magister. Dairan koelde Rahna’s voorhoofd met een natte lap. Het meisje kreunde en onder haar gesloten oogleden flitste haar nietsziende blik heen en weer, alsof ze in een diepe droomslaap verkeerde. Dairan keek de twee avonturiers bezorgt aan..

”Owan, zou jij nog eens naar haar kunnen kijken? Wat ik ook probeer, ik krijg haar niet wakker. ze doet af en toe haar ogen open, maar het lijkt wel alsof ze blijft dromen” De oude man negeerde het andere kind dat nieuwsgierig achter de jonge magister stond.

Op datzelfde moment hoorde Ayransk de stem van Kapitein Hazel door het open luik.

”Owan, Ayransk! Kom als Rondra’s donder naar boven en geef ons het doosje! De vrouwe Randallah garandeerde mij dat jullie niets zal overkomen! Als jullie haar het doosje niet snel overhandigen kan ik niet voor jullie veiligheid en dat van jullie vrienden in staan! Nadschenka en Ake-Iya zijn nog ongedeerd, maar hun leven ligt nu in jullie handen!”
door pem
Wickerman, 1598 / 1806
gepost: 26-7-2006
om 9u09
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk hoort de kapitein roepen. Verdomd denkt hij dit gaat mis. Verdomd Owan dit gaat verkeerd. Ze weten dat we wakker zijn en dat hun maten uitgeschakeld zijn want anders was Orm wel naar beneden gekomen. Ik ga even die matrozen uitvragen over de situatie boven.

Ayransk loopt naar de jonge matroos die hij als laatste gekneveld heeft. Onderweg pakt hij een van de sabels op. Hij knielt naast de matroos neer en houdt de sabel tegen de borst van zijn collega. Ik ga je een paar vragen stellen. Als je alarm gaat slaan of mij probeert aan te vallen dan zal je vriend sterven en zich bij Boron mogen verantwoorden. Wij zijn nl erg kwaad. Laat Praios je geleiden in je antwoorden want anders zal Boron een paar nieuwe klanten mogen verwelkomen. Ayransk haalt de prop uit de mond van de inmiddels bange jongen.

Zo vertel maar eens. Wat is er boven gaande? Wie zijn er aan boord gekomen? Hoe staat Orm tegenover die gasten. Werd hij gedwongen om ons te overmeesteren of deed hij dit vrijwillig? Vertel me alles wat je weet want je leven hangt nu in mijn handen en de antwoorden die je geeft bepalen je lot.
door Edorian
draak, 467 / 533
gepost: 26-7-2006
om 11u10
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Terwijl Orm door het luik staat te schreeuwen wordt Ake-Iya door Shafir geholpen. Langzaam komt hij weer terug uit zijn bewusteloosheid....

Ake begint net geschrokken om zich heen te kijken om te zien of er nog vieze beestjes zijn als Shafir zich dichter naar hem toe buigt. De heks kijkt niet en Shafir dwingt Ake op te houden met beestjes zoeken en fluisterd in het Mohisch.

"Het spijt mij Gaat met Kamaluq, maar ik heb mijn leven te danken aan de kapitein en hoewel ik het niet eens ben met zijn beslissing moet ik doen wat hij mij opdraagt. Hij doet dit uit liefde voor zijn dochter, de bemanning en zijn schip. Ik ben alleen bang dat dit uit de hand gaat lopen."

Dan voel Ake plotseling dat er iets in zijn gebonden handen wordt gestopt.

"Neem dit mes en probeer jezelf los te snijden."

Shafir staat op en loopt terug naar Orm. Deze heeft net door het luik geroepen. Ake ligt met zijn rug op de grond, dus het mes is voor de anderen niet te zien.

Hij sluit even zijn ogen om zijn gedachten weer op één rij te krijgen en de vieze insecten van zich af te zetten. Shafir is het dus niet eens met de kaptein. Ake weet heel goed hoe het is om je leven aan iemand te danken te hebben. Hij zelf is ook eens bevrijd uit de slavernij. Ook hij was toen heel trouw aan zijn bevrijder. Helaas zijn ze nu door van elkaar scheiden...

Voor dit soort dingen is nu geen tijd. Hij moet praktisch zijn. Als Ayranks en Owan boven komen dan moet hij klaar zijn om die heks een goed pak slaag te geven.

Voorzichtig begint hij zijn boeien los te snijden....
door Zorbalt
Moorderator, 3816 / 5435
gepost: 26-7-2006
om 12u33
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
De jongen is duidelijk buiten adem en ietwat paniekerig. Zweet gutst over zijn voorhoofd en met een schuin oog kijkt hij naar zijn levenloze collega.

De heks is terug…en er zijn piraten, tientallen piraten. Twee piraten, waaronder waarschijnlijk de kapitein, zijn nu bij ons aan boord. Jullie vrienden zijn vastgebonden en worden bewaakt door Sfafir.”

Met hangende schouders gaat hij verder.

”De heks heeft enkele weken geleden, toen zij gehavend terugkwam van dat eiland, een gesprek gehad met Kapitein Hazel. Ik weet niet precies wat er in zijn kamer is besproken, maar hij was dagenlang van de kook. De heks is diep in de nacht vertrokken, maar niemand heeft haar de boot zien verlaten. Sindsdien is zijn dochter niet meer bovendeks geweest en wij hadden allemaal het vermoeden dat het iets te maken had met dat gesprek tussen hem en die toverkol.

Vlak nadat wij, ongeveer anderhalve week geleden, voor anker gingen in de haven van Kuslik stuurde de kapitein Shafir naar een herberg. Hij vertelde ons dat er gasten zouden komen en dat wij terug zouden moeten gaan naar het kraaieneiland. Hij zou ons allen extra betalen. De kapitein vertelde weinig over deze missie, maar als wij zouden doen wat hij zei zou ons niets overkomen. Als we weigerden zou de heks ons allemaal vervloekken en onze boot ten gronde richten.”


Dan kijkt hij de Thorwaler en de magister met grote ogen aan.

”Als het leven van jullie vrienden jullie lief is zou ik maar opschieten.”
door pem
Wickerman, 1600 / 1806
gepost: 26-7-2006
om 13u44
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk hoort de jongen aan en kijkt vervolgens Owan aan. Er zijn dus een aantal piraten aan boord incl die heks. Van de bemanning hier zijn alleen Orm en Shafir nog over en volgens mij 1 bootsman. Als ik t goed geteld heb was de bemanning 6 kop groot.

We hebben twee troeven in onze handen nl het doosje en de dochter van Orm. Als we Orm maar naar beneden konden lokken. Ik denk dat we hem wel kunnen overreden om ons te helpen. Een ruime beloning van Sandford zal voldoende zijn. Hij zal het leven van zijn dochter niet op t spel willen zetten.

We moeten boven die heks snel uitschakelen en de loopplank tussen beide boten zien te verwijderen. Dan maken we een kans.

