WAARSCHUWING: blijkbaar ondersteunt je browser geen JavaScript of staat het niet ingeschakeld. Aangezien JS op geen enkele manier de veiligheid of privacy van je pc in gevaar kan brengen, maar wel interessante interactiemogelijkheden biedt, gebruikt deze site erg veel JavaScript. Wil je dus van alle toeters en bellen genieten, doe jezelf een lol en verzet de settings van je browser even ;o)
Capitum 4: Late bezoekers
Het was rustig in jeugdherberg Vincent Van Gogh. De enige plaats waar het luidruchtig was op dit moment, was de eetzaal. Maar zelfs daar zat niet zo heel veel volk; de meeste gasten bezochten één van de goedkope restaurantjes in de buurt. Een groep van een jeugdbeweging compenseerde het gebrek aan volk in de zaal echter met flink wat extra lawaai. Een jongen van een jaar of 20 probeerde alles onder controle te houden, maar het stilkrijgen van tien jongens van een jaar of veertien bleek een onmogelijke opgave.
Maar op de kamer op de derde verdieping drong helemaal niets van dat geluid door. Er zaten drie mensen in een sobere kamer met vier bedden. Op het vierde bed lag een smoezelige slaapzak. De eigenaar, die op dit moment ergens anders leek te vertoeven, had het erg druk gehad met iets te zoeken dat blijkbaar helemaal vanonder in zijn rugzak had gezeten. Een grote berg gekreukte kleren, halfvochtige handdoeken en plastic zakken met onbekende inhoud lagen verspreid over het hele bed. Het leek er op dat dit de spullen van een meisje waren, maar echt zeker kon je er niet van zijn.
De jeugdherberg lag inderdaad vlakbij, Annelies' inschatting was correct geweest. Het inchecken was probleemloos gegaan; als de dame aan het onthaal Annelies al had herkend had ze daar niets van laten merken. Ze liet overigens helemaal niets merken; ze leek bijzonder geïnteresseerd in het nochtans gevarieerde gezelschap dat haar om slaapplaatsen vroeg. Maar waarschijnlijk zag ze dagelijks bezoekers van nog veel vreemder pluimage veel vreemdere zaken vragen. Ze gaf eigenlijk geen antwoord op de vragen, maar reikte zwijgend formulieren, balpennen en sleutels aan. Een kamer voor hen alleen was niet meer te regelen, één van vier waar al één iemand sliep was de enige optie.
Voorlopig waren ze echter alleen - er kon rustig krijgsberaad gehouden worden, zo leek het.
Reacties
door malkav achterban(k), 6588 / 7020 gepost: 3-5-2009 om 22u43gewijzigd door malkav 3-5-2009 om 23u03
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Het leek eigenlijk al erg lang geleden dat ze hier nog was, hoewel het maar twee dagen geleden was... Niets of niemand leek haar te herkennen of zelfs maar acht op haar te slaan, en dat stelde haar gerust, zoals gewoonlijk.
De enige die Annelies herkende was de Turkse vrouw die zij zo had laten schrikken, en die volgens Marieke Van Bockstael, de pupil van Gaëlle, een 'sensor' was. De vrouw schuifelde langs hen heen door de gang met een enorme zak met linnengoed en ook zij gaf geen blijk van herkenning.
Angkrah had haar ettelijke malen uitgelegd dat zij tijdens haar Ontwaking een soort van sluier on haarzelf had geweven; een die mensen haar naam en gezicht deed vergeten. Daarnaast moest iedere kwaadwillende magie door deze sluier heen.
Ze ging haar collegae voor en nam voor het gemak het bed nabij die van de nog onbekende kamergenoot. De kamer die zij kregen, leek op de vorige kamer, zoals wellicht alle kamers in dit gebouw op mekaar leken..
Zelf hoefde ze niets te doen hier, behalve een hap eten beneden. De biefstuk met stroganoff saus was goed bevallen eerder.
"Het is geen Le Dome noch studentikoos appartement, maar binnen deze muren zijn we zo goed als anoniem, en ze serveren hier redelijk goed eten tegen betaalbare prijzen...
Al weten we nog niet wie onze kamergenoot is.
Wat gaan we nu doen, nogmaals Kamiel trachten te contacteren? Kan hij ons bij de Congolezen brengen? "
door Zorbalt Moorderator, 5291 / 5397 gepost: 4-5-2009 om 20u32
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Phillipe Zacharie liet zich door Anna de jeugdherberg door begeleiden. Het was niet het soort slaapgelegenheid waar hij normaliter binnen zou wandelen, maar dit waren zeer bijzondere omstandigheden. Hij voelde zich niet bepaald op zijn gemak en onder de veelal jongere gasten zag hij exemplaren die er in zijn optiek nogal onverzorgd uitzagen. Verder was er weinig tot geen luxe en hij haatte het als hij een douche moest delen met anderen. Dit was het soort plekken waar rugzaktoeristen en drugsverslaafden samenkwamen. In zijn studententijd had hij met veel stampij geëist dat hij een eigen kamer kreeg, zodat hij zijn toilet en douche niet hoefde te delen met een andere student en tot zijn grote genoegen had hij destijds zijn zin gekregen. Nu had hij echter weinig in te brengen en eenmaal op de krappe kamer zette hij zijn tas op een bed en ging met een zucht op de veel te zachte matras zitten. Met vermoeide ogen keek hij de tovenares aan.
”Dat weet ik niet Anna, maar ik heb het idee gekregen dat de oude baas ons meer informatie zou moeten kunnen geven. Ik heb zijn nummer.”
Hij boog wat naar voren, waarbij hij zijn pijnlijke spieren voelde, en legde zijn telefoon naast zich op het bed. Hij keek even naar de deur en constateerde dat deze dicht was. Daarna haalde hij een zakdoek uit de zak van zijn spijkerbroek. De doek was netjes opgevouwen en zijn collega’s merkten waarschijnlijk direct op dat er iets in de samengevouwen doek zat. Hij hield het in zijn open hand en legde de inhoud bloot. Met een langzaam gebaar pakte de bebloede watten met zijn andere hand en hield ze even bestuderend voor zijn gezicht. Het vocht was donkerbruin en allang opgedroogd. Het grootste deel van de door hem gevonden en meegenomen verbanden en watten had hij aan zijn opdrachtgeefster gegeven, maar hij had er weinig voor gevoeld om al hun troeven te verspelen. Ergens had hij er een hard hoofd in dat Gaelle iets met dit levensvocht zou doen en hij hoopte dat het hen verder zou kunnen helpen. Hij hoopte dat hij hen verder zou kunnen helpen.
”De vorige keer toen ik contact probeerden te maken met de persoon waarvan dit bloed afkomstig is, wilde het maar niet lukken. Ik kreeg het idee dat iemand mij bewust buiten probeerde te sluiten. Ik weet natuurlijk niet of dit bloed van dezelfde persoon is. Ik zou mij kunnen voorstellen dat hij, of zij, op dit moment voorzorgsmaatregelen heeft kunnen nemen om eventuele gerichte acties te kunnen dwarsbomen. Ik zou verschillende dingen kunnen proberen, maar de kans bestaat dat mijn gaven op dit moment nog niet krachtig genoeg zijn.“
Phillipe hield de watten in zijn gebalde vuist en nam met zijn vrije hand het mobieltje van het dekbed. Hij wilde het nummer van Kamiel opzoeken, maar zag toen dat iemand hem had getracht te bellen. Aan de tijd kon hij aflezen dat het waarschijnlijk tijdens de knokpartij was gebeurd. Het verklaarde in ieder geval waarom hij de oproep gemist had. Het nummer was niet afgeschermd en het was duidelijk een Belgische beller geweest, maar de dokter kende het nummer niet. Het was niet vreemd dat zijn zakelijke nummer bekend was onder zijn collega’s en cliënten. Daarvoor was het wereldje van de psychiatrische geneeskunde gewoonweg te klein en zijn succes te groot. De kans was aanwezig dat enkele beroepsgenoten hem vandaag hadden gemist. Dat deed hem deugd. Zijn gevoel fluisterde in zijn oor dat hij direct terug moest bellen, maar voordat hij de knoppen beroerde vertelde zijn verstand hem dat het misschien beter was om vooraf zijn metgezellen te informeren.
”Tijdens de strubbelingen voor Le Dome heeft iemand een poging gedaan om mij te bellen. Het is een niet afgeschermd Belgisch nummer en de kans is groot dat het een collega is. Had ik jullie al verteld dat ik op verzoek van de vrije universiteiten naar deze stad ben gekomen om een congres bij te wonen als gastspreker?”
door Raska mandraak, 9249 / 10390 gepost: 5-5-2009 om 10u29
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Robin was op het bovenste bed van de stapelbedden gaan zitten. Hij liet zijn benen over de rand bengelen en zat licht voorover gebogen om zijn hoofd niet te stoten tegen het plafond. Van bovenuit keek hij naar Anna en Phillippe.
'Dan zou ik hen even terugbellen als ik jou was.'
Robin duwde zich af van het bed, kwam met een licht sprongetje neer op de grond en keek rond. Hij vond jeugdherbergen altijd duur voor wat ze waren. Er ging hem niets boven wildkamperen met de tent. Tegenwoordig waren jeugdherbergen meer voor gezinnen die eens goedkoop op reis wilden dan voor jongeren. Al was het een prima alternatief voor dure hotels als je in een stad als Brussel moest verblijven. Daar kon je je tentje nergens opstellen.
'Eigenlijk bizar dat we geen aparte kamer te pakken krijgen, vind je niet? Er loopt hier geen kat rond.'
Robin nam een van de stangen van de bedden vast, leunde zijn hoofd er tegen en keek naar Anna. 'Ik moet even iets opbiechten: ik ben twee dagen geleden een Congolees tegen het lijf gelopen. Hij waarschuwde me voor mensen die me zouden opmerken als ik met magie ging goochelen.
Het was een grote kerel, groter dan mij. Hij liet zich Buizerd noemen.' de journalist plofte neer op het laagste bed, tegenover Anna. 'Als ik ooit in de problemen kwam dan moest ik in Elsene vragen naar Buizerd. Het was volledig uit mijn hoofd geglipt, maar misschien kunnen we het nog eens proberen als we in de buurt zijn. '
'Voor de rest lijkt het me logisch dat Kamiel weet waar ze zitten, of hij kan iets zeggen over die Poolse vrouw. Mij lijkt het eigenlijk dat we eerst eens naar die Poolse vrouw moeten. Zij was toch degene die ook een onderzoek aan het verrichten was? Misschien heeft ze al iets ontdekt samen met haar vriend? Iets wat we kunnen gebruiken?'
Robin haalde zijn gsm uit zijn broekzak en keek naar de klok. 'Het ziekehnuis is momenteel al gesloten voor bezoekers als je het mij vraagt. Misschien is het inderdaad slim dat we zo snel mogelijk contact proberen te leggen met Kamiel, dan kunnen we hem vanavond nog bereiken en kunnen we morgenvroeg naar het zoekenhuis trekken om eens te kijken hoe de situatie van onze mysterieuze dame is?'
door malkav achterban(k), 6598 / 7020 gepost: 6-5-2009 om 12u23
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Annelies leunde tegen het stapelbed, waar op het onderste bed de spullen lagen uitgestald van hun nog onbekende kamergenoot. Het deed haar goed om te zien dat de dokter niet alle bebloede watten aan Gaëlle had gegeven, de dokter pastte zichzelf sneller aan dan ze had gedacht.
Ze dacht na over de huidige situatie en tot haar frustratie zag ze geen directe aanknopingspunten die ze nog niet hadden. Annelies knikte toen Robin de dokter adviseerde om even terug te bellen. Het kon een collega zijn zoals Zacharie aangaf, het hoefde niet zo te zijn. Ze hoopte enkel niet dat de dokter weggeroepen zou worden of andere verplichtingen had,.. die waren nu allen van lage prioriteit, eveneens de journalistieke carriere van Robin..
Haar oren klapperde toen ze hoorde van Robin dat hij al een contact had gemaakt onder de Congolezen.
Wat zei hij daar?!?
Met enige verbijstering verwerkte ze de informatie,. dit was hun aanknopingspunt geweest in Elsene. Hier had Robin aan moeten denken voordat zij zichzelf diep in de nesten hadden gewerkt na het bezoek aan het huis van de Congolese familie... Het was hem ontglipt?
Ze twijfelde er sterk aan, de journalist in hem had het niet willen delen.. Ze had hem het liefst in zijn gezicht willen slaan met de vlakke hand.
Ze plofte neer op bed en sprak zachtjes, er was misschien een kleine kraak in haar stem te horen, de heesheid in haar stem was iets duidelijker nu. Ze klonk nooit kwaad, maar iemand die haar beter zou kennen zou dit nu wel horen; "Dus als ik het goed begrijp hadden we mogelijk na de vondst van de lichamen de Congolesen al kunnen bereiken door rond te vragen naar een zekere Buizerd? In plaats van met lege handen terug te keren..
En daar kom je nu mee, nadat we zo onnodig in de stront zijn geraakt bij Le Dome? Ik begrijp het niet goed Robin.. Is er soms meer wat wij zouden moeten weten? Want dit veranderd al redelijk veel... " Ze keek Zacharie even aan en keek terug naar de journalist... Ze haalde haar schouders lichtjes op in onbegrip terwijl ze hem vragend aankeek.
door Raska mandraak, 9260 / 10390 gepost: 8-5-2009 om 12u22
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Robin stond recht en priemde zijn vinger naar Anna. 'Nee Anna, er is niets dat je nog moet weten! En ja, het is uit mijn hoofd geglipt! Ik weet niet hoeveel gruwelijke moorden jij per week ziet, ik alleszins geen. Vind je het vreemd?
Dat eeuwige doorschuiven van de zwarte Piet.
'Meneer hier' hij wees naar Philippe 'was er op gebrand daar weg te gaan, andere kleren aan te trekken. Verdomd logisch als je onder het bloed hangt en de politie en ambulance elk moment kan arriveren. Nee, ik heb er niet meer aan gedacht. Wat wil je? Heb ik er de tijd voor gehad? Gruwelijk verminkte lijken, bebloede kleren en een vechtpartij voor het hotel. Het zijn niet bepaald dingen die je aan een vreemde ontmoeting van twee dagen terug doen denken.'
'En stel, stel dat ik ook maar een klein' hij hield zijn duim en wijsvinger een halve centimeter van elkaar. 'een klein beetje aan mezelf heb gedacht. Vind je dat dan vreemd? Jij komt hier aanzetten met berichten dat mijn vriendin zo snel mogelijk uit ons huis moet vluchten, vlak nadat meneer en mevrouw Pool als beesten zijn afgeslacht. Vind je het dan vreemd dat ik even wat terughoudend ben?'
Hij plofte op het bed.
'Jezus.'
door malkav achterban(k), 6613 / 7020 gepost: 8-5-2009 om 12u52
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Ze fronste haar wenkbrouwen ietwat en keek wat onderuit. Ze had gaarne gehad dat haar haren voor haar gezicht vielen maar ze had het op een staart gestoken op weg naar Le Botanique. Ze schudde haar hoofd een beetje.
Ze begreep de frustratie van Robin wel en besloot om verder geen olie op het vuur te werpen. Hij begreep haar duidelijk niet. Als hij deze info eerder gedeeld had, bij aanvang van hun missie bijvoorbeeld, was hen misschien wat nodige ellende bespaard gebleven.
Hoe verschrikkelijk de huidige dag ook was verlopen, zij kon het zich maar moeilijk voorstellen dat zo'n feit iemand zou ontglippen... Daarnaast moest ze wel toegeven dat Robin het meeste te verliezen had op het moment... Ergens had hij wel een punt.. Wel wilde ze hem in de rede vallen omdat hij er nu ook Zacharie bij betrok op een denigrerende manier, het akkefietje voor le Dome was al uitgesproken. Zacharie had zijn les waarschijnlijk al geleerd..
