Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde

Een intern bericht sturen
Aan:
CC:
Onderwerp
Bericht
vet - cursief - onderlijnd - titel - link tekst - alinea - voorbeeld
Reageren op dit item
Titel
Reactie
vet - cursief - onderlijnd - titel - link tekst - alinea - voorbeeld
  Gebruik mijn ondertekening

Reacties

door VictorGijsbers
draak, 391 / 1247
gepost: 17-6-2005
om 12u35
Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
  • Tijd: Ongeveer gelijktijdige met scène's 20 en 22
  • Plaats: Ergens in Zuid-Amerika
  • Uitgangspunt: Karl Wiesenthal is op zoek naar een voortvluchtige nazi, wanneer hij verliefd wordt op diens dochter.
  • Karakterdoel: De nazi vinden en laten oppakken. Of iets met het meisje beginnen. Of... ? Hij weet het eigenlijk niet.
  • Spelerdoel: Karl Wiesenthal in een situatie brengen waar liefde de macht van de nare herinnering kan breken. Als versterking van of contrast met de verhaallijn van Mnèmia.
  • door Gersom
    code monkey, 5993 / 7246
    gepost: 18-6-2005
    om 13u00
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    Grene kijkt door het kaarslicht naar Karl. Het dessert is net opgediend. Het lijkt een soort souflé, niet iets wat Karl zich van thuis herinnert. Wat wil je ook met dat Argentijnse eten?
    De plaats is een houten teras dat dobbert langs de rand van een meertje, af en toe komen obers van het restaurant eten af en aanvoeren bij de andere gasten.

    "Karl, mijn ouders hebben ons uitgenodigd om bij hen te dineren komende zaterdag. Ik heb al toegezegd in jouw plaats, vrees ik. Kan je tijd maken dan, in de avond?
    "Anders moet ik afbellen, vrees ik."

    Ze bijt op haar lip. Ze bijt heel vaak op haar lip. Soms tot bloedens toe. Een doorbijtertje, één die weet wat ze wil.
    door VictorGijsbers
    draak, 392 / 1247
    gepost: 19-6-2005
    om 20u48
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    "Zaterdag? Nee, dat is geen enkel probleem - de bank is dan toch dicht."

    Elke keer dat Karl een leugen aan Grene vertelt doet het hem pijn. Relaties zijn gebaseerd op vertrouwen. Maar het is essentieel dat hij zijn dekmantel als gezant van een Europese bank in stand houdt, en aan niemand - zelfs niet aan Grene - laat merken wat zijn werkelijke doel is, hier in het verre Zuid-Amerika.

    Vertrouwen is de basis van elke liefdesrelatie, maar gerechtigheid is belangrijker dan de liefde.

    "Ik kijk er naar uit om je ouders te ontmoeten," vervolgt Karl. "En je kan zeggen wat je wilt, maar deze souflé is het lekkerste nagerecht dat ik in lange tijd gegeten heb."

    Zachte vogelgeluiden klinken uit het oerwoud dat het meertje omringt. De maan spiegelt zich in het glasheldere water. Karl pakt een van de handen van Grene vast.

    "Te amo," fluistert hij.
    door Gersom
    code monkey, 6020 / 7246
    gepost: 22-6-2005
    om 14u17
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    Ze lacht zijn Spaans met het bizarre accent weg met een glimlach.

    "Te quiero yo tambien."




    De villa van Grene's ouders ligt landelijk afgelegen. Eromheen liggen uitgestrekte velden voor de koffie en maïsteelt. "Een bezigheid als een andere," noemt Grenes vader, meneer Würtsbach, het.

    Nu zit iedereen rond de tafel aan de derde gang, de soep is net weggespoeld met wijn. Het gesprek was tot hiertoe niet al te geweldig.
    "Dus wat doet u ook alweer in het leven, meneer Höflinger?" vraagt mevrouw Würtsbach.
    door VictorGijsbers
    draak, 430 / 1247
    gepost: 25-6-2005
    om 14u03
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    "Ik werk bij een grote Europese bank," antwoordt Karl. "Met grote regelmaat zendt deze mij er vanuit Parijs of Frankfurt - waar onze hoofdkantoren liggen - op uit om onze filialen in Zuid-Amerika te controleren. Zodoende bevind ik mij negen maanden per jaar in dit prachtige continent."

    Opnieuw valt het stil. Het zijn stijve, achterdochtige mensen, de ouders van Grene. Ze laten niets over zichzelf los, stellen af en toe een vraag, maar lijken het antwoord niet echt te willen horen. Wel staren ze hem bijna onophoudelijk aan. De stemming is gespannen, en Grene zelf staart vooral moedeloos naar haar bord.

    "Excuseert u mij," zegt Karl wanneer het hoofdgerecht wordt afgeruimd. "Ik zou graag een moment van uw toilet gebruik willen maken. Waar kan i dat vinden?"

    "De gang in en dan de derde deur links," zegt Grene.

