Een Kindareense delegatie arriveert in Celestia, na beleefdheden te hebben uitgewisseld gebruikt de elfse kamerheer zijn rang om te worden doorgewezen naar de lokale landsheer.
Na een halve buiging gemaakt te hebben (Wat een hele eer is voor de landheer, aangezien de kamerheer zijn rang eigenlijk groter is.) geeft de elf een boodschap af aan de Celestiaan. Hierin vraagt Xanduriel, Shorgun van de Vuist, om de delegatie welkom te heten. De Kindar zouden graag uw natie leren kennen om zo een betere verstandhouding te genereren. Met uw goedbevinden zal de kamerheer een tweetal maanden in Celestia blijven om rondgegidsd te worden en om uw maatschappij te doorgronden. Onkosten zullen logischerwijs vergoed worden.
Zeker van zichzelf wacht de Kindareen het antwoord af van de graaf.