"Robin, blijf rustig alsjeblieft. Ik heb geen zin in vinger wijzen over en weer. Ik stel enkel iets vast. "
Ze keek Zacharie aan en knikte,"Alors, terug naar het onderzoek. Kamiel opzoeken of terug naar Elsene om deze mysterieuze Buizerd te zoeken? " Haar ellebogen rustte op haar knieen en ze zat voorover geleund op het bed, haar hoofd rustte in haar handen.
door Zorbalt Moorderator, 5296 / 5397 gepost: 8-5-2009 om 20u19gewijzigd door Zorbalt 11-5-2009 om 22u24
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Met een zucht verborg de dokter de bebloede watten terug in zijn zakdoek. Hij achtte het niet onmogelijk dat hij hen met behulp van het bloed en de stadskaart van Anna aan een belangrijk spoor had kunnen helpen, maar blijkbaar hadden zijn collega’s niet in de gaten hoe waardevol dit ingedroogde levensvocht voor hun kon zijn. Zijn basisreactie, verontwaardiging, slikte hij weg en ook de vervelende aantijgingen van de journalist liet hij met moeite van zijn schouders glijden. Hij had de jongen maar al te graag een koekje van eigen deeg gegeven, maar hij realiseerde zich natuurlijk dat dit zijn positie en geloofwaardigheid waarschijnlijk alleen maar zou verslechteren. Daarom stond hij moeizaam op en stopte de zakdoek terug in zijn broekzak.
”Ik vind het allemaal prima.” Zacharie keek de jongelingen enigszins verveeld aan. ”Maar eerst bel ik dat onbekende nummer terug. Ik acht de kans klein dat het betrekking heeft op onze opdracht, maar het is natuurlijk mogelijk.”
Hij keek nogmaals naar het telefoonnummer dat prijkte op het schermpje van zijn telefoon. Anna had aangegeven dat magisters over het algemeen erg voorzichtig om gingen met hun telefoons en andere persoonlijke bezittingen. Niet lang daarna hadden ze echter een sporttas met persoonlijke spullen de donkere tovenaars gevonden en dat verbaasde hem nogal. Zeer binnenkort zou hij voorzorgsmaatregelen moeten nemen, want dit speeltje zou zijn vijanden waarschijnlijk rechtstreeks naar hem kunnen leiden. Zelf zou hij dit ook kunnen doen en hoe moeilijk het ook voor hem was om toe te geven, hij was nog maar een beginneling.
Hij nam een hap lucht en drukte op de toets om terug te bellen. Toen de telefoon aan de andere kant over ging begon hij zoals gewoonlijk te ijsberen. Hij stapte doelloos door de kleine kamer als een gekooid dier.
De dokter keek op zijn horloge. Het was al weer negen uur geweest en ze hadden nog geen fatsoenlijke maaltijd mogen nuttigen. Hij was niet de persoon die normaal een maaltijd oversloeg. Hij wreef zijn trui recht en hoorde dat er aan de andere kant werd opgenomen. Hij schraapte zijn keel.
"Goede avond, U spreekt met de heer Zacharie. Ik zag dat u mij gebeld had..."
De dokter liep kleine rondjes, terwijl de krakende stem aan de andere kant van de lijn tegen hem sprak. Hij glimlachte. ”Meneer Eeckhout?” De dokter wist eigenlijk al dat de man aan de andere kant Kamiel was, maar besloot het spelletje toch mee te spelen, Bent u thuis” Toen de man dit bevestigde sprak de dokter af om samen met zijn collega’s bij hem langs te gaan. Eerst wilde hij zijn maag vullen.
Nadat hij had opgehangen keek hij een kort moment dromerig naar zijn telefoon en sprak tegen zijn collega’s met een ietwat afwezige stem.
”Dat was Kamiel. Hij woont in Sint-Jans-Molenbeek, in de Teirlinckstraat 24. De goede man heeft het nieuws gekeken en is duidelijk geschrokken.”
Voordat zijn kompanen konden spreken hield hij misschien iets te autoritair zijn hand omhoog om hen tot stilte te vermanen, waarna hij wederom de bloederige watten tevoorschijn haalde. De dokter kon het niet laten. Hij hield deze in zijn gebalde vuist, tegen zijn slaap en keek geconcentreerd naar het schermpje van zijn mobiel, waarbij hij het toestel tot vlak voor zijn gezicht hield. Het was een vreemd en misschien wel een beetje een waanzinnig gezicht, maar hij keek toe hoe het oplichtende blauw plaats maakte voor het diepste zwart. Er gleed een zweetdruppel over zijn voorhoofd en hij vergat enkele seconden alles om zich heen.
Het schermpje van zijn telefoon leek zich te vullen met inkt en toen deze langzaam opklaarde kwam er warempel een gezicht tevoorschijn. Hij bestudeerde het gelaat een kort moment. Het gehele droombeeld duurde slechts enkele seconden, waarna hij opkeek naar de twee jongelingen. Zijn stem leek van ver weg te komen.
” Ik stel voor dat we een hapje gaan eten”
door Raska mandraak, 9278 / 10390 gepost: 13-5-2009 om 21u23
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Robin keek naar de psychiater en rilde bij de manier waarop die in mensen hun geest en leefwereld inbrak. De dokter mocht dan nog een onervaren magiër zijn. Robin was nu al blij dat het zijn vriend was. Het idee dat er mensen zomaar zonder barrières in zijn hoofd zouden kunnen graven, sprak hem helemaal niet aan. Al was hij wel zo fatsoenlijk om aan zichzelf toe te geven dat hij het graag zelf wel zou willen kunnen.
Het feit dat je bron dan werkelijk niets meer voor je te verbergen had, gaf hem een soort kik. De journalist in hem hunkerde daarnaar.
Het was niet echt de kik die dat veroorzaakte, eerder de geruststelling dat er niets meer achter werd gehouden en dat je zeker mocht zijn van de informatie.
Een beetje zoals hij buiten op de rotsen klom: dat was niet echt een kik. De hoogte waarop je hing was mooi, geweldig, schitterend, maar gaf niet echt een kik. De echte beloning van het klimmen kwam voor hem steeds als hij zich boven in de relais inklikte: het idee dat je de barrière nog maar eens hebt overwonnen en dat je zeker bent dat je boven bent. Hij hield van klimmen, zeker van voorklimmen . Het maakte het wat gevaarlijker, riskanter. De barrière moeilijker te overwinnen
'Wat zag je? vroeg de journalist.
De dokter wreef een keer met zijn duim over het schermpje van zijn gsm en stak hem weg in de binnenzak van zijn jas. 'Ik heb gekeken van wie dit bloed afkomstig was. Het was een zwarte man, ergens tussen de 30 en de 35. Philippe fronste zijn wenkbrauwen. 'Hij was op zijn hoede en merkte dat hij bekeken werd. Hij heeft mijn spreuk tegengewerkt.'
Robin keek naar Anna om te zien wat zij vond van het feit dat de neger hen had opgemerkt. 'Waar liep hij?' ging Robin verder.
'Ik heb de gebouwen en de straten niet herkend. Ik zag alleen zijn gezicht op mijn schermpje. Een beetje zoals een pasfoto.'
De klimmer blies zijn adem uit. 'Dan kunnen we hem op zijn minst al herkennen als we hem zien. Mooi zo.' Hij legde zijn hand plots op zijn rommelende buik. Hij had het gevoel alsof iets zijn maag aan het opeten was.
'Goed. eerst snel iets eten en dan weer op pad naar Kamiel.' Robin draaide zich om en wou naar de gang wandelen. Hij draaide zich om.
'Jij hebt hier al een nacht geslapen, Anna. Waar is de eetzaal juist?
door malkav achterban(k), 6622 / 7020 gepost: 13-5-2009 om 22u12
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Misschien kon de dokter het beeld opslaan in zijn telefoon, dat zou handig wezen. De vraag was dan enkel of het doelwit ook een band had met het gestolen beeld. Niet makkelijk concludeerde ze, wel plausibel. Ze had het bloed ook graag onderzocht, ze had al eerder gezien dat hij het in zijn handen had. Nu ws enkel niet de tijd.
Annelies had eigenlijk te laat door gehad dat Zacharie een spreuk aan het weven was. Ze was het dan ook vergeten te melden aan haar groepsgenoten dat er hier zeker één sensor rondliep, het was de Turkse vrouw die hen voorbij liep in de gang. Magie moest hier een teken van onbeleefdheid zijn schijnbaar.
Terwijl ze de, nu desolate, hal opliepen doorbrak Annelies de stilte.
Ze sprak heesjes; "Phillipe, toen ik hier voor het eerst kwam en ook magie beoefende op mijn kamer werd ik er later over aangesproken. Het blijkt dat het binnen de muren van dit 'bastion' niet gewaardeerd word. Er loopt hier op z'n minst één sensor rond, wat simpelweg mensen zijn die de aanwezigheid van magie voelen. Ze zijn waarschijnlijk meer dan dat alleen, maar de diepere materie beheers ik ook niet. Het is die buitenlandse vrouw die ons passeerde toen we binnenkwamen, de schoonmaakster schijnbaar. Ik was haar op straat ook al tegengekomen de eerste dag in deze stad, ze zag me schijnbaar subtiele magie beoefenen en sloeg letterlijk op de vlucht. "
Ze liepen de trap af met verschrikkelijke lambrisering die waarschijnlijk aangebracht was met montagekit. Authentiek was anders.
Ze liep half achter Robin richting de eetzaal. Ze vroeg zich af of zijn uitbarsting van daarnet en zijn enigszins aandoenlijke wijzende vinger iets eenmalig was.
"Laten we het simpel houden en vooral eten wat snel bereid kan worden.. Hoe eerder we weer eender vraagstuk kunnen schrappen hoe beter,....toch, mannen? ", voegde ze er ietwat aarzelend aan toe. Ze moest nog duidelijk oefenen op haar timing wanneer ze een grap probeerde te maken.
De eetzaal was op de begane grond, ze waren al voorbij gelopen op hun weg naar boven.
door Zorbalt Moorderator, 5305 / 5397 gepost: 14-5-2009 om 16u50gewijzigd door Zorbalt 14-5-2009 om 17u09
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
De eetzaal was buitengewoon ongezellig en sfeerloos. Het hele gebouw maakte een armoeiige indruk en de dokter voelde zich hier totaal niet op zijn gemak. Het was fijn dat ze hier niets te vrezen hadden van andere magiegebruikers, maar de doorgewinterde crimineel zou zich eerder hier ophouden dan in de hooggekwalificeerde slaapgelegenheden waar hij normaliter sliep. Hij was blij dat hij een trui en spijkerbroek droeg, want met zijn maatpak viel hij tussen deze armoedzaaiers alleen maar meer uit de toon. Hij wilde aan een lege tafel gaan zitten toen Anna hem lachend duidelijk maakte dat ze het eten eerst zelf dienden op te scheppen en dat er niemand zou komen om hun bestellingen op te nemen. Mopperend sloot hij zich achter wat luidruchtige jongelui aan en liet zich langs de gaarkeuken leiden. Wat hij zag en rook maakte zijn humeur niet echt beter en hij besloot te kiezen voor een vegetarische maaltijd, die bestond uit een soort stoofpot met een kruidige saus. Hij twijfelde of hij niet beter een zelfde soort maaltijd zou nuttigen met kip, maar hij wantrouwde de hygiëne hier en besloot het vlees links te laten liggen. Hij nam een flesje bier uit de gekoelde automaat. Het glas voelde heerlijk koud aan. Toen hij eenmaal aan tafel zat dacht hij toch de smaak van kip te proeven.
De drie magiërs aten zonder te praten en een tijdlang was er niets anders te horen dan het schrapen van bestek en het gekibbel van het volk om hen heen. Toen hij klaar was met zijn maaltijd beende Zacharie terug naar de keuken, waar hij zijn bestek en dienblad achterliet. Eenmaal weer aan tafel pakte hij zijn telefoon tevoorschijn en constateerde tot zijn verbazing dat het schermpje nog steeds zwart was. Even dacht hij dat het toestel uitstond, maar toen merkte hij op dat de lichtjes achter de toetsen gewoon brandden. Hij legde zijn vlakke hand op het scherm en wenste dat de duisternis zou verdwijnen. Zijn wil was blijkbaar wet, want toen hij zijn hand weer weghaalde zag hij het scherm zacht blauw oplichten. De dokter vroeg zich af of hij de enige was die dit zou kunnen zien. Ergens diep van binnen zei een stemmetje hem dat er niets aan de hand was met zijn telefoon. Was dit het werk van de zwarte man geweest, die hij daarnet had willen bekijken? Hij had dit immers nog nooit meegemaakt. Misschien waren er manieren waarop men hem kon buitensluiten. In de kerk was het hem ook overkomen. Dit was iets wat hij zelf misschien ook wel zou kunnen, als hij maar genoeg kennis en ervaring had. Hij fronste even, terwijl hij op de digitale kaart van Brussel zocht naar het adres van de voorzitter van de parochieraad. Ze konden het gemakkelijk lopen, al was het niet zo heel erg dichtbij. Ze hadden echter haast. Er was altijd de mogelijkheid om de metro te nemen, maar aangezien hij voorzichtiger was geworden besloot hij om wederom een taxi te bellen. De meeste files zouden tegen dit uur zijn opgelost.
Tijdens de rit vroeg Anna hem of ze zijn telefoon even mocht hebben. Hoewel Zacharie zijn toestel niet graag door anderen liet beroeren, maakte hij voor zijn collega een uitzondering. Hij verwachtte niet dat zij er enkel mee zou willen bellen, maar misschien had ze in de gaten gehad dat hem iets vreemds was overkomen. Hij overhandigde haar de telefoon en keek de rest van de rit dromerig uit het raam naar buiten.
Een klein half uur later reden ze de Teirlinckstraat in. Ze lieten zich aan het begin van de straat afzetten. Het huis van Kamiel zag er precies zo uit als de andere woningen in deze straat, eenvoudig en klein. De gordijnen voor het raam waren dicht en er brandde geen lampen binnen. Naast de deur, onder de bel, bevond zich een klein roestig metalen plaatje waarop Fam. Eeckhout – Smeets stond gegraveerd.
door malkav achterban(k), 6624 / 7020 gepost: 14-5-2009 om 23u50
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Tijdens de taxirit had zij zich steeds meer afgevraagd of de telefoon van de dokter misschien een ongewild luik was waar de Congolees ook door kon kijken. Robin had haar nog vragend aangekeken in de eetzaal maar zij had verder niet gereageerd, ze wist het immers ook niet. Ze wist wel dat Magisters de telefoon in principe niet nodig hadden om vanaf afstand te kijken, er moest enkel een soort van connectie zijn.
Ze had de duur uitziende gsm van de dokter aangenomen en goed bekeken. Ze had enkel de magische signatuur, althans het residu, van de dokter kunnen vinden. Het leek verder in alle opzichten een normaal object,.. zoals het ook hoorde te zijn. De opvallend afwijkende signatuur van de magie de ze voorheen had gezien van de Congolezen zou ze wel herkend hebben.
Voor de zekerheid bekeek ze Zacharie, of er geen sporen op hem te zien waren die ze niet kon thuisbrengen maar zag niets wat daarop wees.
Ze hoopte enkel dat haar Supernale visie haar misschien bewust zou kunnen maken als er iemand op hen 'in zou kijken' door zo'n zogenaamd mentaal raam, of glimmerik zoals haar meester het noemde. Toen ze uit waren gestapt en nadat de dokter de chauffeur had betaald gaf ze de telefoon terug."De gsm lijkt schoon, ik vermoed dat het enkel het residu van uw magie was wat af leek te wijken. "
Ze liepen richting nummer 24 van de Teirlinckstraat. Als de de Polen een begin waren van een spoor van doden mochten ze voorzichtig zijn. Ze trok het elastiekje uit haar staart en liet het haar terugvallen. Annelies staarde voor zich uit terwijl ze liepen en het was niet moeilijk om te bepalen wanneer nummer vierentwintig zou opduiken, Ze begon te spreken met haar zacht hese stem.
"Twee dingen,.. mijn meester zegt dat de verschillende Arcana soms equivalenten in effect of doelstelling hebben op bepaalde vlakken. Ik doe iedere ochtend een ritueel waarin ik een veld van kinetische energie rond mijzelf creëer voor de rest van de dag, wat banaal gezegd als 'krachtveld' dient. Ik kan me voorstellen dat er voor jullie ook spreuken zijn die jullie weerbaarder maken, al is het maar voor enige tijd.
Robin heeft misschien onnatuurlijk geluk dat een aanval hem mist, Zacharie lijkt misschien net niet op de plaats te staan waar een aanval land... Ik noem maar iets. Als jullie zoiets kunnen is het nu de tijd. "
Ze kwamen tot een halt voor het huis van kamiel wat aardedonker was binnen.
"En het tweede wat ik wilde zeggen, en misschien voor later; Phillipe, kunt u door middel van mentale projectie het beeld van de Congolese man die u gezien hebt aan Robin en mij laten zien? "
door Raska mandraak, 9296 / 10390 gepost: 17-5-2009 om 21u01
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Robin knipperde twee keer met zijn ogen toen het leek alsof hij zachtjes door elkaar werd geschud. Een paar tellen lang bekroop hem een zekere paniek voordat hij besefte dat Zacharie in zijn brein aan het prutsen was.