Als we nou eens een frontale aanval uitvoeren. Jij probeert de heks uit te schakelen en ik houd de piraten op afstand. Lijkt je dat wat?


Ayransk kijkt de jongen nog eens aan. Als je ons nog van enige informatie kunt voorzien dan graag. Ik denk nl dat ook jullie graag de piraten en heks graag zien verdwijnen. Ik denk nl niet dat zij dit schip met rust zal laten als zij eenmaal dat doosje heeft. Jullie leven ligt dus blijkbaar ook in onze handen en in de actie die wij uit gaan voeren. Zijn er bijvoorbeeld andere mogelijkheden om aan dek te komen anders dan het luik?
door Zorbalt
Moorderator, 3817 / 5435
gepost: 26-7-2006
om 14u11
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
De jongen schudt zijn hoofd. ”Ik heb alles verteld wat ik weet. Er is geen andere manier om van hieruit op het bovendek te komen. Er is nog een luik op het dek, maar dat bevind zich aan de voorkant van het schip en komt uit in het laadruim. Daar hebben we hier niets aan.

Dan kijkt de knaap ietwat trots naar de twee avonturiers.

”Ik geloof jullie en zie er weinig heil in om mijn leven op te offeren voor enkel loon. Dit is niet mijn gevecht! Bij Efferd en Phex, dit is pas mijn tweede tocht op deze boot! Maak mij los en geef mij een wapen, zodat ik jullie kan helpen tegen dit gespuis!”

Ondertussen kijken de aanweziggen op het bovendek gespannen naar het luik, maar Owan en Ayransk verschijnen niet. De heks ijsbeert zenuwachtig rond en begint ogenschijnlijk haar geduld te verliezen.
door Edorian
draak, 468 / 533
gepost: 26-7-2006
om 14u19
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Het duurd niet al te lang voor Ake-Iya zijn boeien los heeft.
Terwijl hij het mes goed verborgen houd achter zijn lichaam, gaat hij rustig en on opvallend weer rechtopzitten. Hij doet net alsof zijn handen nog geboeid zijn en laat de touwen er los omheenzitten.

Net doent als of hij bijkomt en het zich wat gemakkelijker maakt gaat hij weer tegen Nadschenka aanzitten en druk hij voorzichtig het mes in haar handen. Hij zegt niets om geen aandacht op hen te vestigen. Ake-Iya wil kosten wat kost vermijden dat de heks weer wat met hem zal doen en houd zich dan ook erg stil. Hij voelt zich niet zo moedig als hij hier nu weer wat dichterbij de heks is. Alleen de wetenschap dat Shafir nu met hen is geeft hem de moed om hier te zitten.

De heks en alle andere mensen op het dek kijken naar het luik waar Orm staat. Shafir staat nu weer naast hem en ze wachten af...
door Cheroon
mandraak, 776 / 973
gepost: 27-7-2006
om 9u57
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Nadschenka had juist haar handen uit de touwen gewurmd en begon triomfantelijk in zichzelf te lachen toen ze zag dat Ake naar haar toe schoof. Even later duwde hij een mes in haar handen. Hoe kwam hij daar aan. Nadschenka was verbaasd. Ze voelde aan het mes. De balans was te zwaar in het heft. Ze zou het niet kunnen gebruiken om de heks te verwonden door een goede worp.
Dan kijkt ze rond zich heen. Nu zij en Ake los waren zag de situatie er niet zo hopeloos uit. Hoe kon ze ervoor zorgen dat ze het verrassingseffect volledig konden gebruiken. Ze moest er vooral voor zorgen dat de heks afgeleid was, zodat Ayransk en Owan iets konden uithalen. Kapitein Hazel was duidelijk van mening dat hun twee vrienden terug wakker waren geworden.
Gespannen kijkt Nadschenka rond zich heen, en probeert de situatie in te schatten
door malkav
achterban(k), 4471 / 7020
gepost: 28-7-2006
om 22u56
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Owan legde zijn oor tegen de deur en luisterde aandachtig. Hij hoorde geen voetstappen op de trap,.. nog niet.
De situatie bleek vele malen erger te zijn dan dat hij verwachtte. De aanwezigheid van een tweede schip en daarbij de oude feeks leek de gehele situatie nog uitzichtlozer te maken dan dat deze in de eerste instantie leek. Hun vrienden waren boven
, waarschijnlijk overmeestert of erger. Leefden ze nog?

"Ayransk, we moeten snel zijn. Dit is onze enige uitweg. Wachten we tot ze naar beneden komen, en wat als ze onze vrienden als overtuigingsmiddel gebruiken, als deze nog in leven zijn.
Ik kan niets doen voor Rahna, al wil ik nog wel even naar haar kijken."


Owan liep naar het meisje en onderzocht haar.
"Rahna, jij bent de sleutel... wat zien we over het hoofd kleine meid.", fluisterde hij in het luchtledige. Het meisje leek koortsdromen te hebben,.. al kon hij zich niet bedenken wat de medische reden zou kunnen zijn..
door Zorbalt
Moorderator, 3823 / 5435
gepost: 29-7-2006
om 10u07
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Het meisje bleef in haar koortsdroom, maar knipperde met haar ogen toen de Magiër tegen haar fluisterde. Heel kort draaide ze haar hoofd in zijn richting en opende haar gebarste lippen...

"...erg....dik..."

Na deze woorden te hebben gesproken zakte Rahna dieper weg. Ze leek gekweld te worden door uitputting of pijn.

Boven op het dek stopte de heks haar zenuwachtige tred en keek een kort moment onderzoekend naar haar gevangenen. Daarna liep ze naar de twee piraten die gespannen haar bevelen af leken te wachten.

De oude vrouw fluisterde in overleg met de twee waterschurken. Deze keken enkele malen al knikkend in de richting van Nadschenka en Ake-Iya.

Toen ze waren uitgesproken deed de piratenkapitein een stap naar voren. Zijn stem klonk diep.

"Aangezien jullie vrinden zich niet bekommeren om jullie en de vrouwe niets meer heeft aan jullie aanwezigheid heeft ze besloten om jullie niet te doden. In plaats van een wisse dood zullen jullie vanaf deze nacht mijn slaven zijn. Ik ben er van overtuigd dat mijn bemanning veel plezier zal beleven aan jullie aanwezigheid. Er zijn momenteel geen vrouwen en ook niemand van zijn ras aan boord.

Hij bevochtigd zijn dikke lippen met het puntje van zijn tong en kijkt verlekkerd naar de acrobate.

"Jij bent werkelijk een prachtexemplaar."

De feeks wrijft in haar oude handen. "Zie hoe barmhartig ik ben...
door Edorian
draak, 471 / 533
gepost: 1-8-2006
om 10u08
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ake-Iya schrikt zich een ongeluk, hij weer slaaf zijn?! Dat nooit!! Eén keer in zijn leven was vaak genoeg, voor zo'n trotse krijger. Hij zal liever sterven dan weer een slaaf worden. En dan willen ze Nadschenka ook nog ..... Nee het is te veel om over te denken.