    Snel staat Karl op en loopt de gang in. - Even een moment rust, even weg van die priemende blikken. Dit was nu zijn verdiende straf: hij zou nooit verliefd moeten worden. Dat is een zwakheid die iemand met zijn taak zich niet kan veroorloven. Ah, hier zijn we, de derde deur rechts.

    Karl opent de deur.
    door Gersom
    code monkey, 6047 / 7246
    gepost: 25-6-2005
    om 15u42
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    Geen toilet in deze kamer.

    Het is zo'n kamer die weggeloopt lijkt uit een klein museumpje. Kasten en kasten, allemaal in dik glas, staan er, gevuld met mechanische klokken en wekkers. De meesten staan stil, sommige tikken nog.

    "Oh, ich hatte jemand anderes erwartet," zegt de kalende man die aan een bureautje in het midden van de kamer zit. Zijn accent is Frans. "Mijn naam is Lacan. Ik bestudeer deze collectie."

    Hij staat op en steekt zijn hand uit.
    door VictorGijsbers
    draak, 467 / 1247
    gepost: 4-7-2005
    om 21u11
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    "Lacan?"

    Karl kijkt alsof hij het in Keulen hoort donderen, een gewaarwording die in Zuid-Amerika nog een stuk zeldzamer is dan in Nederland. Hij staart naar het gezicht dat hem vanuit een lijstje op Mnèmia's bureau al vele malen aandachtig heeft opgenomen.

    "Ik ben Karl, Karl Wiesenthal. Je hebt ongetwijfeld over me gehoord. Is Mnèmia hier ook?"

    Drie van de klokken beginnen vlak na elkaar acht uur te slaan. Uit een koekoeksklok komt een kleine raaf tevoorschijn die acht maal "Nevermore" kraakt voor hij weer verdwijnt.

    "En wat zijn deze klokken?"
    door Gersom
    code monkey, 6110 / 7246
    gepost: 5-7-2005
    om 15u31
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    "Mevrouw Bovary heeft me gevraagd die naam niet te gebruiken. Als ik ouders met zo'n slechte smaak had, zou ik trouwens hetzelfde vragen.
    En ook met haar hele verleden enzovoort. Ik vermoed dat het haar nog achtervolgt."


    Hij haalt zijn wenkbrauw op en kijkt Wiesenthal aan.
    "Je zou haast stoppen met in het toeval te geloven, nee? Dus u kent mevrouw Bovary. Toevallig."

    Hij glimlacht beleefd maar erg op zijn gemak met de situatie voelt hij zich duidelijk niet.

    "In elk geval: dit is mijn persoonlijk socio-psychologisch onderzoek. Het heeft te maken met eschatologie: einde-van-de-werelddenken. Doorheen de eeuwen zijn er geruchten geweest van klokken die zouden stilvallen de dag dat de wereld vergaat.
    "Wel, dit is een Nazi-collectie, zo u ziet."
    En hij wijst op een aantal klokken waar een klein schwastika-logo is aangebracht. "Zo het schijnt, sommige van de Führer zelf."
    "Ik kwam naar hier, skeptisch. Deze klokken zouden stoppen het uur dat de wereld eindigt. Ik werd gelokt door één curieus feit: een aantal van deze klokken lopen nog. En niemand heeft ze nog opgewonden, de sleutels zijn verloren gegaan in de oorlog. Er zijn nooit nieuwe gemaakt uit angst de klokken te beschadigen en uit angst voor dieven."


    Lacan loopt langs de vitrines intussen, terwijl hij uitlegt. Schijnbaar is hij erg geboeid door de dingen. De man blijft staan bij de klok met het raafje.

    "Ohja, de Poe-klok. Deze vind ik leuk. Nazi's met humor, he? Maar die sleutel heb ik nog wel," hij klopt op zijn borstzakje.
    "Toeval wil dat ik Mevrouw Bovary nog heb proberen te bereiken. Was het eergisteren? Maar ik kreeg iemand anders aan de lijn vrees. Ik dacht dat ze dit wel interessant zou vinden.
    "Maar ik ratel. U bent hier niet voor klokken neem ik aan?"
    door VictorGijsbers
    draak, 484 / 1247
    gepost: 10-7-2005
    om 11u48
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    "Klokken? Nee, de ouders van mijn vriendin wonen hier, ik... nazi-collectie zei u?"

    Razendsnel vliegen de ogen van Karl over de klokken. En inderdaad, nu hij er op let spatten de tekens er vanaf. Hakenkruisen, adelaars, een enkele duitse vlag. Een wijzerplaat met de beeltenis van de Führer. Een markante klok die hij eerder gezien heeft - op foto's van de Wannsee-Konferenz.

    Zodra de implicaties van zijn vondst zich op gaan dringen begint het Karl te duizelen. Hij wankelt meer terug naar de huiskamer dan dat hij loopt, een verbouwereerde Lacan achterlatend.