Robin zwierde even ongeloofwaardig op zijn benen. Zijn ogen flitsten naar Phillipe en hij moest zich inhouden om de dokter niet in elkaar te rammen omdat die onaangekondigde in zijn geheugen inbrak.
'Dat is Buizerd' flapte Robin er echter uit. 'De man die ik een paar dagen geleden ben tegengekomen aan de kerk. Om een of andere reden was Robin plots geruster. Buizerd had, in tegenstelling tot Gaëlle, een man geleken waar mee te praten viel. Een sterke kerel waar je geen klop van wou krijgen, maar er viel mee te praten.
Robin keek weer naar het donkere huis voor hen. Hij was wat geruster gesteld wat de Congolezen betrof. Toch stond hij niet te springen om te zien wat de scène hier in huis zou brengen. Och, stel je niet aan, probeerde hij zichzelf moed in te spreken. Je doet alsof alle huizen doden, vampieren en dodelijke vallen bevat.
Robin probeerde door het raam naar binnen te kijken maar had pech. Achter het glas hingen een stel dikke gordijnen die al het licht buiten hielden - en pottenkijkers alle inkijk ontnamen.
Hij zuchte, sloot zijn ogen en probeerde een machtsveld te creeëren zoals Anna had gezegd. Hij was blij dat ze het even had gemeld. Ze was nu eenmaal beter voorzien op de problemen die er op de weg lagen. Daar zou hij wat vaker naar moeten luisteren.
Zo moeilijk leek het niet, dat krachtveldgedoe. Daar moest hij aan denken als hij nog eens ging klimmen, bedacht hij zichzelf. Dan kon hij naar beneden tuimelen en misstappen begaan zonder pijn te hebben. Of toch zoiets, hij dacht niet dat zijn magische kunsten hem tegen een val van een meter of twintig zouden kunnen beschermen.
De reporter keek naar de deur en dan naar zijn collega's. Hij wou niet op de bel duwen voordat zij klaar waren.
door malkav achterban(k), 6630 / 7020 gepost: 17-5-2009 om 22u45
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Ze staarde langs de gevel naar boven en enkele druppels die zich nog hadden weten vast te houden aan de vensters van het pand vielen in haar gelaat. Annelies bekeek de patronen van het bouwwerk en behalve de doodse resonantie van het gebouw zag ze niets. Er was niets te bespeuren van magie, zelfs geen residu.
Ze keek de dokter aan en op dat exacte moment zag ze zijn Aura veranderen. Voordat ze het goed in de gaten kreeg hadden de mistige draden die animeerde vanuit de dokters aura haar geest beroerd. Ze zag het beeld van een negroïde man van in de dertig vermoedde ze. Hij had een specifiek voorkomen met zijn dunne snorretje en baardje. Ze hoopte dat het beeld wat de dokter had van deze man accuraat was, het was immers zijn interpretatie.
Ze was direct een illusie armer toen Robin uitte dat dit Buizerd was. Een rare gewaarwording; Het bloed wat gebruikt was in het ritueel bleek van deze Buizerd, hun 'contact', afkomstig te zijn.
De dokter beroerde de deur en ze zag zijn energie een kort moment fluctueren. Daarna gaf hij geërgerd toe dat het hem niet was gelukt om door te dringen in het huis. Annelies keek terug naar de journalist en zag tot haar verbazing een bijzondere verandering in zijn Aura. De patronen waren allen op hemzelf 'gericht' en ze kon met veiligheid aannemen dat het een beschermende spreuk moest zijn, of schutsmagie.
Ze stonden voor de deur en Robin was duidelijk klaar om aan te bellen.
"Aanbellen, of belt u Kamiel eerst nog eens op met uw gsm Phillipe?
door Zorbalt Moorderator, 5312 / 5397 gepost: 18-5-2009 om 20u30gewijzigd door Zorbalt 18-5-2009 om 20u33
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Het wilde de dokter maar niet lukken om enig bewustzijn vanachter de gesloten voordeur op te merken. Hij wist dat zijn gaven hem momenteel in de steek lieten, omdat hij ook de gedachtegolven van zijn metgezellen niet wist op te vangen. Gelukkig was dit duidelijk niet het werk van een kwaadwillende magister, maar was hij gewoon niet goed genoeg. Waarschijnlijk was hij door de energie die het hem gekost had om de beeltenis van de negroïde man, door de journalist herkend als deze zogenaamde Buizerd, naar de anderen over te brengen geestelijk uitgeput geraakt. Hij pakte zijn telefoon in reactie op de vraag van Anna, maar zag tot zijn verbijstering dat Robin daadkrachtig op de bel drukte. Hij verwachtte niet dat deze het zou doen, aangezien hij er eigenlijk vanuit ging dat de stroom was afgesneden, maar toen hoorde hij een elektrische zoemtoon. Zacharie voelde er weinig voor om uit te vallen tegen zijn collega. In de korte tijd waarop zij op de heer des huizes stonden te wachten deed de dokter zijn uiterste best om tegemoet te komen aan het voorstel van de jonge missieleidster en slaakte een zucht van verlichting toen hij merkte dat het dit keer wel wilde lukken.
Het bleef een tijdje stil en de psychiater bereidde zich voor op het idee dat ze wederom een plaats delict zouden gaan betreden. Toen zijn telefoon ging liet hij het ding bijna vallen. Met een verhit hoofd en trillende handen keek hij naar het schermpje en constateerde dat het meneer Eeckhout was die belde. Of iemand die belde met diens telefoon natuurlijk. Phillipe Zacharie hoopte op het eerste. Hij nam de telefoon op en voordat hij zijn naam kon zeggen vroeg de krakende stem van de voorzitter van de parochieraad of zij voor zijn deur stonden. In de stem van de oude baas sijpelde duidelijk angst door en de psychiater kreeg direct het gevoel dat de man aan de andere kant van de lijn meer wist dan hij in eerste instantie met hen had willen delen. Toen hij bevestigde dat ze voor de deur stonden hing Kamiel op. Een paar seconden later zag hij hoe het licht aanging in de gang.
Kort daarna leidde de oude man hen door zijn kleine woning die er niet luxueus, maar zeker verzorgd uit zag. Gezien zijn hoge leeftijd achtte Zacharie het niet waarschijnlijk dat Kamiel zijn woning zelf zo goed schoonmaakte. Waarschijnlijk had hij hulp in de huishouding.
De voorzitter nam hen mee naar een kamer op de eerste verdieping, aan de achterkant van het huis. Hier brandde licht, terwijl de rest van de woning in duisternis gehuld was en de zware overgordijnen waren gesloten.
door malkav achterban(k), 6637 / 7020 gepost: 18-5-2009 om 21u04
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Annelies keek terug naar de dokter en ze moest haar ogen 'bijstellen'. De energie die zijn Nimbus door diens aura liet schitteren gaf de signatuur van de dokter een vreemd dubbelbeeld. Iedere keer wanneer ze zijn aura in het vizier kreeg leek deze te verplaatsen. Het was als die rare 3d plaatjes waar je hoofdpijn van kreeg als je jezelf te lang dwong om te kijken. De dokter had haar advies, net zoals Robin, gelukkig niet in de wind geslagen.
Ze had een wenkbrouw opgetrokken toen Robin op de bel drukte. Waar was hij mee bezig? Als er iets meer sinistere dingen hadden gespeeld dan een paranoïde Kamiel hadden ze hun komst welzeker aangekondigd aan God weet wie. Het overgaan van Zacharie's gsm en het daarop volgende gesprek was wel teken genoeg dat ze beter hadden kunnen bellen in plaats van aanbellen. De man leek doodsangsten uit te slaan. Annelies slaakte wel een zucht van verlichting dat alles in orde leek te zijn met Kamiel.
Annelies schudde ongezien met haar hoofd en glimlachte flauwtjes toen ze achter Zacharie en Robin de oude man volgde door zijn huis. Was de hyperactieve journalist soms met haar voeten aan het spelen. Had hij geweten dat Kamiel veilig was? Dit was echt de verkeerde timing om zo impulsief te doen vond Annelies.
Ze besloot om er verder niets over te zeggen, ook niet op een later moment. Ze vermoedde dat het ook averechts zou kunnen werken. Ze wilde immers niet de leider spelen.
Deed hij nogmaals zo onbezonnen zou ze het zeker niet laten passeren om hem uit te leggen dat het haar weinig boeide als hij zijn leven zo zorgeloos in de waagschaal wilde leggen, maar niet zolang hij in het gezelschap was van de dokter en zijzelf. Annelies' leven was haar iets teveel waard om af te laten hangen van iemand die bij vlagen zo onevenwichtig was. Om maar te zwijgen van het feit dat zijzelf afgestraft zou worden voor alle idioterie binnen de groep. Als Robin het uit naïviteit in plaats van een eigenaardige streek had gedaan was het nog even onveilig. Het was nu te laat om er verder bij stil te staan, vooralsnog bleek er niets te zijn wat verdacht leek, een groot geluk. Terwijl ze de kamer inliepen bestudeerde ze meneer Eckhout en de ruimte om haar heen. Ze was benieuwd wat de oude dronkaard hen te vertellen had, en wat hij misschien nog meer kon vertellen op verzoek van hen.
door Assunkill Wandraak, 4777 / 5034 gepost: 20-5-2009 om 11u17
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Kamiel Eeckhout liet zijn gasten binnen in zijn studeerkamer, waar hij twee extra keukenstoelen had binnengesleept. Het vertrek, waarvan één wand werd ingenomenen door een hoge boekenkast, werd maar schaars verlicht door de leeslamp op het oude, eikenhouten bureau. Er lagen enkele ordentelijke stapels papieren op het bureau, maar er stond ook een kruik jenever en een glas dat groter was dan gebruikelijk om jenever te drinken. De voorzitter van de parochieraad zette zich achter zijn bureau op een oude, met leer overspannen stoel, en nodigde zijn gasten uit te gaan zitten. Uit een lade in zijn bureau haalde hij nog drie glazen.
“Als iemand iets wil drinken… je bedient je zelf maar. Mijn zenuwen konden vanavond wel een druppel gebruiken, durf ik toegeven. Ja, ik durf zelfs toegeven dat ik doodsbenauwd ben, al weet ik niet precies waarvoor.
Als ik had geweten dat dit allemaal zo zou aflopen, had ik wel eerder ingegrepen en de politie gewaarschuwd. Maar in mijn vak kom je regelmatig gelovige fanatici tegen. De meesten zijn onschuldige sukkelaars, daarvoor de politie elke keer waarschuwen zou belachelijk zijn. Maar ik zal bij het begin beginnen:
Het spijt me het te moeten zeggen, maar jullie werk is zinloos. Het bisdom heeft bepaald dat deze kerk moet sluiten en daarmee basta. Ze doen het zelf met zo’n afschuwelijke tegenzin, dat je weet dat áls ze ertoe overgaan, er geen enkel alternatief meer is. Daarom was ik een beetje verbaasd toen ik van u hoorde, maar ik realiseerde me al snel dat jullie een soort excuus zouden zijn voor het sluitingsproces, dat zo serener zou verlopen.
Maar het nieuws lekte natuurlijk uit, zo gaat dat altijd, en er kwam protest. Niet van onze mensen, wij weten hoe het hier is, maar van vreemdelingen. De Congolezen kwamen eerst. Zij waren redelijk: de kerk mocht gewoon niet ontwijd worden, vonden ze. Ze benadrukten dat punt heel erg, maar je kon onderhandelen met die mensen, met Congolezen kan je altijd onderhandelen. De Polen, dat was een ander paar mouwen. Die twee waren gewoon knettergek. Eerst viel het niet zo op, ze leken gewoon fanatiek katholiek. Polen, hé.
Omdat ik geen zin had in problemen met het bisdom, wou ik van hun commitées zo min mogelijk last. Ik krijg van het bisdom een pensioentje en dat heb ik hard nodig, begrijp je. Dus besloot ik hen aan mekaar voor te stellen en probeerde hen ervan te overtuigen de krachten te bundelen: dat zou hen een sterker maken. Maar ik wist dat één commitée makkelijker af te handelen zou zijn voor mij dan twee, en vooral: ik rekende er op dat de ze onderling ruzie zouden krijgen en dan was het probleem voor mij nog veel handiger opgelost.
Enigszins tot mijn verbazing besloten ze inderdaad samen te werken en sindsdien hoorde ik er niets meer van. Ik dacht dat mijn probleem opgelost was en dat uw commissie gewoon een nette façade was die we nog even moesten afwerken.
Maar eergisterenavond stonden ze hier opeens allebei, die Polen. Ze beweerden dat de Congolezen duivelsaanbidders waren en dat we moesten ingrijpen. Ik was daar niet erg happig op, dat begrijp je. Ze vonden dat ik als katholieke leider – maar dat ben ik natuurlijk helemaal niet – mijn plicht moest doen en die satanisten moest stoppen . Ze wisten waar en wanneer die Congolezen één of ander ritueel gingen doen en ze wilden hen uitschakelen voor het zover kon komen. Toen ik bleef weigeren, stapten ze kwaad op en zeiden ze dat ze dan zelf wel zouden ingrijpen.
Ik dacht dat ze samen heel hard gingen bidden of zo, om de duivelse krachten af te wenden. Wist ik veel dat dat zo bloedig ging aflopen? Dan had ik natuurlijk de politie gewaarschuwd. Maar ja, zoals ik al zei, je komt zo veel fanatiekelingen tegen…
Ik schrok dus wel toen ik daarnet het journaal bekeek. Journalisten hadden het over een ‘slachting’ en met bloed in het hele huis en zo… Ik had nooit gedacht dat die Congolezen hun Poolse rivalen zo zouden afmaken. En daarom begon ik me af te vragen… wat als het nu écht satanisten zijn? ”
door Raska mandraak, 9310 / 10390 gepost: 21-5-2009 om 18u54
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Robin luisterde naar het verhaal van Kamiel en het viel hem op hoe opgelucht hij wat dat de man gewoon kort en duidelijk zijn verhaal deed. Dat had de journalist gemist de afgelopen dagen: duidelijkheid. En hij was blij dat er nu iemand was die duidelijk was.
Dat hij daarvoor naar iemand moest die onbekend was met magie, bewees zijn punt over magiërs nog maar eens. Hij hoopte dat hij zelf zo niet zou worden: alleen nog maar sprekend in onduidelijke en mysterieuze zinnen.
'Ja, wat als het écht Satanisten zijn?' kaatste Robin de vraag terug. 'Wat zouden ze dan van zin kunnen zijn in met uw kerk? Heeft u daar een idee van?'
Hij trok zijn voet onder zijn zijn ander been waardoor hij in een soort halve kleermakerszit op de stoel kwam te zitten.
'Die martelaren van Gorinchem bijvoorbeeld. Hebben we reden om aan te nemen dat de Congolezen daar iets mee te maken hebben? Kent u daar iets van? Van die martelaren bedoel ik dan? Het leek me een interessant stuk van uw kerk, maar toen we er aankwamen waren de relikwieën zo te zien weg.'
Hij draaide zich naar Anna. 'Is het niet collega?'
door Zorbalt Moorderator, 5319 / 5397 gepost: 21-5-2009 om 23u30gewijzigd door Zorbalt 21-5-2009 om 23u33
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
De psychiater uit Lille liep met ferme tred naar het bureau en schonk zichzelf een volle bodem jenever in, waarna het glas oppakte en het goedje een kort moment zorgzaam op en neer liet wiegen tussen zijn vingers. De oude man was een drinker, maar Zacharie had hem nog niet op rookwaar kunnen betrappen en hoewel hij smachtte naar de smaak van een sigaar, besloot hij om hier maar niet over te beginnen. Hij zette zichzelf neer op een ietwat gammele keukenstoel. Hij kruiste zijn benen en hoorde het verhaal aan, terwijl hij de verteller zwijgend en bedachtzaam observeerde. Een kort moment voelde het alsof hij aan het werk was, maar deze kamer leek in geen enkel opzicht op zijn ruime en smaakvol ingerichte behandelkamer.