Op dit moment lijkt dat hij niets meer te verliezen te hebben, dit geeft hem nieuwe moed. Hij is zelf zo verbolgen over het idee wat die vieze piraten met Nadschenka zullen gaan doe dat hij alle angst voor de heks vergeet en woest op haar wordt.
"Vieze heksvrouw niet zijn barmhartig. Zijn laf om ons aan Piraat geven, wat wij doen heb! Ons losmaak dan zal eerlijk vecht!!" Zerwijl hij dit zegt doet Ake net als of hij worstelt met zijn gebonden handen.

Dan blijft hij stil zitten en kijkt vernietigend naar de heks... Als iedereen ziet dat de zwarte man is uitgeraasd en verder niets anders doet dan boos kijken draaien ze zich weer gespannen naar het voordek, waar het luik zich bevindt. Ake fluistert snel naar Nadschenka dat ze hem moet volgen naar het luik als hij het zegt. "Nadschenka wij snel springen als ik zeg en dan door luik naar beneden. Wacht op nu."

Ake voelt hoe Nadschenka in zijn hand knijpt als teken dat ze het heeft begrepen en dat ze zich klaar maakt om te gaan. De verassing dat hun handen los zijn kunnen ze nu goed in hun voordeel gebruiken. Hij blijft goed opletten of er voldoende ruimte valt en of niemand kijkt....
door pem
Wickerman, 1611 / 1806
gepost: 1-8-2006
om 14u33
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Toen Owan klaar was met Rahna keek hij naar Ayransk. Ayransk stond op dat moment gereed om het dek te bestormen. Kom op Owan we gaan ze boven verassen! Ayransk negeert de jonge matroos die hen wil helpen. Hij neemt t zekere voor t onzekere want wie weet of die jongen dat gemeend heeft en zich niet tijdens het gevecht tegen Ayransk en Owan keert.

Ayransk doet de deur open en loopt de gang op. Niemand te zien. Kom we gaan naar het luik. Als we voorzichtig zijn dan merken ze niet dat we eraan komen en hebben we het verassingselement aan onze zijde.

Ayransk loopt samen met Owan voorzichtig in de richting van het luik. Ze zien niemand op het dek staan. Vreemd denkt Ayransk. Ze hebben toch net naar ons geroepen. Ayransk gaat heel voorzichtig naar het luik en kijkt snel om de hoek. Het bovendek is leeg. Wel hoort hij geluiden vanaf de verhoging komen. Ayransk hoort een van de piraten nog vertellen dat ze Nad en Ake meenemen op hun schip. Dit vult het hart van Ayransk met nieuwe moed. Ayransk gaat terug de gang in waar Owan staat. Onze vrienden zijn nog in leven Owan. Op het dek is niemand. Ze staan allen op de verhoging Fluistert Ayransk. We kunnen het dek niet oprennen want ik denk dat we dan vanaf het piratenschip beschoten worden. Kun jij iets doen?
door malkav
achterban(k), 4485 / 7020
gepost: 1-8-2006
om 17u23
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Owan zag de situatie zeer duister in. Zijn rug was inmiddels koud en klam geworden door het zweet der zorgen. Hier beneden blijven had geen zin en zou de anderen beneden in onnodig gevaar brengen. Het enige wat ze konden doen was naar boven gaan.. Hen bestormen was geen goed plan, afwachten tot een fortuinlijke situatie was misschien de enige optie, als het lot hen goed gezint was. Zijn hart bonkte in zijn keel.
Fluisterend boog hij naar Ayransk toe.
"Laten we rustig naarboven gaan en het dek betreden,.. en desnoods knokken. We komen er anders toch niet uit. Onze vrienden zijn boven, levend .. We zijn verplicht om ze te helpen, en mocht het niet lukken dan zullen we met eer sterven terwijl we wraak trachten te nemen,.. zo simpel is is het. Ik zal nimmer een slaaf worden.

Ik kan niets meer, behalve jou genezen.. als ze ons die tijd nog gunnen. Of ik kan trachten een schild te maken voor het geval die feeks met magie naar ons gaat werpen,.. maar je zal dan wel direct aan mijn zijde moeten blijven staan. We moeten naarboven, als we hier blijven brengen we enkel de anderen beneden in direct gevaar.. twee kinderen en een oude man. Die bootsman moet mee naarboven als we gaan, zoniet kiest hij weer Orm's kant om zijn hachje te redden. Je zegt het maar wanneer je naarboven wil, dan haal ik die andere kerel."


Owan keek Ayransk ernstig maar met een zekere kalmte in de ogen aan. Owan had zijn eventuele lot al geaccepteerd.

"Wat gaat het worden, vriend?", fluisterde hij.
door pem
Wickerman, 1614 / 1806
gepost: 2-8-2006
om 9u04
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Owan je hebt gelijk. We zijn verplicht onze vrienden te helpen maar bedenk ook dat we verplicht zijn om Darian en Rahna te beschermen en dat we een missie te vervullen hebben. Onze vrienden zullen niet gedood worden. Dat is een geruststelling. Ik ga niet het dek opstormen want dat betekent een gewisse dood.

Ayransk kijkt nog eens voorzichtig om de hoek het dek op. Er is nog steeds niemand te zien. Totdat hij een bootsman op de boeg ziet staan. Ayransk ziet dat de man angstig is en constant naar de verhoging staat te kijken.

Owan daar op de boeg staat nog een bootsman. Die is bang. Misschien kunnen we hem hierheen lokken als hij ziet dat een van zijn makkers ons helpt.

Kun jij die heks niet uitschakelen? Misschien met behulp van Rahna?
door Zorbalt
Moorderator, 3838 / 5435
gepost: 3-8-2006
om 12u46
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
De twee piraten, beide zongebruinde gespierde kerels, liepen naar de twee gevangenen. Ze lieten hun wapens aan hun riemen rusten, aangezien de verse slaven geboeid waren. De bemanning van het piratenschip schreeuwde en joelde toen hun kapitein en eerste stuurman hun prijzen in ontvangst namen.

Orm, Shafir en de oude feeks stonden aan de rand van de verhoging. Nu de twee gevangenen naar het andere schip zouden worden gebracht, hoefde de heks zich enkel te richten op de twee heren die zich benedendeks schuilhielden. De kapitein van de Zeenaald en zijn donkerhuidige collega keken elkaar aan met een blik vol machteloosheid. Zij wisten diep van binnen dat er geen weg meer terug was.

Als zij niet kreeg waarvoor ze gekomen was zou dit schip met hen ten onder gaan.
door Edorian
draak, 481 / 533
gepost: 3-8-2006
om 16u07
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ake-Iya zit gespannen te wachten op een opening. Dan komen de twee piraten op hen af om hen naar het andere schip te brengen. Achter de piraten is een mooie opening bij een van de trappen van de verhoging te zien. Hij wacht geduldig tot ze dicht genoeg bij zijn, dan zal hij ze eens kennis laten maken met vechten zoals de moha's dat doen.