    "Grene," zegt Karl zodra hij binnenkomt. "Kan ik misschien even onder vier ogen met je spreken?"
    door Gersom
    code monkey, 6143 / 7246
    gepost: 16-7-2005
    om 13u15
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    Ze kijkt niet begrijpend naar Karl. Haar ouders doen hetzelfde, maar hun blik lijkt Karl van elke gruwelijke misdaad die er bestaat te beschuldigen (én een paar die niet bestaan).

    "Ja, 'tuurlijk. Mutti, Vati, we zijn zo terug."

    Ze neemt Karl bij zijn linkerpols vast en troont hem mee de gang op, een klein studeerkamertje in.

    "Karl, het is niet wat je denkt. Het is... Ik ben geadopteerd, zie je. Ik had het je moeten vertellen.
    "Ik hoor bij Vatis verzameling. Je moet de foto gezien hebben - die van m'n operatie. Ik ben geen mens Karl, ik ben een klok. Een ijzerwinkel! Een klok!"


    Ze zucht. Zou ze zoiets bizars zelf geloven? Ze huilt. Haar lip bloedt. Een beetje vleesjus is vastgeroest in haar dieproze mondhoek.

    Lacan komt de klokkenkamer uit. Grene pakt hem beet en alsof de waanzin nu pas helemaal inzet, grijpt ze de professor vast en vraagt hem:
    "Pregunta me: qué hora es?!*"
    door VictorGijsbers
    draak, 493 / 1247
    gepost: 19-7-2005
    om 16u11
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    "Hoe laat het is? Maar Grene, wat doet de tijd ertoe, je vader is een nazi!"

    Dat is eruit. Karl is zelf geschokt over zijn woorden, die de meest vernietigende beschuldiging vormen die hij kent.
    door Gersom
    code monkey, 6156 / 7246
    gepost: 20-7-2005
    om 10u07
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    Twee paar ogen staren Karl aan. Plots is er absolute stilte in de gang. Haar grienen is opgehouden en Lacan uit geen woord.

    Iets tikt ritmisch. Een klok waarschijnlijk, op de achtergrond. Lacan kijkt nerveus heen en weer. Grene veegt vluchtig met haar vinger langs de traankanaaltjes in haar ogen.

    "Ja. En?"
    door VictorGijsbers
    draak, 561 / 1247
    gepost: 20-8-2005
    om 0u39
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    Twee stappen zet Karl achteruit, bijna struikelend. De onmenselijke onaangedaanheid die Grene toont tegenover de meest vreselijke ontdekking die mogelijk is, is... onmenselijk. Onmenselijk.

    Als in een afschuwelijke nachtmerrie voelt Karl hoe zijn lippen woorden vormen die hij zelf niet heeft bedacht, uitgesproken door een stem die hij herkent als de zijne.

    "Hoe laat is het, Grene?"
    door Gersom
    code monkey, 6255 / 7246
    gepost: 20-8-2005
    om 9u11
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    "Es ist neun Uhr und vier Minuten.
    Son las ocho y quatro.
    Il est huit heure et quatre.
    It is five past eight.
    Het is vijf over acht.
    Etc."


    Ze dreunt het af als een gedichtje dat ze van buiten geleerd heeft. Hier in de gang is geen klok te bespeuren en om Grenes slanke pols zit geen horloge.

    Lacan, vanachter Grenes, houdt zijn vinger bij zijn horloge en schudt traag van "nee" alsof hij wil zeggen: "het is haar verbeelding, het meisje is ziek".
    door VictorGijsbers
    draak, 591 / 1247
    gepost: 28-8-2005
    om 23u06
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    Verwilderd staart Karl naar Grene. Zijn stem slaat over wanneer hij schreeuwt:

    "Stop!"

    Het meisje sluit haar mond. Even denkt Karl een zacht geratel in haar binnenste te horen, maar hij schuift het als verbeelding terzijde en pakt haar bij de schouders beet.

    "Grene," zegt hij, zachtjes en indringend, "vertel me wat er hier aan de hand is. Met die klokken. Met je vader. En vertel het snel, voordat ik het recht in eigen hand neem en voorgoed het laatste uur van zijn onwaardige nazi-leven laat slaan."
    door Gersom
    code monkey, 6274 / 7246
    gepost: 29-8-2005
    om 9u22
    Antw: Scène 26 [Zuid-Amerika; Karl Wiesenthal] De zon en de liefde
    "Hij houdt me gevangen, Karl! Jij bent zo oprecht geweest en ik... ik heb je alles voorgelogen. Ik hou van je Karl, maar..."

    Ze houdt haar adem in. Grene snikt en veegt met de rug van haar hand haar tranen weg. Dan kijkt ze naar de deur waarachter de eetkamer ligt. Haar ouders moeten flarden van het gesprek opgevangen hebben.

    "Vati zou me nooit laten gaan... Maar ik kan je niet toelaten hem te doden Karl. Hij is m'n vader!"

    naar boven