Het eerste wat hem opviel was de ogenschijnlijk nuchtere manier waarop Kamiel Eeckhout sprak. Voor iemand die de gehele dag door alcoholische dranken leek te nuttigen kwam zijn stem en de manier waarop hij handelde buitengewoon nuchter over. Er waren gevallen bekend waarin dronken lieden door een plotselinge, vaak traumatische, gebeurtenis spontaan leken te ontnuchteren. Uit een discutabel Engels onderzoek bleek dat het alcoholpercentage in het bloed na zo’n gebeurtenis soms op onverklaarbare wijze was verlaagd. Op de een of andere manier was het menselijk lichaam in staat om gifstoffen in stressvolle situaties sneller af te breken. Uiteraard kon het ook betekenen dat de oude man al zo lang dronk dat zijn lichaam en geest gehard waren. Hoe dan ook, hij lispelde niet, liep netjes rechtop en keek helder uit zijn ogen. Waarschijnlijk was hij in de veronderstelling dat de drank hem zou kalmeren, maar de man was alles behalve kalm. De dokter schatte in dat Kamiel bang was dat de politie een deel van de schuld van het bloedbad in zijn schoenen zou schuiven en het was hem ook duidelijk dat de oude man rekening hield met het gegeven dat de zwarten daadwerkelijk duivelaanbidders waren die het kwaad voor hadden met de kerk. Verder worstelde hij met een schuldgevoel.
Het verhaal van de voorzitter klonk naar zijn mening oprecht. De man wist niets van magie en het gegeven dat hij op dit moment in gesprek was met drie magiebeoefenaars maakte de situatie in zijn optiek een beetje ongemakkelijk. Ze moesten op hun woorden letten, maar toch proberen om zo veel mogelijk informatie te vergaren. De Fransman nam een teug uit zijn glas en genoot van de jeneversmaak, terwijl hij wachtte op wat Anna de Graue zou gaan zeggen.
door malkav achterban(k), 6643 / 7020 gepost: 22-5-2009 om 9u07gewijzigd door malkav 22-5-2009 om 12u28
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
De kamer zou voor veel mensen een beklemmende werking kunnen hebben door de zware gordijnen die geen enkel licht zouden doorlaten, niet naar binnen en niet naar buiten. Het weinig aanwezige licht kwam van een klassieke bibliotheek leeslamp met het typerende groene glas op Kamiels bureau. Op de een of andere manier voelde ze zich wel fijn in ruimtes als deze. De wereld leek mijlenver te zijn van hier.
Ze liep achter haar collegae de ruimte in en nam ook plaats. Ze deed niet de moeite om wat drinken in te schenken, vanaf het punt waar ze zat leken er enkel flessen met alcoholisch goed te staan.
Ze monsterde de ruimte en Kamiel maar zag geen enkel spoor van magie. De ruimte en vooral Kamiel leken in alle opzichten 'schoon'. Het enige wat werkelijk uitstak waren de vreemde Patronen die ze in de aura's zag van Robin en Zacharie, 'beschermende spreuken'
Terwijl er drinken werd ingeschonken bestudeerde ze de kamer. Haar ogen vielen direct op de boekenkast die een volledige wand van de kamer in had ingenomen. Ze kneep haar ogen ietwat samen om enkele titels beter te zien. Er stond van alles door elkaar en Annelies vroeg zich af hoe de oude man zijn boeken moest terugvinden, er was totaal geen systeem. Ze zag religieuze werken, politieke studies, maar ook gewone romans, zowel in het Frans als in het Nederlands.
Het meest opvallende was nog wel een volledige Winkler Prins encyclopedie, iets dat nu anno 2008 een beetje absurd leek. Toen Kamiel de collectie aanschafte, misschien dertig jaar geleden, zou dit een zalige bron van informatie zijn geweest, nu was het gedateerd. Aan de andere muren zag ze enkele etsen en houtskool tekeningen hangen, het waren klassieke maar vooral saaie landschapsschilderijen.
Op de vloer lag vast tapijt, dat al tamelijk schraal was geworden door slijting. Op verschillende plaatsen zag ze de afdrukken van stoelpoten die er te lang hadden gestaan. De stapels op het bureau waren redelijk ordelijk en iets wat opviel was iedere afwezigheid van een computer. De stapels briefpapier wezen er op dat de correspondentie van Kamiel nog altijd met de hand geschreven werd. Een dure mont blanc vulpen lag op de lederen bureauonderlegger.
De encyclopedie, het gebrek aan computer, met de hand schrijven... het leek wel alsof Kamiel uit een ander tijdperk kwam, maar ze realiseerde zich dat dat tijdperk niet eens zo ver weg lag.. Ze had zelfs vrienden of kennissen van Angkrah ontmoet die niet veel ouder dan zij waren die ook dertig jaar in het verleden leken te leven.
Het verhaal van Kamiel kwam redelijk overeen met wat zij ongeveer vermoedde, maar het bevestigde nog steeds niet of het de Congolesen waren geweest die de twee Poolse Duiveljagers hadden belaagd. Volgens de Poolse vrouw waren ze zwart geweest maar nu Annelies enkele dagen in Brussel had verbleven bleek dat er heel veel negroïde mensen leefden hier. Zoveel uitsluitsel gaf het dus niet.
Annelies was de informatie nog aan het rangschikken in haar hoofd en bedacht zich dat het met de minuut vreemder werd. Satanisten? Magiegebruik zou daar al snel op wijzen voor een onstabiele Slaper met een religieuze achtergrond maar Annelies kon zich niet aan de verhalen van haar Meester ontdoen. Hij had eens gesproken over duivels en demonen, bij gebrek aan betere woorden, onmenselijke wezens die in de kloven leefden tussen realiteiten in, wachtend tot ze onze wereld konden betreden. Ze wist niet wat ze hiervan moest denken, ze geloofde haar Meester op z'n woord en het enige wat ze hoopte was dat zij nooit geconfronteerd zou worden met de entiteiten uit de schemerwerelden.
Waarom zouden de Congolezen alles op het spel zetten door zo'n slachting in hun eigen huis? Vooral gezien de Kerk hen zoveel waard was? Ze hadden op z'n minst de lichamen kunnen verbergen en op de eerste plaats zeker maken dat ze allebei dood waren. Tenzij zij daar nooit aanwezig waren geweest, enkel magie. Was het mogelijk dat de twee Polen elkaar te lijf zijn gegaan doormiddel van magie? Ze achtte die kans zeer zeker mogelijk.. Een andere mogelijkheid was dat de Congolezen voelden alsof ze niets meer te verliezen hadden en dat dit de reden was van hun openlijke vertoon.
Ze schrok eigenlijk een beetje toen Robin haar aansprak en plots waren ook de ogen van Zacharie op haar gericht. Ze aarzelde wat en keek vanonder haar wenkbrauwen vluchtig haar collegae aan. Ze wist niet wat te zeggen en kon enkel bevestigend naar Robin knikken.
"De Asse... die is ontvreemd ja. Was dit reliek erkent door het Vaticaan? "
Ze kaatste het gesprek niet echt tactisch terug, maar zuchtte toch zachtjes opgelucht toen ze niet meer in de kijker stond. Ze vroeg zich af wat zij wijzer zouden worden van Kamiel. Er moesten dingen zijn die hen konden helpen, ze moesten enkel de juiste vragen stellen zonder dat deze vreemd overkwamen.
Annelies bedacht zich dat het voor de dokter en de journalist, vooral de journalist zelfs, een stuk makkelijker moest zijn om de juiste vragen te stellen zonder over te komen als iemand 'die ze ziet vliegen'. Ze zouden misschien niet eens realiseren dat ze een antwoord zouden krijgen wat misschien waardevoller was dan ze zouden denken. Dat wil zeggen; als Kamiel hen feiten zou weerleggen die misschien ook anders geïnterpreteerd zouden kunnen worden met wat kennis van het Supernale. Annelies had zeker haar talenten, palaveren met een oude Slaper was er geen van.
door Assunkill Wandraak, 4779 / 5034 gepost: 22-5-2009 om 15u33
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Kamiel zuchtte, niet van ergernis, maar van moedeloosheid, en schonk zich nog een glas jenever in. Hij slurpte er zachtjes van en keek naar Annelies die opstond en naar zijn bibliotheek wandelde.
“Ja, natuurlijk zijn die heiligen door het Vaticaan erkend, en die relikwieën ook. Maar daar hadden we gemakkelijk een oplossing voor gevonden. Eén mogelijkheid was om ze weer naar Gorkum te brengen, er was ook het idee om ze in een kapel in de kathedraal van Sint-Goedele onder te brengen. Enfin, mogelijkheden genoeg.
Het is me voorlopig niet duidelijk wat dat satanisme met mijn kerk te maken zou hebben. Het ritueel zal daar trouwens niet plaatsvinden. Volgens de Walczaks zal dat aan het Justitiepaleis gebeuren, dus ik zie de link eerlijk gezegd echt niet.
En dan is er nog iets. De Polen hadden me gezegd dat zij de Congolese satanisten gingen tegenhouden, dus toen zij vermoord – of half vermoord – werden teruggevonden, ging ik er van uit dat zij door de Matondo’s waren afgemaakt. Het adres dat ze hadden opgegeven bij mij, is inderdaad het adres waar de Walczaks in hun eigen bloed werden aangetroffen. Maar het huis is eigendom van een vastgoedmaatschappij. Dat heb ik nagekeken. Het staat al jaren leeg, blijkbaar speculeert het bedrijf op verkrotting of op de heropleving van de buurt. Hoe dan ook, de Matondo’s gaven een vals adres op. Misschien wisten ze dat het er nog heet aan toe kon gaan? ”
Met een grote slok maakte Kamiel zijn glas leeg. Hij keek zijn gasten een beetje ontredderd aan. Hij wist niet goed wat hij met deze situatie aan moest, en hij hoopte dat zij dat wél wisten…
door Zorbalt Moorderator, 5321 / 5397 gepost: 23-5-2009 om 0u00gewijzigd door Zorbalt 24-5-2009 om 9u03
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Terwijl de oude man praatte tipte Phillipe bedachtzaam uit zijn glas. Kamiels aandacht werd even getrokken door Annelies die bij zijn Winkler Prins Encyclopedie stond. Ze maakte een gebaar van 'mag ik?' met haar hand op het GH segment. Kamiel knikte ondoordacht naar haar en richtte zijn aandacht weer op de twee heren aan zijn bureau. De jonge magiër sloeg het boek open in haar armen en begon rustig te bladeren, oplettend dat ze geen enkel hinderlijk geluid maakte.
Phillipe vroeg zich af hoever hij zou kunnen gaan om de onderste steen boven te krijgen en besefte dat hij enkel grip zou kunnen krijgen op de situatie als hij de geest van de voorzitter van de parochieraad zou lezen en diens ware intenties en gedachtestromen kon begrijpen. Dit zou enkel werken als hij hem enkele vragen zou stellen waarvan hij wist dat zijn collega’s liever zouden hebben dat hij ze niet uit zou spreken. Hij voelde in de diepe zak van zijn gebreide kabeltrui en nam de puzzelkubus vast, wetende dat hij deze nodig zou hebben om zijn krachten te kanaliseren. Hij zou proberen om geen informatie naar de oude man te zenden en trachtte enkel diens gedachtestromen te ontvangen. Op deze manier zou er geen informatie voor hem verborgen worden gehouden. Hij zou de gedachten van Kamiel lezen als een boek en hij hoopte dat dit hen verder zou kunnen helpen. De dokter verwachtte niet dat de oude man in staat was om bepaalde gaven aan te wenden en dat betekende dat hij weinig risico liep. Niemand besefte waarschijnlijk dat er tussen de twee mannen een band ontstond. Er werd een onzichtbare deur geopend en Zacharie keek door de kier.
”Kamiel, wij zijn onder in de kelder van de kerk geweest en daar was inderdaad een ritueel gedaan. Jij bent de eerste waartegen wij dit vertellen en we wisten niet wat we ervan denken moesten. Ik moet eerlijk zeggen dat we, gezien de situatie, nog geen contact hebben opgenomen met de politie.” Hij zweeg een kort moment en zag enkele beelden voorbij flitsen die de oude man waarschijnlijk gelijktijdig door het hoofd schoten. Hij was inderdaad onzeker, bang en wist niets van magie. Langzaam hoorde hij van ver hoe diens gedachten binnen lekten. Dit was het moment om de juiste vragen te stellen.
”Heb je misschien enig idee of er zich nog een ruimte onder de kelder bevindt of is er iets bekend over de locatie waar de kerk gebouwd is?”
Hij liet zich ietwat achterover zakken en nam een slok uit zijn glas en nam de tijd om de vreemde gevoelens en gedachten te analyseren.
Het brein van de oude man liet zich gemakkelijk lezen. Hij dacht helder, maar er was iets wat zijn gedachten noodgedwongen eenvoudig hield. De dokter besefte maar al te goed dat de alcohol van binnen zijn verdovende werking niet miste. Het zou niet gemakkelijk zijn om diep in zijn geest te graven, maar vooralsnog zag de psychiater geen vreemde invloeden van buitenaf die de man in zijn greep hielden.
Zijn vragen over de kelder hadden de man ietwat verward, maar hij gaf een antwoord waarop Zacharie verder kon borduren.
”"Een satanisch ritueel? In mijn kerk? Nee, de Wlaczak zeiden dat het ritueel onder het Justitiepaleis zou plaatsvinden, niet onder mijn kerk. Er is trouwens helemaal niets onder mijn kerk, tenzij de mythe over de bisschop klopt, dan ligt zijn skelet daar misschien ergens, héhé."
De dokter zette zijn vriendelijkste gezicht op en dronk zijn glas leeg. Hij sprak, terwijl hij het glas naast zich op een klein kastje zette.
”Kamiel, normaal zou je in dit soort situaties natuurlijk aan het bisdom moeten rapporteren, maar in dit geval wil ik je vragen om hier mee te wachten.
Hij zweeg een kort moment en keek de oude baas indringend aan en besloot om verder te vissen.
Zou je ons iets meer kunnen vertellen over deze bisschop?
door malkav achterban(k), 6646 / 7020 gepost: 23-5-2009 om 22u04
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Terwijl ze tegen de boekenkast leunde en Kamiels verhaal trachtte te volgen bladerde ze bedachtzaam door de encyclopedie. Uiteindelijk vond ze wat ze zocht. Onder Gorcum, ofwel Gorinchem, vond ze uiteindelijk 'De Martelaren van Gorcum'.
Gorinchem, haar geboorte plaats Rossum lag er niet ver vanaf. Ze had van begin af aan al een verbintenis gevoeld met de Kerk. Dat uiteindelijk bleek dat er een Heilig relikwie gebruikt was in een Rite, een relikwie verbonden met haar geboortestreek, moest wel ergens op wijzen. Het zou haar niet eens verbazen als Angkrah hiervan geweten had.
Het stoffige boek in haar arm riekte naar opgedroogde schimmel en was naar alle waarschijnlijkheid jaren geleden al eens gered van een zekere vochtdood. Het document leerde haar dat op 9 juli 1572 bij Brielle negentien priesters en kloosterlingen, voor het merendeel inwoners van Gorcum gedood werden vanwege hun getuigenis omtrent de werkelijke tegenwoordigheid van het Lichaam van Christus in de eucharistie en omtrent het gezag van de paus als zichtbaar hoofd van de Kerk.
Ten prooi aan bespotting en mishandeling hielden zij moedig stand. Zij werden door ophanging om het leven gebracht. Om hun geloof, met ere in de geschiedenis van de kerk van Nederland vermeld, werden zij in 1867 door paus Pius IX heilig verklaard. Gedeelten van hun relieken werden in Brielle, Gorinchem en Brussel bewaard, waarvan de laatste sinds gisteren in een smurrie van bloed en verf verloren was gegaan.
Deze informatie was wel heel erg wazig, stelden ze het gezag van de Paus in twijfel destijds en werden zij ook daarom gedood? Niet dat dit er veel toe deed voor Annelies. De Rooms Katholieke kerk was naar haar idee nog wel hetgeen wat het dichtste in de buurt kwam van de Machine van het Beest, meer gedachten wilden zij daar niet meer aan vuil maken.
Ze werd even afgeleid door de wending in het gesprek die dokter Zacharie veroorzaakte. Annelies zag vanuit de fluctuerende Aura van Phillipe een fonkeling komen, minuscule schitteringen in een lichte mist.. nauwelijks zichtbaar. Ze vermoedde dat hij een spreuk aan het weven was die invloed zou hebben op de oude dronkaard. Ongelijk aan hetgeen ze hem eerder had zien doen maar zeker binnen de Arcana van de Geest.
Haar ogen richtte zich weer op het quasi antieke boek in haar arm en ze las vluchtig verder. Er stond vervolgens een waslijst aan namen van personen die omgebracht waren op het bewuste moment zelf en degenen die later nog vervolgd werden verspreid over Vlaanderen, Noord-Brabant en Gelderland.
Annelies haalde haar notitie blokje en sjieke mont-blanc pen, gekregen van Angkrah, uit haar tas en legde deze in het boek wat ze in haar rechterarm had. Ze stak de pen in haar mond en met een snelle beweging trok ze de pen uit haar mond terwijl de dop tussen haar lippen bleef steken..