Een van de piraten loopt op hem af en de andere naar Nadschenka. Wanneer de piraat hem overeind trekt roept Ake: "Nadschenka, NU!" Ake gebruikt het momentum van de piraat die hem omhoogtrekt. Zijn handen komen tevoorschijn en hij stoot de piraat met de muis van zijn rechterhand onder de neus. Hij steekt die arm door voor de piraat langs terwijl met zijn rechter been het rechterbeen van de piraat weg veegt. Door de voorwaardse beweging van Ake wordt de piraat naar achter gedwongen, maar gaat onderuit door de beenbeweging van de moha.
De piraat is volledig verrast door de snelle bewegingen van Ake, hij geeft een gil en valt achterover met tranende ogen op de grond. Hij grijpt met zijn handen naar zijn neus.

Ake had hem graag meer laten voelen, maar de weg is vrij en Ake laat de piraat voor wat hij is en duikt naar de trap. Na een paar treden springt hij al naar het dek onder hem. Hij komt neer en maakt een rol over het dek. Hij is nu vlak bij het luikt, kijkt naar de trap of Nadschenka hem volgt, maar ziet haar niet...
Dan hoort hij een fluitend geluid bij zijn oor en niet ver van hem vandaan steekt een pijl in de verhoging.
door malkav
achterban(k), 4489 / 7020
gepost: 3-8-2006
om 16u17

gewijzigd door malkav
3-8-2006 om 16u32

Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Owan hoorde plotseling veel geschreeuw en fluiten. Hij dacht er ook enkele schunnigheden doorheen te horen. Owan wilde net aanstalte maken om het dek te betreden en het gesprek aan te gaan..
Toen was er enkel een felle kreet, en het gejuich verdween. Er was wild gestommel te horen op de brug en een slanke schaduw scheerde door de lucht.
Deze rolde over het dek en stond in een flits op. Het was Ake! De piraten begonnen hun geschreeuw weer, maar deze maal was het geschreeuw van een ander soort.

Het geluid van bogen die gespannen werden klonk door het slaan van de golven heen. Daarna de stilte van het wachten. Enkele pijlen vlogen eigenaardig dicht boven Owan en Ayransk langs, een andere pijl miste Ake maar net. Zij raakten het schip. Het geluid van de neerslaande pijlen in het harde hout van het schip klonk eigenaardig hol benedendeks. Ze zouden makkelijke doelwitten zijn als ze nu ook naarboven zouden razen.

In alle comotie zag Owan een beweging boven zich.
Een knokelige staf werd op de verhoging in de lucht geworpen en leek tot leven te komen. Het object was vastberaden om te vechten. Heksen magie,.. verachtelijk.

Nadschenka was nergens te bekennen,.. als ze maar veilig was. De kans was groot dat zij het doelwit was geworden de toverkol's toorn.
door pem
Wickerman, 1619 / 1806
gepost: 3-8-2006
om 16u26
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk hoort ineens tumult boven hem. Maar voordat hij iets heeft kunnen doen komt ineens Ake naar binnen gestormd en loopt bijna Owan omver. Een pijl slaat vlak boven zijn hoofd in in de deurpost niet ver vanwaar Ayransk staat. Geschrokken pakt Ayransk zijn bijl en kijkt Ake aan. Verdomd denkt hij het gaat gebeuren.

Ayransk kijkt om t hoekje om te kijken of Nad er ook aankomt maar het enige wat hij ziet is tumult op het piratenschip. Een aantal piraten versnellen naar de loopplank. Verdomd denkt Ayransk die kunnen we er niet bij hebben.

Zonder na te denken springt hij langs Owan en rent hij het dek op. Zigzaggend rent hij naar de loopplank. De ene pijl na de andere scheert rakelings langs hem heen. Bij de plank aangekomen ziet hij dat er inmiddels twee piraten op staan en richting hem komen. Ayransk bedenkt zich geen moment en ramt met zijn bijl de plank weg. De plank en de piraten vallen in de diepte en verdwijnen in de golven tussen de beide schepen. Vlak na deze actie wordt Ayrnask in zijn schouder geraakt door een pijl. Een speer wordt naar Ayransk geworpen maar die treft alleen de ballustrade van de boot en verdwijnt in het diepe water.

Ayransk draait zich om en rent terug naar het luik. Onderweg krijgt hij een goede blik op de verhoging en hij ziet wat daar gebeurt.

Nadschenka is, omringt door de heks, Orm, Shafir en een man met donkere huid en baard, met de staf van de heks aan het vechten. De staf zweeft op dat moment boven hen. Ayransk wil helpen maar de ene pijl na de andere suist langs hem heen en hij besluit maar om weer in het luik te verdwijnen. Veilig komt hij daar aan. Ayransk trekt de pijl uit zijn schouder en kijkt Ake vragend aan.

Verdomd. Je laat me schrikken vriend. Nad is in moelijkheden. Ze is met de heks aan t vechten omringt door de rest. We moeten haar helpen maar de pijlen suisen om onze oren. Ik heb de loopplank weggeslagen dus de piraten komen niet zo gemakkelijk aan boord. Ake in de kamer bij Rahna liggen sabels. Pak er een dan gaan we ze boven een lesje leren.
door malkav
achterban(k), 4490 / 7020
gepost: 3-8-2006
om 16u36
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Totaal onverwacht en onaangekondigt stormde Ayransk het dek op langs Ake, die nu richting het luik kwam gerend. De man was een jager. In zijn ogen zag Owan een vastberaden blik die hem ongewoon was. Deze man was niet van plan om te sterven. Hij sloeg zijn hand amikaal neer op de schouder van Ake en kneep erin.
"Dus het gaat gebeuren vriend"

Owan draaide zich om en liep de trap af richting het vertrek waar de anderen wachtten,.. hij ging naar hun 'gevangene'.
"Het is gekkenwerk om het dek op te stormen Owan.
We lijken wel mentaal verwond en klaar voor het Noionieten klooster.
", zei hij tegen zichzelf.

Hij stapte de ruimte haastig binnen en wendde zich tot de bootsman.
Hij keek op naar Dairan en bekeek de twee kinderen. Hierna knielde hij naast de bootsman.
"Luister, Orm is gek geworden door met die piraten en die heks te heulen, en onze vrienden staan op het punt een kopje kleiner gemaakt te worden. We hebben je hulp nodig.. Mijn naam is Owan Glimmerfeld,.. kunnen we van je op aan?"

Owan maakte de bootsman los met het sabel wat er nog lag.
door Edorian
draak, 482 / 533
gepost: 3-8-2006
om 16u50
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Nadat de pijlen vlak naast hem landen. Duikt Ake naar de veiligheid van het luik. Terwijl hij zich naar binnen spoed rent Ayransk naar buiten naar de loopplank. Ayransk is al snel terug en verteld dat Nadschenka in gevaar is. Ake hoort alleen dit en duikt zonder na te denken weer naarbuiten. "Helpen nu!!", roept hij nog. Het is zijn schuld dus als ze sterft dan doen ze het samen.

Hij rent een paar stappen, duikt naarvoren, rolt en komt precies naast de kist en de mast tot stilstand.
De kist staat nu tussen hem en de boogschutters in. Hij trekt hem open en haalt gelijk zijn schild en knots eruit.
Het schild gebruikt hij om zich te beschermen van de pijlen en zo wil hij naar de trap rennen...
door Zorbalt
Moorderator, 3845 / 5435
gepost: 5-8-2006
om 13u51
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Op het moment dat Ake-Iya het luidruchtige teken gaf werd de vadsige zeebonk bij Nadschenka een kort moment afgeleid. Meteen maakte de acrobate van het moment gebruik om het jachtmes naar voren te stoten. Het gekartelde lemmet beet zich diep in de onderbuik van haar belager, die gillend opzij viel.

Ze had eerder getracht om de situatie in te schatten en had een brede opening gezien nabij de rechter trap. Ze zag dat haar zwarte vriend hier heen rende. Zijn tegenstander lag kermend op de grond, een bebloede hand voor zijn gelaat houdend. Nadschenka reageerde instinctief en trok met een ruk het entermes uit de schede van de gewonde piraat voor haar voeten. Het wapen voelde zwaar aan.

Ze zag dat Ake-Iya van de verhoging sprong en spurtte achter hem aan. Het oversteken van de verhoging leek een eeuwigheid te duren. In haar ooghoek zag ze hoe de oude vrouw haar zware wandelstaf met een gil omhoog wierp. De rand van de verhoging leek binnen bereik, maar toen zag ze tot haar verbazing dat de zwarte staf haar kant op kwam. Alsof het bezield was met een eigen wil belette het Nadschenka om de oversteek te maken. Ze bukte toen de staf over haar hoofd suisde en een korte boog maakte, waarna het vol haat toesloeg. Het gevecht was begonnen.

Nadschenka trachtte zich verwoed te verdedigen tegen de klappen van de magische vechtstaf, maar het wapen was razendsnel. Bovendien was ze niet echt gewend om met het zware piratenwapen te vechten. Ze probeerde de harde klappen af te weren en zag tot haar schrik dat de omstanders haar insloten. Haar vrienden zag ze nergens, want ze kon maar een klein gedeelte van het dek zien en voordat ze besefte wat er gebeurde werd ze hard tegen haar hoofd geraakt.

De heks schreeuwde Goddeloze verwensingen toen de Thorwaler de pijlen negeerde en de loopplank tussen de twee schepen verbrijzelde. Hoewel hij geraakt werd lukte het hem om even snel weer terug te kruipen in zijn schuilplaats. Ze had zich voorbereid op een aanval van die jonge magiër, maar tot nu toe had hij zich nog niet laten zien. De jonge Moha daarentegen kroop het luik uit en vond zijn weg naar de wapens.

Diep van binnen wist ze dat de huurlingen van Aloph voor hun leven zouden vechten. De acrobate had niet gelogen. De zalf was niet meer in hun bezit en binnen een jaar zou ze het licht uit haar ogen verloren zijn. Met een onaardse grom, trillend van furie, spreidde ze haar vingers en wees in de richting van het dek. Geen genade…
door Edorian
draak, 484 / 533
gepost: 5-8-2006
om 19u52
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Op het moment dat Ake zich omdraaid en naar de trap wil rennen gebeurt er iets vreselijks. Het dek is niet meer te zien. Er hangt een vreemde oplichtende en stinkende mist vlak boven de bodem. Uit deze mist verschijnen tentakelachtige klauwen en muilen vol met scherpe tanden. Deze lijken rechtstreeks uit de Hel te komen!! De pijlenregen stopt en de piraten staan vol ontzetting te kijken naar het andere schip.

Ake staat als aan de grond genageld vlak naast de mast en voelt de vloer onder zijn voeten bewegen. Het angstzweet breekt hem uit en hij begint in het Mohisch te gillen.
Plotseling graait er een stekelige tentakel naar zijn benen. Meteen daarna voelt hij een scherpe pijn in zijn enkel en als Ake naar beneden kijkt ziet hij een vlezige krioelende massa waar een vreemdsoortige muil met scherpe tanden in zit.

De tentakel laat Ake los, hij moet hier weg.
Ake kijkt naar het luik, maar ziet geen veilige manier om daar te komen. Het luik is gewoon te ver. Het hele dek krioelt van de muilen en tentakels.

Dan kijkt hij opzij en ziet de reling en het wand, het is relatief dichtbij, maar toch nog een drie meter bij hem vandaan. Ogenblikkelijk gooit hij zijn stalen schild midden tussen hem en de reling. Hij springt er bovenop, maar het schild glijd weg en Ake verliest zijn evenwicht. Wild maaiend met zijn armen valt hij voorover.
Gelukkig is het schild in de richting van de reling geschoven en kan hij met zijn handen een van de lijnen grijpen.

Daar hangt hij en het schild glijd onder hem weg. Hij weet zijn grip op lijn te verstevigen en wil zich naar de reling trekken. Maar dan merkt hij dat zijn linker been vast zit en vol ontzetting ziet hij dat een tentakel zich om dat been gewikkeld heeft...
door malkav
achterban(k), 4496 / 7020
gepost: 6-8-2006
om 12u54

gewijzigd door malkav
6-8-2006 om 21u51

Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
De bootsman knikte toen Owan hem overeind hielp. De kerel greep het sabel en schoot de ruimte uit richting het luik. Een fractie van een seconde later was er niets anders dan geschreeuw te horen en een misselijkmakende rottingslucht kwam de ruimte binnen. Owan keek de gang in en zag een angstaanjagende bewegende massa bij het luik. Tentakels en expressieloze muilen sloegen wild in het rond naar prooi. Het leken wel kikkervisjes, enkel hadden ze een muil met onnatuurlijk scherpe tanden. De bootsman was verdwenen. Hij zag enkel Ayransk zitten aan de trap.
Door het plafond van de gang en de ruimte droop een inktachtige vloeistof naar beneden, maar voor deze de grond had bereikt lostte deze al op.

Owan had gehoord en gelezen over deze magie, en nu pas begreep hij waarom de geleerden deze soort magie toeschreven aan het beinvloeden van demonische machten. Dit was de allom gevreesde Pandemonium,.. en het was daadwerkelijk iets om te vrezen.

Dairan ging in gebed en vrijwel direct begonnen de olielampen in de ruimte te flakkeren. Het viel Owan op dat de temperatuur in de ruimte plots hevig daalde, hij kon zijn eigen ademhaling zien.
Er zette een zwakke wind op in de ruimte, dit was hoogst onnatuurlijk. Dairan riep plots naar Owan dat Rahna haar ogen open had.
Het kleine meisje had een eigenaardige uitdrukking op haar gelaat en staarde verbeten naar het plafond.