Ze nam in haar sierlijke handschrift alle achternamen over van de personen die gedood waren als de Martelaren van Gorcum, en tegelijk vroeg zij zich af hoeveel Asse er in totaal was geweest. Annelies was een jong genie als het aankwam op scheikunde, natuurkunde en fysica in het algemeen. Meer dan twintig personen liet redelijk wat as achter, zelfs met chemische hitte. De Asse die nog rustte in de twee andere locaties kon onmogelijk gezamenlijk circa anderhalve kilo bedragen.
Ze schudde zichzelf wakker en verfoeide haarzelf even omdat ze weer was afgedwaald in gedachtegangen die er werkelijk niets toe deden. Daardoor had ze de gehele opzet van Zacharie's gespreksrichting gemist. Ze hoorde hem enkel vragen naar een mogelijke ruimte onder de kelder, en wat er had gestaan voordat er een kerk werd gebouwd.
Annelies achtte de kans nihil dat de Sint Nicolaas Kerk op een Indianen begraafplaats was gebouwd. Ze schrok van haar gedachte en kon een zachte giechel niet bedwingen. Ze raapte zich direct weer samen en kuchte een keer nonchalant.
Ze keek even richting de heren van over het boek waarna ze pretendeerde verder te lezen met haar lokken voor haar ogen. Ondertussen bekeek ze haar collegae. De dokter was duidelijk bezig met Kamiel, dat stond boven kijf. Robin leek even onrustig als altijd en ze hoopte dat hij ook zou branden met verdere vragen.
Haar aandacht mocht vanaf nu niet meer verslappen. Ze probeerde zich tegelijkertijd nog meer bewust te maken van de grauwe Patronen om haar heen. De jonge magister probeerde haar perceptie te laten versmelten met structuren om haar heen. Als er ergens in hun nabijheid een patroon werd aangepast of verstoord werd hoopte ze dat te kunnen waarnemen. Ze trachtte vertrouwd te worden met de Resonantie van het gebouw en diens Patronen.
Op dit moment moest ze volledig kunnen vertrouwen op haar collegae. Ze wist in ieder geval dat de dokter mensen dingen kon laten vergeten, zoals hij ook bij de taxi chauffeur had gedaan. Mocht het fout lopen hadden ze die troef misschien nog in handen. Als Phillipe de oude dronkaard als een patiënt zag kon hij zijn naam waar maken als succesvolle zielenknijper die zelfs werd uitgenodigd om te spreken op symposia, of hoe je die blaaskaak dingen ook wilde noemen. Psychologie werd even relatief als fysica wanneer magie haar intrede maakte. De kennis van de wetenschap maakte het enkel makkelijker om de 'regels' te breken. Daarnaast was er nog een journalist aanwezig die met het lot en vadertje tijd kon spelen. Annelies kon zich beter bezigen met andere dingen,.. zoals de huidige veiligheid garanderen van haar groepsgenoten en Kamiel.
door Raska mandraak, 9316 / 10390 gepost: 24-5-2009 om 13u48gewijzigd door Raska 24-5-2009 om 21u49
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
De Congolezen zouden hun ritueel willen uitvoeren onder het justitiepaleis? Robin graafde in zijn geheugen. Hij was er eens geweest, bizar genoeg was dat in het kader van dezelfde opdracht als toen hij in het huis was geweest waar Gaëlle hen had ontvangen. Hij had een kleine documentaire moeten draaien rond Victor Horta, art-nouveau architect en de man die het gebouw van Gaëlle had getekend.
Victor Horta had het justitiepaleis niet gebouwd maar Robin herinnerde zich uit het stuk wel dat hij met harde kritiek kwam aanzetten. "Cyclopische architectuur ontsproten aan de verbeelding van een dwerg, zonder kennis van de menselijke schaal." had Horta over het bouwwerk gezegd. Volgens de journalist was Horta gewoon een beetje jaloers.
Maar Robin vond de zin wel compleet van toepassing op het gebouw. Het was inderdaad iets gigantisch. Opgetrokken in opdracht van de megalomane Leopold II was het in de 19de eeuw het grootste overheidsgebouw ter wereld .
Waarom zou iemand daar een ritueel willen uitvoeren? En vooral: hoe zou hij dat in godsnaam willen doen? Robin probeerde zich het interieur een beetje te herinneren, maar kwam niet verder dan de indrukwekkende 'Salle des pas perdus' . Een gigantische zaal waar op de grond een grote windroos stond die het centrum van de ruimte aangaf. De onderdrukte Hollywoordschrijver in hem draaide op dubbele capaciteit en hij stelde zich al voor dat de Congolezen in het midden van die windroos mensen de keel oversneden.
Hij schudde het idee van zich af en probeerde zijn kennis over Brussel boven te halen. Hij had ooit eens met een paar vrienden de Koekelbergbasiliek beklommen. Die had een massale koepel, maar de koepel van het justietiepaleis was groter. Stond dat paleis niet op een berg? Robin maalde tot hij Anna bij de Winkler Prins zag staan.
’Mag ik ook even?’ vroeg hij aan Kamiel terwijl hij naar de boeken wees. Er was iets met dat gebouw dat hij moest weten. Robin kon nog niet plaatsen wat, maar hij had het binnen handbereik liggen. De oude man knikte en de journalist wandelde naar de indrukwekkende encyclopediereeks. Waar was wikipedia als je het nodig had?
Waarom zou je in godsnaam naar het justietiepaleis willen? Hij nam het B-deel van het boek en bladerde er in tot hij Brussel en zijn justitiepaleis vond. Naast de uitleg stond een vergeelde foto .
Robins ogen gingen van links naar rechts over de tekst en sprongen heen en weer. Hij was duidelijk een kind van zijn generatie. Opgegroeid achter de computerschermen las hij een tekst wat kris kras door elkaar. Er stond veel in wat hij al wist en hij was licht teleurgesteld. Hij had gehoopt dat hij wat wijzer zou worden. Het was iets met de berg waar dat gebouw op stond.
De bouw had 37 jaar geduurd, wist het boek te vertellen en op 15 oktober 1883 werd het voor het eerst in gebruik genomen. Allemaal mooie informatie, maar veel was hij er niet mee.
Plots trokken zijn ogen naar een woord. 'Galgenberg' . Robin had een Eureka-moment en plots spatte de informatie in zijn hoofd open als een rijpe vrucht. Hij sloot de encyclopedie - veel stond er toch niet in over het justietiepaleis - en ging weer zitten.
Het Justitiepaleis was gebouwd op de Galgenberg; Juist! De galgenberg, waar vroeger veroordeelde misdadigers werden opgehangen! Elke Brusselaar die een beetje trots was op zijn stad kende dat verhaal. Het was op die heuvel dat Vesalius als grondlegger van de moderne anatomie ’s nachts lijken ging stelen om het menselijk lichaam te bestuderen.
Robin dacht na, er was nog iets, iets met de kelders van het gebouw. Toen ook die informatie weer kwam bovenborrelen, sprong hij haast recht om een vreugdedansje te doen.
Juist! De kelders van het justitiepaleis zouden het hart geweest zijn van een obscure vrijmetselaarij organisatie. Het stak daaronder tjokvol gangen die nergens naartoe zouden leiden en die afgesloten waren door hekken waar niemand officieel nog een sleutel van had.
Indertijd had dat Robin ongelofelijk geïntrigeerd. Welke journalist zou dat niet zijn? Vreemde organisaties die onder het justitiepaleis zouden zitten en daar dingen zouden bekokstoven die niet helemaal koosjer zijn. Hij rook een verhaal, hij rook een mooi verhaal.
En wat belangrijker is: hij zou de journalist zijn die het allemaal naar buiten bracht. Als een soort Dan Brown in boekvorm, als een soort Spielberg in film.
Met een glimlach op zijn gelaat werd hij weer wat rustiger. Hij zou het straks allemaal tegen zijn collega's vertellen. Maar eerst zou hij Kamiel laten uitspreken.
door Assunkill Wandraak, 4782 / 5034 gepost: 24-5-2009 om 22u28
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
De vraag over de bisschop kwam onverwacht voor Kamiel, zeker uit de mond van de dokter. Hij antwoordde niet onmiddellijk, maar keek snel even naar Annelies en Robin, die bij zijn boekenkast in de weer waren, en toen weer naar Philippe Zacharie:
"Hoezo, de bisschop? Die kent u toch? Hij heeft u zelf naar hier gestuurd, of niet misschien? "
De oude voorzitter van de parochieraad begon in één van de stapels te rommelen, en haalde al snel een brief tevoorschijn, die hij Zacharie onder de neus duwde.
door Zorbalt Moorderator, 5325 / 5397 gepost: 25-5-2009 om 21u16gewijzigd door Zorbalt 25-5-2009 om 21u16
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Phillipe Zacharie las de brief met een bedenkelijke blik en besefte direct dat hij geen kaas gegeten had van de katholieke structuren, zeker in een ander land. Bovendien had hij erg weinig op met religie en was zelf overtuigd atheïst, iets wat zijn vader het liefste uit hem had geslagen. Het schrijven was buitengewoon amicaal van toon en ondertekend door ene Jozef Ceustermans, hulpbisschop voor het vicariaat van deze stad. Hij hoorde niet enkel de achterdocht in de stem van de voorzitter, maar voelde deze ook. De oude man was erg wantrouwend en voorzichtig. Zacharie verfoeide wederom zijn opdrachtgevers, die hem niet hadden verteld wat ze deze man hadden wijsgemaakt. Hij moest er voor waken dat het gesprek geen ongewenste wending zou krijgen en vouwde het briefje zo netjes mogelijk op, waarna hij voorover boog om deze aan Kamiel te overhandigen. Wederom voelde hij zijn gekneusde ribben, maar hij beet op zijn tanden en hield ondanks alles een vriendelijk gezicht.
”Wij kennen de bisschop niet persoonlijk, maar wij zijn inderdaad benaderd namens de heer Ceustermans. Zoals eerder aangegeven hebben wij geen bemoeienissen met de politieke en religieuze stromingen van deze prachtige stad. Wij zijn enkel gekozen om onze expertise en derhalve onafhankelijk.”
Hij stond op en liep naar het bureau, om daar zijn glas opnieuw te vullen.
”Kamiel, Ik zou tegen je liegen als ik zou beweren dat ik niet geïntrigeerd ben door de occulte en mysterieuze gebeurtenissen die hier schijnen te spelen. In mijn professie als psychiater ben ik meerdere malen in aanraking gekomen met mensen die werkelijk geloofden dat zij bezeten waren door demonen. In bijna alle gevallen waren het eenvoudigweg psychiatrische aandoeningen die er voor zorgden dat geliefden en familieleden deze patiënten niet meer herkenden. Er waren echter ook enkele zeldzame gevallen waarin ik voor mij onbehandelbare patiënten naar een priester heb moeten doorverwijzen. Kortom, het zou buitengewoon stupide zijn als ik beweer dat ik als wetenschapper alles kan verklaren. Maar ik ben er op gebrand om in dit geval de onderste steen boven water te krijgen en iedereen is erbij gebaad als dit op een manier gebeurd die integer is en de gezichten van de geloofsgemeenschap en de politiek niet schaadt.”
Hij liep terug naar zijn stoel en zag dat zijn collega-boekwurmen klaar waren met hun persoonlijke onderzoekjes. De dokter had maar al te graag hun geesten gelezen, maar geloofde niet dat zij dit vrijwillig zouden toelaten. Daarom concentreerde hij zich wederom op de voorzitter.
”Wat kunt u ons vertellen over deze beenderen en zijn er meer verhalen die duiden op het occulte? Verhalen die we zouden moeten onderzoeken?”
Hij nam een slok en luisterde naar wat enkel hij kon horen.
door malkav achterban(k), 6658 / 7020 gepost: 26-5-2009 om 10u40
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Robin stond nabij haar ook in een encyclopedie te bladeren, het eerste gedeelte van de collectie.
"..laat me even m'n ding doen..ja? , sprak ze zachtjes tegen Robin vergezeld door een kleine knipoog. Ze probeerde in te voelen op de patronen in haar omgeving mar realiseerde dat ze nooit verder zou kunnen voelen dan deze ruimte. Ze moest kiezen, bewegingen in het huis detecteren of magie trachten aan te voelen als het zich tentoon zou spreiden in de ruimte.
Ze realiseerde zich dat wanneer ze zich enkel zou concentreren op de Patronen in de studiekamer ze blind zou zijn voor de rest van het gebouw. Ze besloot om het anders te doen. Annelies kon beter proberen om af te stemmen op andere energieën die een eventuele indringer zou produceren, energie zoals 'beweging'
Annelies sloot haar ogen even en probeerde de statische en actieve kinetische energie binnen het huis aan te voelen. Als snel voelde het alsof het gehele huis tot de nok toe was gevuld met water, zo voelde ze de alle bewegingen op haar lijf drukken. Deze manier van waarnemen was haar nieuw en ze wist eigenlijk niet met welk zintuig ze het waarnam, het leek een mengeling te zijn.
Het eerste moment dat ze haar zintuigen openstelde voor die informatie was overweldigend. Er bewoog van alles in de kamer, Robin die door een boek bladerde, Kamiel die door een stapel brieven ging, de dokter die met zijn handen bewoog tijdens zijn uitleg…
Het loutere feit dat iedereen ademde en dus lucht uitstootte, even in zijn haar krabte of zijn voet verplaatste, gaf een heleboel ‘storingen’, ware het niet dat een gas als lucht altijd in beweging is, en dat het dus niet echt abnormaal was dat er zoveel beweging was.
Toen ze na enkele seconden wende aan het spektakel van kinetische energie in de ruimte, merkte ze dat ze nauwelijks tot geen bewegingen van buiten de kamer opving. Ze zag een beetje kinetische energie van op de gang via de spleet onder de deur door sijpelen, maar ze beseft al snel dat muren en deuren alles wat geen grove bewegingen in het kinetisch veld veroorzaakte, tegenhielden. Ze hoopte enkel dat wanneer er wel een deur of raam zou openen ergens, of wanneer iemand door het huis bewoog, dit zou merken aan de energieën die ze onder de deur voelde bewegen.
Tegelijk realiseerde ze zich dat als iemand hen kwaad zou willen doen, en die iemand over magische krachten zou beschikken, hij waarschijnlijk geen kamer met drie magiërs persoonlijk zou binnenvallen, maar iets subtieler en vanop een afstand iets zou plannen. Maar om daar naar uit te kijken zou per definitie al te laat zijn, haar Supernale visie kwam niet voorbij de ruimte waarin ze nu stonden. Als er een magister iets op hen zou doen vanaf afstand zou ze dit toch pas te laat doorhebben. Ze concentreerde zich op de spleet onder de deur en probeerde alle andere bewegingen die insloegen op haar lichaam te negeren.
door Assunkill Wandraak, 4787 / 5034 gepost: 27-5-2009 om 14u44
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
“Oh, had ik jullie nog niet verteld over de bisschop van de Sint-Niklaaskerk? ” Kamiel leek een beetje verbaasd maar ook tevreden dat hij het verhaal nog eens kon vertellen. Hij schonk opnieuw een glas jenever voor zichzelf in, nam er een klein slokje van en stak toen een sigaret op.
“Sorry voor de rook, maar ik ben nogal nerveus. En dan rook ik. Op mijn leeftijd hoef je niet bang meer te zijn dat je er jong aan zal sterven, héhé. Maar goed, het verhaal gaat dus, maar vraag me niet waar het vandaan komt, ik heb het ook maar van de vorige priester die intussen ook alweer twintig jaar dood is, dat er dus een bisschop zich heeft opgeofferd om de kerk te kunnen bouwen. Dat ging als volgt.
Brussel was vroeger een erg moerassige plaats. De naam van de stad schijnt er zelf van afgeleid te zijn, broek-zele. Enfin, ze hebben hier tot aan het eind van de negentiende eeuw nog moeras gedempt en beken afgeleid, dus het zal wel. Maar toen ze daar dus, ik spreek nu over de de twaalfde eeuw, na Christus natuurlijk, héhé, een stenen kerk wilden bouwen op plaats van een houten kapel, gaf dat problemen. Ze kregen hun funderingen niet sterk genoeg, en de stenen zonken weg, waardoor de kerk altijd maar instortte.
Dat was slecht voor de moraal en voor de vroomheid van de burgers, wellicht, en dus moest er een oplossing gevonden worden. De bisschop zou zich daarop in het moeras hebben gegooid, zijn weggezonken en daarmee de ondergrond stabiel hebben gemaakt. En zo kon de kerk gebouwd worden.