Owan stapte bezorgd op Rahna af.
"Rahna blijf rustig liggen,.. ik beloof je, er zal je niets overkomen!"
Het meisje keek hem aan met een akelig afwezige blik in haar ogen en ze opende haar mond, ze haalde diep adem.
De blik in haar ogen veranderde en ze schreeuwde,.. het geluid sneed door de ruimte en verpletterde Owans trommelvliezen. Het geluid was te omschrijven als het geschreeuw van duizenden woedende kraaien, het was onmenselijk. De pijn in Owans oren was haast niet te harden, hij greep met zijn handen naar zijn oorschelpen en zakte door zijn knieën. Het enige geluid wat overbleef was een ruis met op de achtergrond een monotome piep. Owan zag Dairan's mond bewegen maar hoorde geen enkel geluid... De man schreeuwde naar hem, maar Owan had geen enkel idee wat er gezegd werd.

Hij wist dat Ayransk veilig was beneden aan het luik,.. Nadschenka was in gevecht op de brug, waar de spreuk naar alle waarschijnlijkheid geen invloed had. Maar dan nog had ze haar handen meer dan vol,.. zonder hoop op versterking. Ake was op het dek en als Owan de dingen moest geloven die over deze soort magie geschreven werd was zijn Mohische vriend verloren.
door pem
Wickerman, 1621 / 1806
gepost: 6-8-2006
om 21u27
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk bewonderde de moed van de kleine zwarte man. hij zag dat hij veilig bij de kist aankwam. Pijlen vlogen nog steeds door de lucht. Ake en het luik werden flink onder schot genomen.

Maar net als Ayransk nar buiten wilde rennen gebeurde er iets verschrikkelijks. Het dek verdween in een dichte stinkende mist. Uit deze mist kwamen tentakels en muilen vol scherpe tanden tevoorschijn. Het leek wel alsof de poort naar de hel geopend was. Ayransk deed verschrikt een stap achteruit. Hij werd net niet gepakt door een van de tentakels. Ayransk viel achteruit en kwam tegen in de gang tot stilstand.

Bij Efferd. Wat gebeurt hier. OWAN HELP!!!! Ayransk wilde naar buiten om Ake te helpen maar op een of andere manier kreeg hij zijn benen niet in beweging. De moed is in zijn schoenen gezonken. Ayransk zag de jonge bootsman aan komen rennen en weer terugdeinsen bij de aanblik van hetgeen zich op dek afspeelt. De jonge jongen draait zich om en rent naar de kapiteinskamer. Hij opent de deur en dan is Ayransk weer alleen in de gang.
door Zorbalt
Moorderator, 3848 / 5435
gepost: 6-8-2006
om 21u56
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Alsof het een gordijn was dat met een ruk werd weggeschoven, verdween de dichte deken van mist. Voor het eerst sinds het oog van Praios achter de horizon was verdwenen brak de hemel open en zagen de aanwezigen op de dekken van beide schepen de sterren en de grote maan. De schepen gleden langzaam naast elkaar de mistmuur uit en nu was de horror die zich voltrok op de Zeenaald voor iedereen nog duidelijker zichtbaar. De onnatuurlijke bodem op het bovendek kolkte en pulseerde terwijl tientallen klauwen, tentakels en klapperende kaken naar voedsel zochten.

Een zwarte vangarm had zich om het been van de donkere krijger geslingerd. Het was sterk en probeerde hem terug de zwarte massa in te sleuren. Voor op de punt van de Kogge, net buiten het bereik van het dodenveld, stond een angstige bootsman al biddend te huilen.

Op de verhoging dook de acrobate in elkaar om zichzelf te beschermen tegen de rake klappen van haar bovennatuurlijke belager, een vijand die ze niet verwonden kon.

Toen klonk er plotseling een oorverdovend en onnatuurlijk geluid vanuit de hemel. De ogen van de aanwezigen keken naar boven en iedereen zag een vreemdsoortige zwarte wolk. Een wolk die van vorm leek te veranderen, een groot deel van de hemel besloeg en de schepen naderde. De piraten aan boord van het fregat werden onrustig, want niemand had ooit zo’n grote zwerm vogels gezien. Een enorme hoeveelheid kraaien, het zouden er honderden kunnen zijn, haalden de schepen in rap tempo in.

De heks schreeuwde en riep haar houten dienaar terug. De staf sloeg Nadschenka nog een keer hard tegen haar rug en zweefde daarna terug naar zijn meesteres. De acrobate was gewond, had pijn, maar was in ieder geval nog in leven. Na een korte gespannen stilte klonk er een enorm hard krijsend geluid dat vanuit de buik van de Kogge leek te komen. In reactie op dit aanvalssignaal braken de gevederde linies uiteen en doken de vogels naar beneden.

Veel piraten probeerden verwoed om benedendeks te gaan, vluchtend voor dit vreselijke gevaar, maar het was al te laat. Als geleide projectielen vielen de kraaien de scheepsbemanning aan.

Ook op de verhoging van de Zeenaald verschenen vele tientallen kraaien die luid kwetterend op de aanwezigen doken. Alleen Nadschenka, die nog steeds op de grond zat, werd door de woedende dieren genegeerd. De heks, de piraten, Orm en Shafir sloegen wild om zich heen terwijl de grote vogels hen van alle kanten aanvielen.
door malkav
achterban(k), 4499 / 7020
gepost: 6-8-2006
om 22u57
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Owan krabbelde overeind en haalde zijn handen van zijn oren. In de palmen van zijn hand zag hij wat bloed. Rahna was stil geworden, althans; ze had haar mond gesloten, maar hoe zij zich nu gedroeg was vele malen akeliger dan de schreeuw. Nog steeds hoorde Owan enkel die akelige ruis in zijn oren en die zenuwtergende piep,. dit was het enige geluid wat er bestond voor hem.

Zilverkleurige haren leken te waaien in de wind,.. maar Owan voelde geen enkele bries door de ruimte, totaal geen weerstand der elementen.
De ogen van de zilverharige schoten als pijlen door haar kassen. Haar vertoon leek onmenselijk.

Owan was nog steeds doof en stond op het punt om in paniek te raken toen zijn ogen op Dairan en Frenja vielen. De kapiteins dochter was inmiddels overstuur tegen Dairan aangekropen. Owan zag oprechte angst in Dairans ogen, ogen die op Rahna gericht waren, zijn 'dochter'.
Plots wees de man naar het plafond en hij schreeuwde naar Owan. Nog steeds leek de wereld aan hem voorbij te gaan als een prentenboek, enkel plaatjes zonder geluid. Hij kon zich maar met moeite aanpassen aan een wereld die beheerst werd door onuitstaanbare geluiden die diep in je hoofd priemden. Al leek het met ieder voorbij schietend plaatje minder te worden.

Owan draaide zich om en zag ook de gevangen bootslui leken onrustig te worden,.. een van hen kon zelfs zijn blaas niet meer controleren. Owan keek op en zag twee diep zwarte vogels in de ruimte. De vogels doken neer op de geknevelde mannen en vielen hen aan als bezeten dieren..

In zijn ooghoek zag hij beweging. Enkele zwarte schaduwen, geworpen door het licht van de olielampen, vielen op de houten wanden. Hij zag hoe zeker drie andere kraaien de ruimte kwamen binnen gevlogen. Owan draaide weg van de deur en stapte gehaast richting Dairan en Frenja. Hij deed zijn lederen mantel uit en liep naar het tweetal toe met de vastberadenheid om hen beschutting te geven onder de mantel, samen met hem. In de verte, onder de ruis, hoorde hij voetstappen naderbij komen,.. waarschijnlijk was dit het slaan van zijn eigen laarzen op de houten vloer.
door pem
Wickerman, 1622 / 1806
gepost: 7-8-2006
om 12u45
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk, nog steeds niet in staat zich te bewegen, hoort ineens een luid geschreeuw uit de slaapvertrekken komen. Hij vraagt vrouwe Rondra om hem moed te schenken, want zijn angst wordt hem te machtig. Terwijl hij hiermee bezig is hoort hij een rumoer vanaf het dek komen.

Ayransk kijkt om en ziet dat de tentakels verdwenen zijn. De lucht ziet zwart van iets. "Verdomd. denkt hij, dat zijn kraaien."
Een zwerm kraaien vliegt de gang binnen op weg naar de kamer waar Owan en Rahna zich bevinden. De kraaien negeren Ayransk.

Ayransk pakt zijn moed bijeen. Ake en Nad zijn nog buiten op het dek en zijn in gevaar. Hij moet hen helpen. Hij voelt zijn benen in beweging komen. "Vrouwe Rondra bedankt", denkt hij. Ayransk spurt de trap op en rent het dek op. Daar aangekomen ziet hij een enorme hoeveelheid kraaien die de piraten, de heks, Orm en Shafir aanvallen. Ze laten Nad en Ake met rust. Vreemd denkt hij. Vanaf het piratenschip is het ook rustig. Die gasten worden ook door de kraaien aangevallen.

Ayransk schept moed uit deze situatie en rent naar Ake. Alles goed met jou? Kom we gaan Nad helpen. Die kraaiene blijken aan onze kant te staan. Kom op! Ayransk staat weer op en rent richting de verhoging. Eenmaal boven gekomen ziet hij Nad op de grond zitten. Ze is gewond en kjkt versuft voor zich uit. De rest is te druk met de kraaien en merken niet dat de Thorwaler hun richting op komt.

Ayransk heeft zijn bijl gereed. Boven aangekomen wordt hij niet aangevallen. Nad kijkt hem aan. Ayransk maakt van de gelegenheid gebruik en probeert de heks voor eens en voor altijd uit te schakelen.

Ayransk loopt naar haar toe en haalt uit.
door Edorian
draak, 485 / 533
gepost: 7-8-2006
om 16u16
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ake-Iya probeert zich vast te houden aan de touwen, maar hij verliest zijn grip. De tentakel trekt hard aan zijn been en rukt hem over de vlezige bodem in de richting van een muil, een muil die hem doet deken aan de bek van een roofvis. Ake spartelt als een bezetene en blijkt alle zelfbeheersing te hebben verloren.
De situatie lijkt hopeloos, maar dan duiken er honderden kraaien op. Ze vliegen op de verhoging af en op de bange bootsman nabij de punt van het schip. Enkele overvliegende kraaien vallen ten prooi aan de demonische kaken. Ake duikt in elkaar hij is er zeker van dat er nog meer onheil over hem heen gestort word, zijn laatste uur heeft geslagen.

Er klinkt een sissend geluid en vanaf de bodem stijgt een zure damp op. Als bij toverslag zijn de tentakels, klauwen en bekken verdwenen. Op de houten plankbodem van het dek laten zij enkele dode en gewonde vogels achter. De bootsman op de punt van het schip valt al schreeuwend overboord. Op de verhoging en aan boord van het piratenschip klinken angstkreten. Het enige wat Ake-Iya ziet is een wolk van kwetterende en klapwiekende zwarte vogels.
Ake pakt snel zijn schild en kruipt er achter weg, volledig ontdaan van zijn normaal denkvermogen. Wie goed zou luisteren hoort naast het geluid van de vele kraaien nog zacht:

"Zwart vogel! Boze geesten halen Ake-Iya, nu zijn dood. Boze geest. Oh helpen Ake-Iya Kamaluq. Zwart vogel halen ons."

Dan staat Ayransk bij Ake en vraagt hoe het gaat. Ake kijkt verbaasd over het randje van zijn schild en ziet de grote zeeman onverschrokken tussen de kraaien staan. Ze doen hem niets, het lijkt zelfs of ze achter Ayransk de verhoging aan het aanvallen zijn. De heks, Orm en Shafir zijn ze druk van zich af aan het slaan. Dan roept Ayransk iets en Ake verstaat alleen de naam van Nadschenka.

Ayransk draait zich om en rent naar de verhoging. Akes gedachten vallen weer op hun plek en nu Ayransk Nadschenka gaat helpen kan hij niet achterblijven. Hij staat op met knots en schild en strompeld zo snel mogelijk naar de verhoging.
door malkav
achterban(k), 4500 / 7020
gepost: 7-8-2006
om 19u15

gewijzigd door malkav
7-8-2006 om 19u59

Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Owan trok de lederen mantel over Dairan en Frenja en op de achtergrond klonken de plagerige kreten van de kraaien en het gekerm van de gevangenen. Zijn gehoor was terug!
Het duurde niet lang om te realiseren dat de kraaien hen met rust lieten. Voorzichtig keek hij langs zijn mantel.

"Dairan, bescherm Frenja,.. ik denk dat Rahna alles behalve een gevaar loopt nu. Ik moet naar mijn vrienden, ze zijn in gevaar. Ik denk niet dat de kraaien ons iets zullen doen zolang we ze niet storen. Neem de kleine mee naar de gang, ze hoeft dit niet te zien, en vanaf de gang kan jij Rahna nog in de gaten houden."

Hij stapte weg en liet de mantel bij Dairan. Hij stond op en raapte zijn staf op van de grond.
Hij liep naar de gang en richting het luik. Tot zijn verbazing was de Pandemonium opgelost. Dit was hun kans, de heks was immens verzwakt. Misschien kon hij haar dwingen om de vloek te verbreken op de vrouw van Sandfort. Hij liep de trap op en zag Ayransk op het dek, niet ver van hem vandaan zag Owan Ake,.. deze was er slecht aan toe, maar nog in leven. Iets wat Owan eigenlijk niet verwachtte.
Het tweetal liep op de trap af naar de verhoging, ze kwamen op Owan afgelopen. Ayransk had een grote voorsprong op de Moha, die gewonder overkwam dan Owan op het eerste oog vermoede.
Owan draaide naar de andere trap en ging ook de verhoging op naar de brug. Hij concentreerde zich op een spreuk toen hij op de trap stond.
door Zorbalt
Moorderator, 3850 / 5435
gepost: 8-8-2006
om 0u23
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Op het moment dat de Thorwaler zijn bijl naar achteren zwaait om uit te halen vliegen de vele kraaien op. Ayransk wordt een kort moment uit balans gebracht, maar weet zich te herstellen. De vogels laten de gewonde prooien achter. Allen zijn ze flink gehavend in hun gelaat en aan hun armen en handen. De sterke snavels van de kraaien hebben vooral bij de heks diepe vleeswonden gecreëerd in haar wangen en nek. Ze jammert van de pijn en zakt huiverend op haar knieën. Haar stem klinkt zacht en smekend…

”Alstublieft heer, ik ben maar een arme oude vrouw.”