Ik zou er niet te veel geloof aan hechten. Niemand weet wanneer die kerk hier precies gebouwd is, niemand weet wie die bisschop geweest zou zijn en of er toen eigenlijk wel een bisschop in Brussel was. De kerk is een paar keer herbouwd en gerestaureerd geweest, maar die bisschop zijn graf is nooit gevonden, ook niet toen ze hier vlakbij een metrolijn hebben gegraven.
Maar als je dus iets onder de kelder zou vinden, zouden het de bisschop zijn botten misschien kunnen zijn. Volgens mij is er echter niets onder die kelder, we hebben lang genoeg vochtproblemen gehad om te geloven dat we daar nog aan een stukje moeras raken, héhé. ”
Kamiel zweeg en blies puffend blauw rookwolkjes naar zijn plafond. Het was duidelijk hij deze verwikkelingen niet had vermoed toen zijn vriend Jozef Ceustermans hem zei dat er een expertencommissie de boel netjes zou komen afhandelen. Het leek er niet op dat zijn problemen opgelost waren, integendeel, ze leken enkel groter geworden. Hij richtte zich opnieuw tot de dokter.
“Goed, stel nu dat we de bisschop niet inlichten over dat ritueel in de kelder van mijn kerk. Of toch niet meteen. Wat doen we dan wél? ”
door Zorbalt Moorderator, 5326 / 5397 gepost: 27-5-2009 om 22u22gewijzigd door Zorbalt 27-5-2009 om 22u25
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Aangezien de heer des huizes in alle ongemakkelijkheid een sigaret opstak, wreef de dokter in zijn klamme handen en haalde met een triomfantelijke blik zijn sigarendoosje tevoorschijn. Hij nam er een dikke en geurige sigaar uit en wilde het doosje weer wegstoppen toen hij opving dat de oude man het klaarblijkelijk ongepast vond dat hem geen rookwaar werd aangeboden. De gedachten van Kamiel schoten even door zijn hoofd met de snelheid van een kogel en in reactie hierop opende hij het doosje weer en boog uitnodigend naar voren. Hij merkte direct dat dit gulle gebaar de bange voorzitter tevreden stelde en hoewel het geen goedkope sigaren waren, besloot zacharie niet te krenterig te doen. De oude man legde het rookwaar op zijn bureau. Waarschijnlijk wilde hij er in stilte van genieten. Zacharie had het idee dat Kamiel op dit moment werkelijk geen idee had hoe verder te handelen. Als het aan de dokter lag hield de oude baas zich vanaf nu op de achtergrond.
”Wij hadden deze problemen niet verwacht en ik neem aan dat Jozef ook van mening was dat onze opdracht snel en in stilte zou worden uitgevoerd. Helaas zijn de huidige omstandigheden uitzonderlijk en volkomen onverwacht. Persoonlijk vind ik dit erg vervelend voor hem, maar zeker ook voor jou, Kamiel”
Hij blies een dikke kring van rook de lucht in. De kring werd dunner en wijder toen deze zich van hem verwijderde. De legende van de bisschop was intrigerend, maar hij vroeg zich af in hoeverre dit verhaal op waarheid berustte. Ze zouden waarschijnlijk terug gaan naar die armenwijk en daar op zoek gaan naar de magister die zichzelf Buizerd noemde. Hij keek even naar zijn collega's en besefte dat hij hun gedachten niet hoefden te lezen om te kunnen concluderen dat zij allen hetzelfde dachten.
”Heel erg bedankt voor dit boeiende verhaal. Het is al laat. Ik denk dat wij morgenvroeg gaan bepalen wat onze volgende stappen zullen worden. Uiteraard zullen we nog contact met je opnemen, maar ik raad je aan om je even niet te veel op straat te wagen. Er waard immers een moordenaar rond. Ik heb nog een laatste vraag. Kun je ons helpen aan een telefoonnummer van de contactpersonen van de fracties die zich met de kerk van St. Nicolaas bemoeien? Misschien kan ons dit later van pas komen.”
Hij keek zijn collega's aan. Tot nu toe hadden zij hem laten spreken en hij had deze ruimte genomen, maar misschien hadden zij nog iets toe te voegen.
door malkav achterban(k), 6661 / 7020 gepost: 28-5-2009 om 15u13
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Annelies hoorde het gesprek nog maar half aan maar wist de werkelijk boeiende dingen er nog redelijk uit te vissen. Ze voelde de bewegingen van de lucht door de kamer gaan en langs haar lichaam hun reis verder zetten. De kinetische energie veroorzaakt door de personen in de ruimte inclusief zijzelf bewoog zich redelijk voorspelbaar door de kamer waardoor ze het idee kreeg dat een beweging elders in het huis misschien makkelijker te bespeuren was door de verstoringen in de luchtdruk.
Ze dacht na over hetgeen ze gehoord had en het plot werd duidelijk dikker. De Congolezen, de familie welteverstaan, gingen volgens de Polen een ritueel uitvoeren onder het Justitiepaleis. Een duivels ritueel naar het schijnt, maar alles wat niet katholiek is bleek demonisch voor de Polen.
Inmiddels was er al een Rite uitgevoerd onder de Sint Niklaaskerk die zij al dan niet verstoord hadden. Dat Ritueel was gedaan door Buizerd en consorten. De verschillende Arcana die zij al gezien had en waarvan Zacharie haar berichtte konden onmogelijk toebehoren aan enkel deze Buizerd. Ze hadden aan die kant dus ook met een Kabal Magisters te maken.
Ze had zelf niet het idee dat Buizerd toebehoorde aan de Congolese familie, en zag hem ook niet als de moordenaar van de Poolse man. Misschien hoorde hij wel bij de familie en was hij afgesplitst van hen op ethische voorwaarden. Annelies kon nog altijd niet uitsluiten dat de familie inderdaad een onheilig ritueel wilden uitvoeren, wie weet probeerde deze Buizerd het tegen te gaan,.. anders waren zij en haar collegae misschien even hard aangepakt als de Polen daaronder in de kerk.
De derde partij was iets wat ze nog altijd niet kon loslaten en het begon er steeds meer op te lijken dat ze vanaf het begin de juiste inschatting had gemaakt. Het frustreerde haar enkel nog dat ze niet kon opmaken aan de Patronen van de Rite in de Kerk wat het precies moest doen. Het Lot maakte het grootste deel uit van de magische signatuur, en daarbij in mindere mate Krachten met een sprankel Primaire. Zou door middel van het lot en moedertje natuur het waterpeil onder de kerk moeten zakken? Gezien de regenval van de laatste dagen mocht het lot hen zeker gunstig zijn als dat water zou zakken wanneer ze Kamiels verhaal in ogenschouw nam..
Ze wilde eens goed praten met haar collegae, er was duidelijk een kleine doorbraak gedaan als de feiten bleken te kloppen. Ze deed het boek rustig dicht en zette deze terug op de plank. Ze liep terug naar de tafel en het was even alsof ze 'tegen water inliep' zonder nat te worden. Toen ze eenmaal 'vaart' had, als in wandelsnelheid, was het effect weg. Ze kwam terug bij haar stoel staan en legde haar armen over elkaar. Ze had eigenlijk niet gesproken maar wilde toch zeker zijn dat Kamiel begreep wat hij nu moest doen. Zacharie had het niet expliciet gezegd. Met haar hese stem vulde ze de dokter aan.
"Ikzelf weet genoeg momenteel, het is een schat aan informatie die we hebben opgedaan. Ik had enkel gewild dat het onder betere omstandigheden had plaats gevonden. Met die telefoonnummers zou u ons zeer helpen.
Verder denk ik dat we de situatie maar moeten afhandelen zoals we van te voren al hadden bepaald, met alle discretie en voorzichtigheid, vanuit ons en de Parochieraad. We zouden niet willen dat de pers en andere instanties nu lucht zou krijgen van mogelijke verbintenissen met de kerk. Dat zou destructief zijn voor alle betrokken partijen. "
door Assunkill Wandraak, 4788 / 5034 gepost: 28-5-2009 om 15u33
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Kamiel nam een laatste diepe trek van zijn sigaret, en duwde de peuk toen uit in een kleine, goedkoop uitziende asbak. Hij nam een dunne kartonnen map uit één van de lades, en begon door de papieren te bladeren, op zoek naar het telefoonnummer. Terwijl hij bladerde, sprak hij opnieuw.
“Ik begrijp uw bezorgdheid en deel haar. Ja, ik begrijp uw standpunt volkomen. Maar ik zit toch nog met een probleem, ziet u. De Walczaks waarschuwden me voor Satanisten. Ik hechtte er geen geloof aan, maar een dag later was de ene dood en de ander ei zo na. Ik heb dus alle reden om aan te nemen dat zij toch de waarheid spraken. En dus dat hun bewering over een duivels ritueel, vannacht onder het Justitiepaleis, wel eens zou kunnen kloppen. ”
De voorzitter van de parochieraad bleek het telefoonnummer dat hij zocht te hebben gevonden. Hij scheurde een blaadje van een blocnote en schreef het nummer over. Hij gaf het papiertje aan de dokter.
“Nogmaals, ik begrijp dat u de politie en ook de kerk hier nog even wil buiten laten, en ik zou dat zelf ook liefst doen. Maar als zij niet ingrijpen vannacht, wie dan wel? ”
door Raska mandraak, 9340 / 10390 gepost: 29-5-2009 om 15u49
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Robin was zozeer met allerlei complottheorieën bezig dat hij maar half hoorde wat Kamiel aan het zeggen was. In zijn hoofd liep de journalist al rond in vochtige gangen, op zoek naar zijn Pulitzerprijs.
'Wat?' Robin veerde ei zo na recht uit zijn stoel. 'Vannacht? Zou dat ritueel vannacht al plaatsvinden?'
Hij probeerde de implicaties daarvan in te schatten. Ze zouden zo snel mogelijk terug naar de jeugdherberg moeten, daar de nodige dingen meenemen en dan zo snel mogelijk naar het justitiepaleis. Een nachtje niet slapen, kon wel.
En dan zouden ze het paleis binnen moeten kunnen. En wat met Buizerd? Misschien moesten ze eerst Buizerd contacteren, misschien wist die een weg naar binnen.
'Als we dit discreet willen houden, geloof ik dat dit momenteel aan ons besteed is. Het feit dat ze ook in de kerk zijn geweest, wil zeggen dat ze belangen hebben bij de hele zaak en dat is net onze taak. Wij maken ons zorgen om de kerk.
Het lijkt me dan ook geen slecht plan om met ons drie naar het justitiepaleis te gaan en daar de nachtwaker te waarschuwen. Hij zal dan wel beslissen wat het beste is om te doen en we kunnen hem daarbij aanmanen de nodige discretie in acht te nemen. Dat kunnen we niet als we hier en nu naar de politie bellen.'
Robin stond recht uit zijn stoel. 'Maar dan moeten we wel snel zijn.'
door malkav achterban(k), 6667 / 7020 gepost: 1-6-2009 om 17u34
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
De oude dronkaard, die vanavond waarschijnlijk van ellende nuchter was gebleven, leek zeer blij te zijn van de initiatieven die zij als onafhankelijk onderzoeksteam voorlegden. Ze leunde een beetje in elkaar gezakt over de rugleuning van de oude stoel. Ze knikte instemmend toen Robin aangaf om te vertrekken. Zacharie zag er ook uit alsof hij genoeg wist. Voldaan leunde hij in de stoel en leunde voorover op het bureau. Annelies hoopte dat de dokter via ongekende paden alle informatie uit Kamiel had gekregen die zij nodig zouden kunnen hebben.
"Vooralsnog weten we niet eens of er wel iets gáát gebeuren bij het Justitie paleis,.. dus laten we alsjeblieft niet te hard van stapel lopen.
Zoals mijn collega al aangaf; er is zeker haast geboden als er waarheid ligt in dit verhaal. Het valt momenteel zeker in het verlengde van de opdracht die we verkregen hebben van de Bisschop.
Laten we dan ook maar geen slapende honden wakker maken. Want ik zou zelf de woorden satanist en ritueel niet over mijn lippen kunnen krijgen tegenover politie of anderen,. het spijt me, ik blijf ietwat sceptisch. "
Zacharie gaf verder niets te blijken dat hij nog verdere vragen had aan Kamiel, anders had hij haar wel geïnterrumpeerd toen beide collegae aan hadden gegeven te vertrekken. Als Kamiel nu enkel nog de telefoonnummers gaf waar zij om gevraagd hadden konden ze gaan.
"Dus als we die telefoonnummers hebben kunnen we gaan en het Justitie paleis inspecteren, daar gearriveerd kunnen we altijd zien wat we doen. We zullen vanavond nog terug contact opnemen met u meneer Eeckhout, lijkt u dat een goede voorlopige afspraak? "
De dokter knikte naar haar en stond op terwijl hij een resolute 'inderdaad' uitsprak en Kamiel zijn hand reikte.
door Raska mandraak, 9349 / 10390 gepost: 1-6-2009 om 20u31
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Even later stonden ze weer aan de deur. Buiten was het fris, donker en het weer was onaangenaam. Toch kon Robin het niet laten om een toertje om zijn as te draaien.
'Weet je wat het is met dat justitiepaleis?' barstte hij bijna onmiddelijk los. 'Het Justitiepaleis is op de Galgenberg gebouwd. De Galgenberg! Waar vroeger veroordeelde misdadigers werden opgehangen!' Robin had zin om er naartoe te gaan. Met zijn camera in de hand zou hij een schitterende reportage kunnen draaien.
'Op die heuvel ging Vesalius 's nachts lijken stelen om het menselijk lichaam te bestuderen. En wat meer is...' Hij stak zijn vinger omhoog. 'De kelders van het justitiepaleis zouden het hart geweest zijn van een obscure vrijmetselaarij organisatie. Het steekt daaronder verdorie tjokvol gangen die nergens naartoe leiden en die afgesloten zijn door hekken waar niemand officieel nog een sleutel van heeft.'
Hij wreef zichzelf in de handen. 'Perfect toch?' Hij glimlachte en keek alsof hij zich plots iets bedacht. 'Dan moeten we snel zijn!' Hij draaide weer een halve draai rond zijn as en stak zijn vinger in de lucht. 'Taxi!'
Buiten was het donker en de adrenaline raasde door Robin zijn lijf. Kom maar op, dacht hij, kom maar op met die erkenning.
door Assunkill Wandraak, 4798 / 5034 gepost: 2-6-2009 om 23u26
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Hun taxichauffeur was een vriendelijke zwarte man met een mond vol gouden tanden. Hij stelde zich minzaam voor als Raymond en voerde zijn klanten naar de hoek van de Hoogstraat en de Sint-Ghislainstraat en dat gebeurde, zo wist Robin zeker, beslist niet langs de kortste weg.
Raymond babbelde de hele weg vrolijk over de problemen die hij had met zijn ex-vrouw, haar ziekelijke jaloezie op zijn nieuwe vriendin, en de jaloezie van die vriendin op zijn ex-vrouw. Hij leek meer op zijn passagiers op de achterbank te letten dan op de weg, en moest meer dan eens bruusk bijsturen om ongelukken te voorkomen. De risico's die hij nam leken hem net min uit zijn humeur te kunnen brengen als de zwijgzaamheid van het trio dat hij vervoerde. Hij bleef praten en lachen, en de meter bleef tikken...
Toen Raymond hen eindelijk afzette waar ze moesten zijn, viel de stilte van de avond tegelijk verrassend en aangenaam op de drie magiërs die zich nu op enkele kleine straatjes van het befaamde justitiepaleis bevonden. Het enorme gebouw was van hier nog niet te zien, maar voor sommigen leek het toch een schaduw over de plaats te werpen...
door malkav achterban(k), 6677 / 7020 gepost: 4-6-2009 om 11u08gewijzigd door malkav 4-6-2009 om 13u32
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Ze stonden op de hoek van de Hoogstraat en Rue Saint-Ghislain en Annelies voelde een kleine tinteling over haar lichaam gaan. Ze wist nog niet of het lag aan mogelijke regen en onweer in de lucht of de aanwezigheid van Magie. De jonge magister wist dat het Justitiepaleis vlakbij was omdat Robin dit had gezegd, maar ook al kon ze het gebouw niet zien, ze voelde [instinctief?] dat het nabij was. Ze keek de taxi na die de grimmige avond inreed en schudde een keer met haar hoofd in aftocht van de gebekte chauffeur..