Ze kijkt omhoog en de Thowaler ziet twee lege oogkassen vol donker bloed. De kraaien hebben haar zieke ogen eruit gebeten. Het gelaat ziet er alleen maar monsterachtiger uit. ”Ik smeek u, heb medelijden…”

Ondertussen bereikt de zwaar gewonde Moha de verhoging. De twee piraten liggen dood op de grond, het vlees van hun hals uiteengereten. Shafir en kapitein Hazel trachten op te staan en al zijn zij gehavend, de kraaien hebben hen slechts oppervlakkig verwond. Terwijl Ake-Iya naast een bewusteloze Nadschenka knielt, vliegen de kraaien vanaf het piratenfregat omhoog en voegen zich bij de anderen in de hemel. De piraten die niet kondern vluchten jammeren van de pijn. Vanuit de lucht klinkt een kakofonie van geluid. Langzaam maar zeker lijken de vogels tot rust te komen. In kleine groepjes vliegen ze uiteen. Een enkeling blijft op de hoge mast of de reling van de boot zitten en bekijkt met een schuine kop de schade die hij en zijn gevederde vrienden hebben aangericht.

Owan Glimmerfeld loopt de trap op naar de verhoging en ziet zijn vrienden. Ayransk staat tegenover een zielig hoopje mens dat eerder nog een gevaarlijke heks was. Het is niet duidelijk wat de Thorwaler van plan is.
door pem
Wickerman, 1627 / 1806
gepost: 8-8-2006
om 8u43
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Net als Ayransk uit wil halen stopt het gevecht. De kraaien vliegen weg en laten een flinke ravage achter. Ayransk weet zijn bijl in toom te houden. Hij twijfelt of hij toch niet uit zal halen naar de heks. Maar de aanblik van haar doet hem besluiten het niet te doen. Ayransk pakt de staf van de heks en gooit die naar beneden op het dek. Als je leven je lief is dan zou ik mij maar erg rustig houden. Een verkeerde kik uit jou en ik zal je bij Boron afleveren. Praios is met ons en jij hebt verloren.

Ayransk draait zich om naar Shafir en Orm. Heren ik raad jullie aan om je wapens te laten vallen. Je hebt gezien waatoe onze vrienden in staat zijn. De volgende keer tonen we geen genade. LEG JULLIE WAPENS NEER NU!!!! Ayransk dreigt hen met zijn bijl en kijkt er flink boos bij.

Owan is inmiddels bij de heks aangekomen. Ake zit bij Nad. Beiden zijn flink aangeslagen maar zullen t overleven. Gelukkig.
door Zorbalt
Moorderator, 3852 / 5435
gepost: 8-8-2006
om 12u33
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
De heks verroerd zich niet en pakt met haar handen naar haar gelaat. Ze begint luid te snikken. Shafir en Orm gespen voorzichtig hun wapengordels af en laten deze voor zich op de grond vallen. De kapitein kijkt vermoeid naar het zielig hoopje mens dat enkele minuten geleden nog zo gevaarlijk leek. Hij schraapt zijn keel…

”Het spijt me. Ze zei dat het haar enkel om het doosje ging en dat niemand iets zou overkomen. Als ik niet had ingestemd had ze mijn dochter en mijn bemanning iets aangedaan. Shafir handelde in opdracht van mij en ik neem als kapitein de volle verantwoordelijkheid op mij. Ons lot ligt in jullie handen.”

Dan kijkt hij naar het piratenschip, waar langzaam de eerste bemanningsleden op het dek verschijnen. Orm knikt in de richting van het enorme schip.

”De Goden zijn jullie gunstig gestemd en ik heb een wonder mogen aanschouwen. Ik raad jullie aan om de trossen los te gooien en weg te varen van dat piratenschip, voordat de bemanning wraak wil nemen voor de dood van hun kapitein en hun eerste stuurman. Ik weet niet hoeveel van mijn bootsmannen nog in staat zijn om mijn schuit te laten varen, maar met jullie hulp moet het geen probleem zijn.”

Dan kijkt hij om naar Owan, die nog steeds in de nabijheid van de trap staat..

”Waar is mijn dochter?”

Ondertussen doet Nadschenka moeizaam haar ogen open en kijkt in de donkere kijkers van de Moha. Zijn bezorgde blik laat haar blozen. Ze sluit hem in haar armen en zoent hem vluchtig op zijn mond.
door pem
Wickerman, 1630 / 1806
gepost: 8-8-2006
om 12u44
Antw: Hoofstuk 7. Een waterig graf (Slot)
Ayransk hoort Orm aan en kijkt naar het piratenschip. Orm heeft gelijk. We moeten bij Efferd snel weg van dat schip anders gaan we straks nog met die gekken vechten. Orm, shafir maak alles gereed om te gaan varen. Ik zal de bootsmannen vrij laten. We moeten zsm weg hier.

Ayransk draait zich om. Owan bekommer jij je om die heks. Als ze moeilijk doet dan knikker je haar maar over boord. Dan mag ze Efferd gaan plagen.

Ayrnask rent langs Owan de trap af en verdwijnt in het luik. Ayransk rent naar de kamer waar de bootsmannen liggen. In de gang passeert hij Darian die Rahna en de dochter van de kapitein in zijn armen houd. Beiden zijn aangeslagen door de gebeurtenissen maar zijn ongedeerd gebleven. Ayransk rent de kamer binnen. Hij ziet de bootsmannen daar liggen. Ze zijn flink te grazen genomen door de kraaien en zijn meer dood dan levend. Bij Efferd. Die hebben flink slaag gehad. Verdomd! Ayransk kijkt naar de kraaien die rustig door de kamer lopen. Daarna draait hij zich om en gaat weer naar buiten en knielt bij Darian neer. Alles goed Darian? Zo te zien heeft Rahna ons goed geholpen. Ayrnaks glimlacht naar Rahna als hij dit zegt. Ik moet helaas weer naar boven want we moeten snel weer varen anders krijgen we nog last van de piraten die naast ons gemeerd liggen. Zij zijn hun kapitein in de aanval verloren en zullen dat niet leuk vinden.

Ayransk staat op en rent weer naar buiten. Daar aangekomen gaat hij aan de slag om het schip gereed te maken voor de vaart.
pagina's: 1, 2, laatste

Als ze falen sterft een kind.

naar boven