"Had je die kerel niet even 'uit kunnen zetten'? Ik kon mezelf haast niet horen denken. ", zei ze met een flauwe glimlach tegen Zacharie die haar antwoordde enkel met een knipoog. Zo vaak sprak ze niet en deze keer was de timing ook wat ernaast. Sociaal contact en dingen als 'het ijs breken' gingen haar niet echt makkelijk af en het leek misschien wat geforceerd. Ze probeerde in elk geval.
Hetgeen er in de lucht hing voelde zeker bekend voor haar maar ze kon haar vinger er niet op leggen. Het was alsof er iets op het puntje van je tong lag maar dan enkel gevoelsmatig. Een herinnering die niet de hare was. Alle Magisters leken een soort collectief geheugen te hebben als het aankwam op vele Supernale zaken, haar collegae maakten waarschijnlijk hetzelfde mee nu.
Annelies begon te lopen in de richting waarvan zij dacht dat het de juiste was maar feitelijk begonnen ze alle drie tegelijk te lopen. Als motten naar een vlam misschien? Ze had Robin nog willen gebaren de weg te leiden maar dit dus bleek niet nodig te zijn.
"Voelen jullie dat ook?
De sluier tussen de werelden lijkt hier inderdaad dunner te zijn. ", sprak ze heesjes.
door Raska mandraak, 9362 / 10390 gepost: 4-6-2009 om 21u54
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Sluier tussen de werelden? Terwijl het weer guurder en guurder werd, speelde er een klein glimlachje om zijn mond terwijl hij naar Anna keek. Hij was hier verdorie met een sneltempo in een of ander high-fantasyboek van Feist aan het belanden. De sluier der de werelden, een scheuring in de realiteit,... Hij glimlachte ermee, maar wist goed genoeg dat Anna waarschijnlijk geen onzin aan het verkopen was. Zelf voelde hij er niets van.
Toen ze dichter en dichter in de buurt van het grote gebouw kwamen, probeerde Robin zich te herinneren wat hij allemaal wist van het justitiepaleis. Hij was er meer dan eens geweest om een of ander proces te filmen. En zoals dat op zo'n momenten gebeurt, was hij toen niet binnengekomen met de grote trom maar via een of ander zijdeurtje. Er waren massa's zij-ingangetjes en als hij zich niet vergiste werd het hele gebouw tussen 10 en kwart na tien 's avonds helemaal afgesloten. Hij nam zijn gsm uit zijn broekzak en keek naar het uur. Ietsje voor tienen.
'We moeten snel zijn' zei Robin. 'Rond tien uur sluit de hele boel, maar als we snel zijn, kunnen we nog een nachtwaker vinden.' Wat ze tegen die nachtwaker zouden zeggen, wist hij niet. Hij hoopte dat Philippe nog een of ander truuckje achter de hand had. 'Na tienen is het gebouw afgesloten en wordt het bewaakt door groep 4 tot de boel rond acht uur 's ochtends weer open gaat.'
Tijdens het wandelen, nam hij zijn camera uit zijn cameratas en zette hem aan. Snel nam hij wat beelden van de omgeving en het opdoemende justitiepaleis. Een sfeerschets voor zijn audio-visuele Pulitzerprijs.
Hij draaide zich naar Anna. 'Of moeten we dit voorzichtig aanpakken en een of andere magische strategie uitdokteren voordat we naar binnen hollen?'
door Assunkill Wandraak, 4802 / 5034 gepost: 5-6-2009 om 19u07
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Via de Hoogstraat, de Kapucijnenstraat en uiteindelijk de Miniemenstraat bereikte het trio het gargantueske Justitiepaleis. Het was niet moeilijk om te in te beelden dat er talloze kleine zij-ingangen in dit gebouw waren, en ook niet dat het enorme kelderverdiepingen had waarvan urban legends gemakkelijk mysterieuze doolhoven kon maken.
Het monsterachtige gebouw lag donker en stil te wachten op het bezoek. Er brandde nergens licht meer en ook de straten rond het paleis waren verlaten. Voor wie dacht dat hij in dit gebouw misschien een satanisch ritueel ging verstoren, maakte het geheel een weinig geruststellende indruk. De grillige vorm wierp vreemde schaduwen en de warme, klamme atmosfeer leek wel door het paleis zelf te worden uitgestraald.
door malkav achterban(k), 6687 / 7020 gepost: 9-6-2009 om 10u39
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Toen ze het groteske pand naderden werd het gevoel wat over Annelies heen kwam alles behalve minder. Ze wist dat het niet de aanwezigheid van magie was die ze voelde. Het was anders, heel anders. De jonge Magister kon niet anders concluderen dat de 'ambiance' die hier hing haast dezelfde was als dat ze bij de kerk had gevoeld. Het was een dikke dreigende resonantie die geen identiteit leek te hebben. Alsof het niet van deze wereld was.
Terwijl ze liep was ze in gedachten verzonken toen haar oog viel op een kleine anomalie nabij een van de vele portiekjes verderop. Ze zette snel de weinige informatie die ze had op een rijtje om te antwoorden op Robin's vraag. Ze draaide zich naar haar collegae en wende haar hoofd direct weer af toen de journalist zijn camera in haar gezicht stak.
"Haal dat ding uit m'n porum." , sprak ze een beetje zeurderig terwijl ze haar uitgestrekte hand voor de lens hield.
"Ik verwacht niet dat ze ons binnen zullen laten,.. maar we moeten naar binnen.
Als we eenmaal binnen zijn hoeven we ons misschien geen zorgen te maken over elektronische beveiliging, daar kan ik wel een mouw aan passen.
Interactie met mensen zal aan dokter Zacharie toebehoren,.. en ik hoop dat we op wat geluk en voorkennis kunnen rekenen, iets wat een Journalist eigen hoort te zijn.. "
Ze gebaarde naar het kolossale complex.
"De resonantie van dit pand heeft ook geen identiteit, net zoals de kerk. Ik begin het vermoeden te krijgen dat deze twee locaties ankers zijn van een andere dimensie.
'Een satanistisch ritueel' klinkt plots zo vreemd niet meer, al is dat nog steeds het verkeerde woord. "
De jonge magister liep richting de portiek waar ze het residu van magie had gezien zojuist.
"Wacht,.. de Patronen zijn gewijzigd hier in dit portiek. "
Annelies kon niet in één oogopslag zien wat er veranderd was maar het stond vast dat er hier magie was gebruikt. Met wat geluk konden zij via hier naar binnen. Ze bestudeerde de Patronen in de portiek en trachtte deze te analyseren.
door Raska mandraak, 9389 / 10390 gepost: 10-6-2009 om 18u50
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Annelies stond bij het portiek en Robin maakte nog een paar beelden met zijn camera. Daarbij probeerde hij Annelies zo weinig mogelijk in beeld te brengen omdat ze duidelijk had aangegeven dat ze niet gediend was van een camera in haar buurt. Hij zou nog een klein beetje van de omgeving filmen en dan stoppen zodat hij zich op het echte probleem kon concentreren: binnen geraken.
Plots zag Robin in een straat lager een witte auto vertrekken. Hij zoomde een beetje in en zag duidelijk het logo van group 4 securicor verdwijnen. Het feit dat het autootje vertrok, wilde zeggen dat alles waarschijnlijk potdicht zat en dat ze te laat waren om eventueel met de nachtwaker te spreken.
Eigenlijk maar goed dat alles zo werd afgesloten, bedacht hij zich. In het justitiepaleis bevonden zich akelig veel spullen zoals dossiers en bewijsmateriaal die maar beter niet in verkeerde handen zouden vallen. Dat het zo goed was afgesloten vond hij als journalist af en toe jammer, maar als goede burger was hij er maar wat blij mee.
Hij zette de camera uit, het zoomen stopte en hij stak hem weg in zijn cameratas. Met een zucht keek hij naar Annelies en Zacharie. De dokter zag er gespannen uit. Waarschijnlijk was het niet helemaal zijn ding om zo in de nacht in te breken in een staatsgebouw. Het was ook Robin zijn stijl niet. Onwillekeurig gingen Robin zijn ogen naar boven. Her en der zag hij stenen en tirlantijntjes als hand- en voetsteunen uit het bouwwerk steken en even vroeg hij zich af of ze er niet al klimmend zouden kunnen inbreken? Een open raam ofzo.
Hij richtte zijn aandacht weer op Annelies. Misschien had zij voldoende geluk zodat ze zoiets niet zouden moeten doen.
door Assunkill Wandraak, 4808 / 5034 gepost: 14-6-2009 om 0u34
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Het was vreemd en misschien ook een beetje onnozel, maar deur die er zo zwaar en weerbarstig uitzag, schoof zacht open toen Annelies er tegen duwde. Het gebeurde onverwacht, maar zonder het minste gepiep of gesteun. Achter de deur lag duisternis, maar uit die duisternis sprong niet tevoorschijn, er schuifelde niets haastig weg, er steeg geen geur van verrotting op. De deur viel open en dat was alles. Iemand had, bewust of onbewust, de weg voor het trio vrijgmaakt.
In de gang waartoe de deur toegang verschafte brandde geen licht, maar uit ramen die hoog in de muur zaten viel het flauwige schijnsel van de Brusselse lichtvervuiling binnen. De muren waren hoog en alles leek hier buitenissig groot: de zuilen waren te dik, hun sokkels te hoog, de deurlijst te zwaar. Het plafond was misschien wel vijf meter hoog, hoewel de gangen maar goed twee meter breed waren. Hoewel het vanuit architecturaal oogpunt wat bespottelijk was, was het ook indrukwekkend. De drie indringers voelden zich een ogenblik erg nietig tussen al dit stenen geweld.
Dokter Zacharie keek aandachtig rond. Toen zijn ogen gewend waren aan het halfduister, kon hij zien dat de er een lange gang recht op de deur uitkwam, maar dat ze ook meteen naar links en naar rechts konden. Er was nergens een teken van leven te bespeuren. Met een schone zakdoek depte hij wat zweetdruppels van zijn voorhoofd. Hij gaf het niet graag aan zichzelf toe, maar hij was nerveus. Zijn buikgevoel zei hem dat zijn kennismaking met het bestaan van magie nog maar een eerste stap was geweest, en dat de tweede gauw zou volgen. Dokter Zacharie was niet zeker of hij zo tuk zou zijn op die tweede stap.
"En nu? Wat doen we nu? Welke richting moeten we uit? "
Hoewel niemand hen kon horen, fluisterde Philippe Zacharie.
door Raska mandraak, 9400 / 10390 gepost: 15-6-2009 om 12u55
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Het leek Robin wel heel verdacht dat die deur zomaar open ging. Hij kende de hoofdingang, de dienstingangen en zelfs de achterdeurtjes langs waar ze soms mensen in en uit het gebouw probeerden te smokken als ze de media wilden vermijden. Maar deze deur had hij nog nooit gebruikt.
De verklaring die hij kon verzinnen voor het feit dat Anna gewoon de deur kon openduwen, vond hij dan ook niet leuk. Een deur die nooit gebruikt werd, wordt waarschijnlijk niet door de nachtwaker gecontroleerd. En als er dan een magiër zichzelf een sleutel zou verschaffen... Waarom had die magiër de deur dan laten openstaan? Zou hij hen verwachten?
Binnen was het duister en de gigantische zuilen overvielen Robin een beetje. Het duurde even voordat hij zich in de hal kon oriënteren. Hij zuchtte en probeerde zijn ogen te laten wennen. Langzaamaan begon hij, geholpen door de straatlampen van buiten, meer en meer te zien.
Welke kant zou de magiër zijn uitgegaan? Het was oorverdovend stil binnen en het druppen van hun jassen op de grond viel des te harder op. Hij keek naar beneden en zag dat ze alledrie natte voeten hadden. Snel zocht hij naar andere voetsporen.
Zijn oog viel op een aantal vage vlekken op de grond.
Opgedroogde vlekken,... het zag er uit dat het schoenen van één persoon. Dat zou al mooi zijn: één persoon zouden ze met zijn drie nog wel aankunnen. Een man met een grote schoenen, blijkbaar. Hij dacht spontaan aan Buizerd. 'Dag grote man.' zei Robin steeds tijdens hun eerste contact een paar dagen geleden. Buizerd was een boom van een vent.
Hij tikte Anna aan en wees naar de voetstappen op de grond.
'Ik denk dat we in die richting moeten zei hij tegen Zacharie.
door malkav achterban(k), 6698 / 7020 gepost: 28-6-2009 om 9u28
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Annelies knikte en volgde haar collegae. Ze tuurde de groteske hal rond en probeerde haar bewustzijn af te stemmen op alle energie velden om haar heen.
De open deur had duidelijk de onorthodoxe magische signatuur die ze ook bij de Sint Niklaas kerk had gezien,.. dit was hoogstwaarschijnlijk het werk geweest van Buizerd en consorten. De reden dat de deur nog open was leek haar te wijzen op het feit dat de andere magisters een noodzaak zagen om een duidelijke en makkelijke vluchtweg te hebben. Iets wat zou kunnen wijzen op een boven gemiddeld gevaar ergens in de krochten van deze gigant waarin ze zich nu bewogen.
Annelies wilde een vergelijking met Monstro niet hardop maken, de verschrikkelijke walvis uit de boeken van Carlo Collodi. Dezelfde walvis die Gepetto en Pinocchio oplslokte. Hoe dan ook, Buizerd had hen de weg gewezen naar het 'spuitgat'.
Annelies zag dat de ruimte desolaat was van elektriciteit. Ze had niet het idee dat deze op magische wijze was afgesneden en het duurde even voordat ze de stroming van elektrische deeltjes vond. Hoog tegen het plafond, weggewerkt in een hoek en langs muren liepen elektrische kabels. Met het blote oog had ze deze nooit gevonden. Ze zocht naar camera's of bewegingssensors, de meer delicate vormen van beveiliging. Al die apparaatjes hadden stroom nodig,.. of straalden een energie uit wat na verstoring het alarm af liet gaan. Ze vond niets van dat. Het was niet dat het alarm uitgeschakeld was er bleek gewoonweg geen alarm aanwezig te zijn, zelfs geen brandalarm. Wel een brandblusser, op een onhandige plaats achter een zuil gehangen. Het viel haar op omdat de metalen huls lichtjes statisch geladen was. Er hing een etiket op, dat vertelde dat het apparaat de laatste keer gecontroleerd en goedgekeurd werd door de brandwaar, en wel in oktober 1983. Een verbijsterende ontdekking.
"Maak jullie geen zorgen over het alarm, dat hebben ze hier niet eens..
Buizerd en consorten zijn hier trouwens ook, ik herkende zijn magische signatuur. "
, ze aarzelde even maar sprak toch door,
"Kunnen jullie je ook niet aan de indruk ontdoen dat deze Buizerd misschien ook is ingebroken om iets te verijdelen, net zoals wij? "
door Raska mandraak, 9449 / 10390 gepost: 29-6-2009 om 14u53
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
'Pfff, zou kunnen' begon Robin. 'Ik vind het best wel een sympathieke kerel en hij heeft spontaan zijn hulp aangeboden een paar dagen geleden toen hij me kwam waarschuwen.' Robin fluisterde. Het geluid weergalmde zachtjes door de grote hal. 'Het kan goed zijn dat je gelijk hebt Anna, maar achter wie zijn we dan wel aan het aanlopen?'
Robin keek naar de voetstappen. 'Er is maar één paar natte voetstappen op de grond. Geen twee. Het lijkt me sterk dat onze onbekende magiër nog voor het begin van de regen het gebouw is binnengelopen. Of hij moet via een andere ingang zijn gekomen natuurlijk.' Dat was best mogelijk. Het justitiepaleis zat vol met kleine zijdeurtjes.
Hij pufte zjin adem zachtjes naar buiten. 'Sowieso kunnen we niets anders doen dan die vieze voetstappen zo voorzichtig mogelijk achterna te lopen.' Hij keek naar zijn collega's. 'Zullen we?'
door Assunkill Wandraak, 4822 / 5034 gepost: 30-6-2009 om 9u29
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Dokter Zacharie keek een beetje onwennig naar de opgedroogde natte vlekken. Waren ze nu op het niveau gekomen dat ze in een jongensavontuur figureerden en voetsporen volgden? Hij keek achter zich en zag dat hij net dezelfde natte vegen naliet. Dat kwam ervan als je hele dag over natte straatstenen moest spurten. Hij prees zichzelf gelukkig dat hij nooit met minder dan het beste Italiaanse leder genoegen nam voor zijn schoeisel. Eén keer flink laten opborstelen en zijn schoenen zouden er weer piekfijn uitzien.
Toen hij de deur achter hen sloot – niemand moest wat hij hem betrof zien hoe ze stonden te twijfelen in welke verboden richting ze het gebouw zouden binnendringen – viel het flauwe licht van de straatlampen grotendeels weg. De hal bleef schemerig, de drie gangen hulden zich in een diepe duisternis.
Zacharie schraapte zijn keel even en probeerde een deel van zijn nervositeit weg te slikken. “Ik maak wat licht...” . Op het touchscreen van zijn smartphone selecteerde hij 'flashlight'. Een difuse cirkel van blauwig licht werd in de gang geworpen. Niet genoeg om de architectuur te kunnen bewonderen misschien, maar toch om niet over tredes te struikelen of tegen pilaren aan te botsen. Philippe Zacharie waagde zich de gang in.
door malkav achterban(k), 6706 / 7020 gepost: 4-7-2009 om 18u04
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
De telefoon van de dokter wierp een diffuse gloed van blauw licht rond hen heen. De gang was zo'n drie passen breed en diens muren reikte de eindeloze duisternis in boven hen waardoor er in plaats van een plafond een sterrenloze nachthemel leek te ontstaan. De lucht was hier erg droog en het riekte dan ook stoffig en muf. Het rook ook echt naar 'oud gebouw'. Het was alsof er in geen twintig jaar nog iemand was langs gekomen – al wisten zij zelf natuurlijk wel beter.
De gang liep een hele tijd rechtdoor, zonder dat ze zijgangen of deuren tegen kwamen. Na enige tijd begon de gang naar beneden te hellen. Ze liepen zachtjes bergaf. Ze merkten dat de lucht hier minder droog werd. Op plaatsen waar zij niet konden zien stond waarschijnlijk schimmel en mos.
De gladde marmeren bekleding maakte plaats voor massief metselwerk met grote bakstenen. Ze betraden de fundering van de marmeren kolos.
Het aflopen van de vloer zagen ze duidelijk toen er na verloop van tijd nissen in de muur verschenen die met smeedijzeren tralies waren afgesloten. De traliedeuren hingen recht in de stalen sponningen en de vloer eronder liep schuin. De nissen stonden symmetrisch tegenover mekaar en erboven hing telkens een nummer op een metalen plaatje. De ruimtes waren een meter of twee diep en voor zover zij konden zien waren ze allen leeg. Ieder hek was afgesloten met een stevige ketting en een klassiek ogend hangslot, waaraan ook telkens een klein plaatje met een nummer hing, corresponderend met het nummer boven de nis.. Ze kon zich inderdaad wel inbeelden dat het zonder nummers wel eens erg moeilijk zou kunnen worden om de juiste sleutel te vinden…
Het deed een beetje aan cellen denken: drie wanden van massieve steen en eentje met een ijzeren hek… Na een paar lege nissen kwamen ze er eentje tegen die vol kartonnen dozen was gestouwd. Uit de dozen puilden papieren en mappen. Blijkbaar was dit een soort opslagruimte of zo. Annelies dacht even hardop en mompelde wat; Als je van papier af wilde en een champignon kwekerij wilde beginnen was dit inderdaad de ideale plaats om het op te slaan. Robin deelde die gedachte. Hij kon zich niet voorstellen wie hier nog dossiers zou komen opdiepen. Als papieren hier terecht kwamen, waren ze voorgoed verloren, of er moest een verdomd goede archivaris aanwezig zijn.
Terwijl Annelies de donkere gang doorliep naar beneden, merkte ze dat het eigenaardige, beklemmende gevoel aanwezig bleef en misschien zelfs sterker werd. De aanwezigheid van elektronisch apparatuur zoals camera's en alarmen had ze al uitgesloten daarom was ze weer gaan vertrouwen op haar Supernale visie maar deze leverde weinig op. Ze passeerden verschillende nissen, de meesten leeg, sommigen met kartonnen dozen en houten kratjes waar nog meer papieren in zaten.
Na een tijdje merkte ze opnieuw een minieme fractie magisch residu. Het was bijna exact dezelfde spreuk als aan de zijdeur was gebruikt, en het hing rond een hangslot van een smalle nis. Ze hield even in en zag dat het geen nis was. Daar achter lag een trap naar beneden. Het hangslot rond deze deur was opnieuw vast, maar ze zag dat de ketting de deur niet meer sloot: ze was er omheen gedrapeerd om niet verdacht over te komen. Ze kon de traliedeur gewoon openen.
Als ze het minieme magisch residu niet had opgemerkt, was ze hier waarschijnlijk gewoon voorbij gestapt… Buizerd, of iemand met dezelfde onorthodoxe manier van magie weven, voerde zijn werk precies en voorzichtig uit.
"Hier moeten we zijn,.. de toegang naar de maag van deze gigant "
Zo voorzichtig als zij kon maakte ze het hek open en glimlachte naar haar collegae wat er misschien wat eigenaardig uitzag in het schrale blauwe licht van Zacharies smartphone.. Ze waren gearriveerd op hun , vermoedelijke, eindbestemming.
Robin kon zich nog min of meer een idee vormen van waar ze in het gebouw zaten. Het leek alsof de gang rechtdoor liep, maar volgens Robin was het eerder een constante flauwe bocht naar links. Zijn richtingsgevoel gaf er bijna de brui aan en hij hoopte dat Zacharie of Anna zich beter bewust waren van waar ze juist zaten.
Annelies stak de schede van de crucifix achter haar riem op de rug en hield de grote dolk zelfverzekerd in haar handen. Ze deed enkele stappen naar beneden in het nauwe trapgangetje.
door Assunkill Wandraak, 4831 / 5034 gepost: 28-7-2009 om 22u53
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Langzaam en in onduidelijke bochten kronkelde de trap zich naar beneden. De treden van grote, gepolijste blokken arduin leidden de late bezoekers steeds dieper de ingewanden van het monsterlijke gebouw in. De smartphone wierp zijn zachtblauwe gloed voor zich uit, die op haar beurt grillige en pikzwarte schaduwen voor zich uit wierp.
Dokter Zacharie sloot de rij. De trap was te smal om naast mekaar te lopen. Hij hielde zijn telefoon hoog voor zich, zodat het zijn metgezellen mee konden genieten van het licht. De dokter voelde het zweet in zijn perfect getrimde nek prikken. Hij had het graag met een zakdoek weggeveegd, maar hij voelde een zekere spanning in de bedompte lucht hangen die zo'n triviaal gebaar niet zou verdragen. De dokter liet de zakdoek waar hij was en concentreerde zich op de trap. Daar was concentratie voor nodig: de treden waren beslist te hoog en te kort gemaakt. Philippe Zacharie moest steeds dieper door zijn knie gaan dan aangenaam was om met zijn andere voet de volgende trede te voelen, en zijn voet paste dan nog niet volledig op die tree. Als hij steun zocht bij de muren, werd hij geconfronteerd met het onaangenaam plakkerige vocht dat er in vette droppels op de ruwe steen stond, alsof de steen zelf ook zweette. Het was, kortom, weinig comfortabel afdalen.
Lang nadat iedereen de tel van het aantal treden en elk gevoel voor richting verloren was, leek de trap plots te stoppen. De gang liep nog ruim anderhalve meter verder, en ging toen over in een houten trap. Plots bevonden er zich zich klamme, beklemmende muren meer naast de treden, maar slechts zware, donkerhouten trapleuningen. Daarnaast tastte je letterlijk in het duister. Wellicht waren ze in een tamelijk grote ruimte terecht gekomen, want het oplichtende scherm slaagde er niet in om muren te tonen, of eender wat anders dan de houten trap en het gat in het stenen plafon waaruit het trio zonet was voorzichtig was neergedaald.
Vooraan de rij stopte Annelies. De dokter, die zover niet veel detail kon zien, vroeg zich af waarom.
door Raska mandraak, 9481 / 10390 gepost: 30-7-2009 om 16u00
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Robin botste bijna tegen de dokter op toen die bruuks halt hield. Robins oriëntatievermogen was zelden optimaal geweest, maar nu had de journalist geen flauw idee meer van waar ze ergens zaten. Zaten ze nog onder het gebouw? Hij zou het niet kunnen zeggen. Hij kuste zijn twee handen vanwege het feit dat ze eigenlijk alleen maar rechtdoor waren blijven lopen. Ze zouden de weg naar buiten nog wel kunnen vinden.
Robin had vroeger de officiële plannen van het gebouw wel eens onder ogen gehad en ook de apocriefe versies van sukkels die in samenzweringstheorieën geloofden, maar hij was zeker dat hij deze ruimte op geen enkel van die plannen had zien staan.
Vreemd, ze waren er vrij gemakkelijk in gelopen en het leek hem geen moeilijk te vinden ruimte. Waarom stond het dan niet op een of andere kaart?
Zijn vingers streken over zijn camera. De XL2 had nightvision mode. Hij kwam in de verleiding om het te gebruiken, maar durfde niet met een camera in de hand die lastige trap af te dalen. Hij had zijn beide handen en al zijn concentratievermogen nodig om in deze duisternis niet mis te stappen.
Daarbij stond zijn nachtzicht intussen behoorlijk scherp. Robin zag dat de trap eindigde op een soort rioolwatervlakte. Daarom was Annelies plots gestopt met dalen.
Hij keek om zich heen, maar zag nergens muren. Al leek het wel dat er op een grote afstand een pilaar te onderscheiden viel. Hij liet zijn adem zachtjes naar buiten stromen, wachtend op het moment dat Annelies zou verder lopen.
door malkav achterban(k), 6716 / 7020 gepost: 12-9-2009 om 14u43gewijzigd door malkav 12-9-2009 om 14u55
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Ze had niet gedacht dat zij op zo'n punt zouden aanbelanden, ze had nauwe gangen verwacht, een ' kerker' als je wil. Neen, de vloer was hier verdwenen en had plaats gemaakt voor iets wat op het eerste zicht een enorme watervlakte leek. Een volgende trede zag ze niet meer. Ook de robuuste houten balustrade hield hier op.
Haar ogen waren intussen goed gewend aan het weinige licht, en ze zag dat het water oppervlak niet perfect glad was; er was een zekere beweging te zien. Dit kon twee dingen betekenen; of er was een stroming , of elders bewoog er iets of iemand door het water wat de beweging van het wateroppervlak tot stand bracht.
Ze zag ook hoe het water in minieme golfjes om de spijlen van de trap sloeg, en daardoor ook hoe deze enorme watervlakte blijkbaar nog geen centimeter diep was. Ze bukte en stak haar dolk in het water, het was inderdaad nog geen centimeter diep.
Nu ze gebukt zat en goed keek, zag ze inderdaad grote, stenen tegels onder het wateroppervlak doorschemeren. Het water had echter een vuilige, bruine kleur, en stonk naar rottende planten. Ze had niet het idee dat dit water brak was.
Ze zag nergens muren, maar terwijl ze rondkeek wist ze vrijwel instinctief welke richting ze wellicht uit moesten: het donkere beklemmende gevoel werd steeds sterker. Het voelde alsof het haar langzaam wurgde van binnenuit, zoals een grote wurgslang. Alleen leken het niet haar longen die in ademnood kwamen, maar haar ziel. Het voelde of haar gehele essentie het slachtoffer was geworden van een delfisch parasiet, een vreugdeloze macht zonder lichaam.
Ze had nog niet het idee dat ze zwakker werd maar ze lette er goed op dat de duisternis die in haar ziel drukte meer deed dan haar enkel dit beklemmende gevoel geven.
Ze zette voorzichtig een stap in het ondiepe water en klemde haar hand stevig rond het heft van de slanke dolk. De andere hand streek langs de kettinkjes en touwtjes rond haar nek.
De persoon, of personen die ze volgden waren meer bedreven in de kunsten die de macht hadden over de natuurkrachten. Een laagje water was misschien alles wat iemand nodig had om drie man met redelijk gemak uit te schakelen of te verhinderen. Ze voelde haar sokken ietwat vochtig worden, het was koud. Nu ze het water voelde concentreerde zij zich op de losse moleculen van het water. Als ze het voor elkaar wist te krijgen dat het water om hen heen niet meer kon geleiden waren ze alweer een eindje geholpen met het algemene idee van veiligheid.
Ze stapte voorzichtig verder, trachtend om niet te veel spetterend geluid te maken. Ze keek of haar collegae volgden.
door Assunkill Wandraak, 4853 / 5034 gepost: 16-9-2009 om 17u20gewijzigd door malkav 17-9-2009 om 21u58
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
De jonge magister bemerkte dat ze niet in staat was de geleidende eigenschappen van water te manipuleren en greep naar een noodoplossing. Ze concentreerde zich op de ontelbare atomen in de lucht. In haar geestesoog drukte ze deze tegen de grond om haar heen.
Het water verdween rond haar voeten en werd weggedrukt door de cirkel van kinetische energie die een doorsnede had van zo'n twee meter. De stenen waren nog steeds nat en glibberig maar het gezelschap had nu tenminste droge voeten en als bijkomstigheid maakte ze ook niet zoveel geluid.
Dokter Zacharie had het in andere omstandigheden bijzonder geapprecieerd dat zijn dure schoenen proper werden gehouden, maar nu ontging de zin van die actie hem volledig. Hij voelde zich echter evenmin in staat om kritische vragen te stellen. Hij had er geen idee van waar ze waren of wat er stond te gebeuren, en Annelies leek een beetje te weten wat ze deed. Dat volstond voorlopig voor Philippe Zacharie. Hij depte zijn voorhoofd opnieuw af en probeerde de knellende knoop in zijn maag te negeren.
Het gezelschap schoof langzaam vooruit in de richting die Annelies uitliep. Na enkele tientallen meters – het was moeilijk te zeggen hoeveel, de trap achter hen was al niet meer zichtbaar, er was enkel de alles opslorpende duisternis rond hen – stopte Annelies voor een zuil zoals Robin er al eerder één had opgemerkt toen hij nog op de trap stond. De zuil was vierkant en gemaakt van baksteen. Hij was ongeveer twee meter diep, twee meter breed en de hoogte viel moeilijk in te schatten omdat het plafond niet zichtbaar was. Op ongeveer één meter hoogte zat zwaar smeedijzeren traliewerk, dat een gat van zo’n halve meter op zo’n halve meter afsloot.
door malkav achterban(k), 6719 / 7020 gepost: 17-9-2009 om 22u17
Antw: Capitum 4: Late bezoekers
Het smeedijzeren hek leek de essentie te bevatten die Annelies vanaf het eerste moment had aangetrokken. Menig persoon was juist de andere richting opgelopen in volle snelheid. De kilte van de energie eiste een zekere tol van haar maar tot nu toe had ze weerstand kunnen bieden. Nu ze hier stond kon ze het gevoel wat ze had enkel beschrijven alsof ze in de muil van een beest staarde, een restant of reflectie van iets wat werkelijk niet van deze wereld was. Een zielloze aanwezigheid leeg van magie en leeg van leven. Iets wat beangstigend was voor haar omdat het in haar ogen werkelijk 'niets ' was.
Ze stopte zo'n twee meter voor de opening en bleef staan. Het heft van de dolk hield ze krampachtig vast, haar vingers bleker dan normaal doordat het bloed er grotendeels uit was getrokken. Terwijl ze daar stond voelde ze zich wat duizelen.
Ze bestuurde het ijzeren geval en er was duidelijk magie gebruikt. Ze zag in de essentie van het hek veranderingen die hun tekenen voornamelijk hadden achtergelaten om het hek heen, daar waar het steen raakte.
Het was zeker anders dan de magie die ze zou verwachten van Robin's Buizerd of de andere Congolezen.
De actieve zegels rond het hek waren nogal primitief en ruw maar wel heel degelijk aangebracht, iemand wist precies wat die deed. Het was een vervlechting van een aantal spreuken in het teken van het Lot, die er zeker al een tijdje stonden…
Ze stond de spreuk te bekijken en wilde juist aan de Journalist vragen wat hij er van dacht toen er in één enkele seconde plots heel veel tegelijk gebeurde. - Er was plotseling een overvloedige ontlading licht, een flits. Het was duidelijk in de verte geweest. Tegelijk galmde er luid geknal door de catacomben.
Annelies voelde voornamelijk dat er op redelijke afstand van hen iets magisch had plaatsgevonden. Haar neus vulde zich met de essentie van magisch residu.
Ergens begon ze het vermoeden te krijgen dat ze nu misschien voor eens en voor altijd bewijs zouden krijgen van de derde partij,.. naast de Polen dan. Ze keek haar groepsgenoten schuin aan en keek in de richting van de commotie.
Het gaat niet om het slot - het gaat om de deur.
naar boven
© mandragon web team - 2000-2010disclaimer - privacy 0.889 s